← België

Arrest 177000 - Milieuvergunningen - 22/11/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 22 november 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.177.000 Rolnummer: A. 108235/VII-24229 Zaak: Arrest 177000 - Milieuvergunningen - 22/11/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-12-05 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-06-30 04:10 Fiche Arrest nr 177.000 van 22 november 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 177.000 van 22 november 2007 in de zaak A.108.235/VII-24.

  1. In zake : de v.z.w. BLUE BIRDS, die woonplaats kiest bij advocaten I. LARMUSEAU, P. DE SMEDT en B. ROELANDTS, kantoor houdende te GENT, Kasteellaan 141 tegen : de deputatie van de provincie OOST-VLAANDEREN. tussenkomende partijen (in de schorsingsprocedure) :
  2. Valère DOSSCHE,
  3. Paula DENEVE, die woonplaats kiezen bij advocaat Gw. VERMEIRE, kantoor houdende te GENT, Voskenslaan
  4. ------------------------------------------------------------------------------------------------- -- DE VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de v.z.w. BLUE BIRDS op 30 juli 2001 heeft ingediend om de schorsing te vorderen van de tenuitvoerlegging van het besluit van de bestendige deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen van 23 mei 2001 waarbij een milieuvergunning, aangevuld met een bijzondere voorwaarde, wordt toegekend aan de verzoekende partij voor de uitbating van een terrein voor modelvliegtuigen aan de Moerstraat te Zomergem; Gezien het gelijktijdig ingediende verzoekschrift waarbij dezelfde verzoekende partij de nietigverklaring vordert van hetzelfde besluit; Gelet op het arrest nr. 102.223 van 20 december 2001 waarbij de tussenkomsten van Valère DOSSCHE en Paula DENEVE in het administratief kort geding worden ingewilligd en de debatten worden heropend; VII-24.229-1/3 Gelet op het verslag opgemaakt door auditeur P. PROVOOST, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen; Gelet op de beschikkingen van 20 augustus 2007, houdende oproeping van de partijen om te verschijnen op 4 oktober 2007; Gehoord het verslag van kamervoorzitter L. HELLIN; Gehoord de opmerkingen van advocaat L. PROOT die, loco advocaat I. LARMUSEAU verschijnt voor de verzoekende partij, en van bestuurssecretaris-jurist C. WILLE, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend, behoudens wat de kosten betreft, advies van auditeur P. PROVOOST; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat het thans bestreden besluit door de Raad van State werd vernietigd bij arrest nr. 173.393 van 12 juli 2007, gewezen in de zaak A. 108.029/VII-24.191; dat de vordering tot schorsing aldus zonder voorwerp is en moet worden verworpen; Overwegende dat artikel 30, § 5, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, aan de Raad van State de mogelijkheid biedt om, in geval een beroep doelloos wordt, in één arrest uitspraak te doen over de vordering tot schorsing en het annulatieberoep, zonder dat dat laatste beroep aanleiding geeft tot de betaling van enig recht; dat de kosten van de vordering tot schorsing ten laste van het Vlaamse Gewest worden gelegd, VII-24.229-2/3 BESLUIT: Artikel
  5. De vordering tot schorsing en het annulatieberoep worden verworpen. Artikel
  6. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van het Vlaamse Gewest. De kosten van de tussenkomsten in de schorsingsprocedure, bepaald op 247,90 euro, komen ten laste van de tussenkomende partijen, elk voor de helft. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tweeëntwintig november tweeduizend en zeven, door : de H. L. HELLIN, kamervoorzitter, Mevr. E. IMPENS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, E. IMPENS. L. HELLIN. VII-24.229-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.177.000 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2001:ARR.102.223 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.