id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 18 december 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.177.964 Rolnummer: A. 146953/X-11730 Zaak: Arrest 177964 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 18/12/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-01-09 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-06-30 04:41 Fiche Arrest nr 177.964 van 18 december 2007 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK.nr. 177.964 van 18 december 2007 in de zaak A. 146.953/X-11.
- In zake : Eric COLIN, die woonplaats kiest bij advocaat J-P LEROI, kantoor houdende te 4000 LIEGE, Rue des Buissons 81 tegen :
- de gemeente VOEREN, die woonplaats kiest bij advocaat H. SEBREGHTS, kantoor houdende te 2018 ANTWERPEN, Mechelsesteenweg 27,
- het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat L. DEHAESE, kantoor houdende te 3500 HASSELT, Luikersteenweg
- tussenkomende partij : Fredericus BANENS, die woonplaats kiest bij advocaat W. MERTENS, kantoor houdende te 3580 BERINGEN, Scheigoorstraat
- DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Eric COLIN op 23 januari 2004 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 19 juni 2003 van de gemeenteraad van Voeren waarbij aan Fredericus BANENS de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het regulariseren van interne verbouwingswerken op een perceel gelegen te Voeren, Kwinten 45, kadastraal bekend sectie B, nrs. 542/m-n; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst, op 14 april 2004 ingediend door Fredericus BANENS; X-11.730-1/3 Gelet op de beschikking van 23 april 2004, die de tussenkomst van Fredericus BANENS toelaat; Gezien de memorie van antwoord van de eerste verwerende partij, de memorie van wederantwoord ten aanzien van de eerste verwerende partij en de toelichtende memorie ten aanzien van de tweede verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd F. DE BUEL; Gelet op de beschikking van 16 januari 2007, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 24 januari 2007; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater, § 1 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat in het auditoraatsverslag de verwerping van het beroep wordt voorgesteld; dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij melding heeft gemaakt van artikel 21, zesde lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater, § 1 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Overwegende dat de verzoekende partij binnen de termijn van dertig dagen, bepaald in voornoemd artikel 21, zesde lid, geen verzoek tot voortzetting van de procedure heeft ingediend; dat krachtens die wetsbepaling te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt; dat, op grond van het toenmalige artikel 14quater, § 1 van voornoemd besluit van de Regent, de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; X-11.730-2/3 Overwegende dat de verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord, BESLUIT: Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op achttien december 2007, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. G. SCHEVENEELS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. R. STEVENS. X-11.730-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.177.964 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div