← België

Arrest 178079 - Overheidsopdrachten - 20/12/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 20 december 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.178.079 Rolnummer: A. 181679/XII-5047 Zaak: Arrest 178079 - Overheidsopdrachten - 20/12/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-12-28 Raadplegingen: 62 - laatst gezien 2026-06-30 04:46 Fiche Arrest nr 178.079 van 20 december 2007 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 178.079 van 20 december 2007 in de zaak A. 181.679/XII-

  1. In zake : de NV PUTMAN GEBROEDERS, die woonplaats kiest bij advocaten Chr. Lepaffe en M. Lahbib, kantoor houdende te 1180 Brussel, Floridalaan 26 tegen : de VLAAMSE OPERA ANTWERPEN, die woonplaats kiest bij advocaat D. De Keuster, kantoor houdende te Antwerpen, Graanmarkt
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de NV Putman Gebroeders op 13 maart 2007 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing “die het coördinatiebureau CDB op 8 februari 2007 heeft genomen, en die de tegenpartij bij een op 12 februari gedateerd en op 14 februari 2007 door verzoekster ontvangen aangetekend schrijven aan deze laatste heeft ter kennis gebracht, krachtens dewelke zij de offerte die verzoekster n.a.v. de door tegenpartij op 7 november 2006 bij algemene offerteaanvraag uitgeschreven opdracht, uitgebrachte offerte, niet heeft weerhouden, en deze opdracht toevertrouwd heeft aan een derde firma, de Stakebrand B.V.”; Gelet op het arrest nr. 172.516 van 21 juni 2007 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan de verzoekende partij op 28 juni 2007; XII-5047-1/3 Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Gezien het feit dat de verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : De procedure Naar luid van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest. Bij de kennisgeving van het tussenarrest aan de verzoekende partij heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van de tekst van voornoemd artikel 17, § 4ter, alsook van artikel 15ter, § 1, derde en vijfde lid, van het koninklijk besluit van 5 december
  3. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing is verworpen, zodat te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt. XII-5047-2/3 OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  4. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  5. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Het door de verzoekende partij teveel gekweten recht van 175 euro dient haar te worden terugbetaald. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twintig december 2007, door : de H. D. VERBIEST, kamervoorzitter, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-5047-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.178.079 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.172.516 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.