id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Beschikking van 26 oktober 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ORD.1.432 Rolnummer: A. 185449/-0 Zaak: Cassatiebeschikking 1432 - Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen - 26/10/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-11-05 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-30 04:55 Fiche Beschikking nr 1.432 van 26 oktober 2007 Vreemdelingen - Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen Beslissing : Niet toegelaten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Afdeling administratie Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. BESCHIKKING BETREFFENDE DE TOELAATBAARHEID IN ADMINISTRATIEVE CASSATIE nr. 1432 van 26 oktober 2007 in de zaak A. 185.449 In zake : XXXXX, die woonplaats kiest bij advocaat M. VANDEVELDE, kantoor houdende te 1785 MERCHTEM, Kouter 60 tegen: de commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen. --------------------------------------------------------------------------------------------------------------- --- DE WND. VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXXXX, van Iraakse nationaliteit, op 10 oktober 2007 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van de beslissing van 11 september 2007 van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen, waarbij het beroep wordt verworpen, aan de verzoekende partij ter kennis gebracht per aangetekend schrijven verzonden op 11 september 2007; Gelet op de ontvangst van het administratief dossier op 22 oktober 2007; Gelet op artikel 20 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, zoals gewijzigd door artikel 8 van de wet van 15 september 2006 tot hervorming van de Raad van State en tot oprichting van een Raad voor Vreemdelingenbetwistingen; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; In een enig middel wordt aangevoerd dat de bestreden beslissing verkeerdelijk toepassing heeft gemaakt van het algemeen rechtsbeginsel “fraus omnia corrumpit”, door te stellen dat de verzoekende partij niet zou beschikken over het rechtens vereiste belang, zoals bepaald door artikel 39/56 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen. De verzoekende partij geeft toe dat zij voordien een valse identiteit heeft gebruikt, maar stelt dat zij bij haar laatste asielaanvraag - waarop de thans bestreden 1/3 beslissing betrekking heeft - haar werkelijke identiteit heeft opgegeven, waardoor er te dezen geen toepassing kan worden gemaakt van het beginsel “fraus omnia corrumpit”. De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen heeft geoordeeld dat overeenkomstig het algemeen rechtsbeginsel “fraus omnia corrumpit” geen gunstig gevolg kan worden verleend aan het beroep van een vreemdeling die opeenvolgende asielaanvragen heeft ingediend onder verschillende identiteiten. De Raad voor Vreemdelingenbetwistingen beoordeelt op onaantastbare wijze of er al dan niet een bedrieglijke opzet aanwezig is. Wanneer de Raad van State als cassatierechter een jurisdictionele beslissing aan de wet toetst, treedt hij niet op als rechter in hoger beroep die op aanvraag van de rechtzoekende de ware toedracht van de feiten gaat beoordelen. Het feit dat de verzoekende partij het niet eens is met de beoordeling van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen maakt op zich geen middel uit tot vernietiging van de bestreden beslissing. Uit het onderzoek van het cassatieberoep blijkt dus dat het niet voldoet aan de vereisten voor de toelaatbaarheid ervan, bepaald in artikel 20, §2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, BESLUIT: Artikel 1. Het beroep is niet toelaatbaar. Artikel 2. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. 2/3 Aldus, na beraad, te Brussel uitgesproken, op zesentwintig oktober tweeduizend en zeven, door : de H. E. BREWAEYS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. G. SCHEVENEELS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. E. BREWAEYS. 3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ORD.1.432 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.