← België

Cassatiebeschikking 270 - Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen - 23/02/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Beschikking van 23 februari 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ORD.270 Rolnummer: A. 180403/-0 Zaak: Cassatiebeschikking 270 - Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen - 23/02/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-02-27 Raadplegingen: 45 - laatst gezien 2026-06-30 05:05 Fiche Beschikking nr 270 van 23 februari 2007 Vreemdelingen - Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen Beslissing : Niet toegelaten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Afdeling administratie Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. BESCHIKKING BETREFFENDE DE TOELAATBAARHEID IN ADMINISTRATIEVE CASSATIE nr. 270 van 23 februari 2007 in de zaak A. 180.

  1. In zake : XXXXX, die woonplaats kiest bij Advocaat S. VAN ROSSEM, kantoor houdende te 2018 ANTWERPEN, Boomgaardstraat 93 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Binnenlandse Zaken. ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------- -- DE VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXXXX, op 19 januari 2007 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van de beslissing van de Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen van 13 december 2006 waarbij wordt geweigerd hem te erkennen in de hoedanigheid van vluchteling; Gelet op de ontvangst, op 26 januari 2007, van het dossier van de zaak; Gelet op artikel 20 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, zoals gewijzigd door artikel 8 van de wet van 15 september 2006 tot hervorming van de Raad van State en tot oprichting van een Raad voor Vreemdelingenbetwistingen; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat verzoeker niet kan worden gevolgd waar hij in een enig middel de schending aanvoert van de “motivering” op grond van de overweging “dat de voorwaarden voor het verlenen van de subsidiaire bescherming zijn voldaan en (...) dan ook niet (begrijpt) dat hij hierover niets terugvindt in de beslissing”; dat de bestreden beslissing uitvoerig uiteenzet waarom de subsidiaire beschermingsstatus aan verzoeker wordt geweigerd; Overwegende dat, bij ontstentenis van een ontvankelijk rechtsmiddel, het administratief cassatieberoep zelf onontvankelijk is, 180.403-1/2 BESLUIT: Artikel
  2. Het beroep is niet toelaatbaar. Artikel
  3. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus, na beraad, te Brussel uitgesproken op drieëntwintig februari tweeduizend en zeven, door : de HH. A. BEIRLAEN, kamervoorzitter, C. VERHAERT, griffier. De griffier, De voorzitter, C. VERHAERT. A. BEIRLAEN. 180.403-2/2 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ORD.270 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.