id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Beschikking van 07 mei 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ORD.501 Rolnummer: A. 182584/-0 Zaak: Cassatiebeschikking 501 - Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen - 07/05/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-05-14 Raadplegingen: 47 - laatst gezien 2026-06-30 05:11 Fiche Beschikking nr 501 van 7 mei 2007 Vreemdelingen - Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen Beslissing : Niet toegelaten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Afdeling administratie Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING ADMINISTRATIE. BESCHIKKING BETREFFENDE DE TOELAATBAARHEID IN ADMINISTRATIEVE CASSATIE nr. 501 van 7 mei 2007 in de zaak A. 182.584 In zake : XXXXX, die woonplaats kiest bij advocaat S. FIORELLI, kantoor houdende te 1050 BRUSSEL, Louizalaan 221 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken. -------------------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd.VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXXXX, op 19 april 2007 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van de beslissing van 22 februari 2007 van de Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen, waarbij het beroep wordt verworpen; Gelet op het administratief dossier, aangekomen ter griffie op 2 mei 2007; Gelet op artikel 20 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, zoals gewijzigd door artikel 8 van de wet van 15 september 2006 tot hervorming van de Raad van State en tot oprichting van een Raad voor Vreemdelingenbetwistingen; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat artikel 149 van de Grondwet stelt dat “elk vonnis (...) met redenen (is) omkleed”; dat artikel 57/22 van de wet van 15 december 1980 betreffende de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemde- lingen (Vreemdelingenwet) bepaalt dat de beslissingen van de Vaste Beroepscommissie voor de vluchtelingen met redenen worden omkleed met vermelding van de omstandigheden van de zaak; dat in de bestreden beslissing de middelen van de verzoekende partij worden weergegeven waarna met weerlegging van die middelen tot de ongeloofwaardigheid van het asielrelaas en dientengevolge tot de verwerping van het beroep wordt besloten; dat het enige middel in die mate kennelijk ongegrond is; 182.584-1/2 Overwegende dat de verzoekende partij voor het overige met een eigen interpretatie van haar verklaringen en met de verwijzing naar een rapport van 2006 betreffende de situatie van de mensenrechten in XXXXX in wezen een nieuwe feitelijke beoordeling van de zaak vraagt, waarvoor de Raad van State als administratieve cassatierech- ter niet bevoegd is; dat het enige middel in die mate niet-ontvankelijk is, BESLUIT: Artikel 1. Het beroep is niet toelaatbaar. Artikel 2. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus, na beraad, te Brussel uitgesproken op zeven mei tweeduizend en zeven, door : de HH. C. ADAMS, staatsraad, J. CASNEUF, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, J. CASNEUF. C. ADAMS. 182.584-2/2 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ORD.501 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.