← België

Cassatiebeschikking 779 - Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen - 18/06/2007

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Beschikking van 18 juni 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ORD.779 Rolnummer: A. 183371/-0 Zaak: Cassatiebeschikking 779 - Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen - 18/06/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-06-25 Raadplegingen: 47 - laatst gezien 2026-06-30 05:21 Fiche Beschikking nr 779 van 18 juni 2007 Vreemdelingen - Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen Beslissing : Niet toegelaten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Afdeling administratie Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. BESCHIKKING BETREFFENDE DE TOELAATBAARHEID IN ADMINISTRATIEVE CASSATIE nr. 779 van 18 juni 2007 in de zaak A. 183.

  1. In zake : XXXXX, tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Binnenlandse Zaken. ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------- -- DE VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXXXX, op 16 mei 2007 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van de beslissing van de Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen van 26 maart 2007 waarbij wordt geweigerd hem te erkennen in de hoedanigheid van vluchteling; Gelet op de ontvangst, op 6 juni 2007, van het dossier van de zaak; Gelet op artikel 20 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, zoals gewijzigd door artikel 8 van de wet van 15 september 2006 tot hervorming van de Raad van State en tot oprichting van een Raad voor Vreemdelingenbetwistingen; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat verzoeker in een enig middel de schending aanvoert van de motiveringsplicht, zoals vervat in artikel 62 van de wet van 15 december 1980 met betrekking tot de toegang tot het grondgebied, het verblijf, de vestiging en de verwijdering van vreemdelingen, en de artikelen 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 met betrekking tot de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen; Overwegende dat de Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen een administratief rechtscollege is; dat bijgevolg zowel artikel 62 van voormelde wet van 15 december 1980 evenals de artikelen 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 niet van toepassing zijn op haar beslissingen; dat het middel niet ontvankelijk is; 183.371-1/2 Overwegende dat, bij ontstentenis van een ontvankelijk rechtsmiddel, het administratief cassatieberoep zelf onontvankelijk is, BESLUIT: Artikel
  2. Het beroep is niet toelaatbaar. Artikel
  3. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus, na beraad, te Brussel uitgesproken op achttien juni tweeduizend en zeven, door : de HH. A. BEIRLAEN, kamervoorzitter, C. VERHAERT, griffier. De griffier, De voorzitter, C. VERHAERT. A. BEIRLAEN. 183.371-2/2 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ORD.779 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.