id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Beschikking van 22 juni 2007 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2007:ORD.819 Rolnummer: A. 182848/-0 Zaak: Cassatiebeschikking 819 - Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen - 22/06/2007 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2007-07-05 Raadplegingen: 46 - laatst gezien 2026-06-30 05:24 Fiche Beschikking nr 819 van 22 juni 2007 Vreemdelingen - Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen Beslissing : Niet toegelaten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Afdeling administratie Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK BESCHIKKING BETREFFENDE DE TOELAATBAARHEID IN ADMINISTRATIEVE CASSATIE nr. 819 van 22 juni 2007 in de zaak A. 182.848 In zake : XXXXX, die woonplaats kiest bij advocaat P. VAN ASSCHE, kantoor houdende te 9000 GENT, Koning Albertlaan 128 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Binnenlandse Zaken. -------------------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXXXX, op 27 april 2007 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van de beslissing van 20 maart 2007 van de Vaste Beroepscommissie voor vluchtelingen; Gelet op het administratief dossier, verstuurd naar de griffie op 23 mei 2007; Gelet op artikel 20 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, zoals gewijzigd door artikel 8 van de wet van 15 september 2006 tot hervorming van de Raad van State en tot oprichting van een Raad voor Vreemdelingenbetwistingen; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat, anders dan de verzoekende partij voorhoudt, de beslissing van de Vaste Beroepscommissie voor Vluchtelingen van 20 maart 2007, waarbij het beroep van XXXXX, echtgenoot van de verzoekende partij, wordt verworpen, niet alleen steunt op het gebrek aan bewijs van gegronde vrees voor vervolging, maar onder meer ook op het feit dat “het ontbreken van identiteits- en reisdocumenten, zonder dat daarvoor een aannemelijke reden aanwezig is, ... de geloofwaardigheid van het asielrelaas (ondermijnt)”; dat het eerste middel feitelijke grondslag mist en aldus kennelijk ongegrond is; Overwegende dat de verzoekende partij in het tweede middel aanvoert dat de bestreden beslissing, gelet op de samenhang, dient te worden gezien als een 182.848-1/2 gevolgakte van de voor de Raad van State bestreden beslissing van haar echtgenoot, XXXXX; dat zij de middelen herneemt die XXXXX in de zaak met het nummer XXXXX tegen de hem aanbelangende beslissing van de Vaste Beroepscommissie voor Vluchtelingen van 20 maart 2007 heeft opgeworpen; dat het cassatieberoep van XXXXX met ‘s Raads beschikking nummer 818 van 22 juni 2007 niet toelaatbaar is verklaard, waarbij de kwestieuze middelen kennelijke niet-ontvankelijk of kennelijk ongegrond zijn bevonden; dat het tweede, derde en vierde middel aldus niet tot cassatie kunnen leiden, BESLUIT: Artikel 1. Het beroep is niet toelaatbaar. Artikel 2. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus, na beraad, te Brussel uitgesproken op tweeëntwintig juni tweeduizend en zeven, door : de HH. C. ADAMS, staatsraad, J. CASNEUF, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, J. CASNEUF. C. ADAMS. 182.848-2/2 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2007:ORD.819 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.