id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 17 januari 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.178.639 Rolnummer: A. 167300/XII-4561 Zaak: Arrest 178639 - Overheidsopdrachten - 17/01/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-01-25 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-29 07:30 Fiche Arrest nr 178.639 van 17 januari 2008 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 178.639 van 17 januari 2008 in de zaak A. 167.300/XII-
- In zake : de NV VANDENBERG, die woonplaats kiest bij advocaat P. Flamey, kantoor houdende te Antwerpen, Jan Van Rijswijcklaan 16 tegen : de REGIE DER GEBOUWEN, die woonplaats kiest bij advocaten K. Ronse en V. Petitat, kantoor houdende te 1050 Brussel, G. Macaulaan
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de NV Vandenberg op 8 december 2005 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “
- de beslissing van 30 september 2005 vanwege de Regie der gebouwen waarbij werd beslist de overheidsopdracht voor werken betreffende het leveren en plaatsen van infrastructuur voor datacommunicatie ten behoeve van de Federale Overheidsdiensten (bestek nr. 20/3330/DAT/FED/VR/2004) te gunnen aan de N.V. Siemens (eerste bestreden beslissing);
- De impliciete beslissing van 30 september 2005 vanwege de Regie der gebouwen waarbij werd beslist de overheidsopdracht voor werken betreffende het leveren en plaatsen van infrastructuur voor datacommunicatie ten behoeve van de Federale Overheidsdiensten (bestek nr. 20/3330/DAT/FED/VR/2004) niet te gunnen aan de N.V. Van Den Berg (tweede bestreden beslissing)”; Gelet op het arrest nr. 173.206 van 5 juli 2007 waarbij de vordering tot schorsing bij uiterst dringende noodzakelijkheid van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dit arrest aan de verzoekende partij op 10 juli 2007; XII-4561-1/3 Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 15ter, § 1, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, dat de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Gezien het feit dat de verzoekende partij niet heeft gevraagd om te worden gehoord; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : Naar luid van artikel 17, § 4ter, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest. Bij de kennisgeving van het tussenarrest aan de verzoekende partij heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van de tekst van voornoemd artikel 17, § 4ter, alsook van artikel 15ter, § 1, derde en vijfde lid, van het koninklijk besluit van 5 december
- De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissingen is verworpen, zodat te haren aanzien een vermoeden van afstand van het geding geldt. XII-4561-2/3 OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Het door de verzoekende partij op het beroep tot nietigverklaring gekweten zegelrecht van 175 euro dient haar te worden terugbetaald. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zeventien januari 2008, door : de H. D. VERBIEST, kamervoorzitter, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-4561-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.178.639 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2005:ARR.151.417 ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.173.206 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.