← België

Arrest 178743 - Openbaar ambt van Gemeenschappen en Gewesten - Aanwerving en loopbaan - 21/01/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 21 januari 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.178.743 Rolnummer: A. 76399/IX-805 Zaak: Arrest 178743 - Openbaar ambt van Gemeenschappen en Gewesten - Aanwerving en loopbaan - 21/01/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-01-29 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-29 07:30 Fiche Arrest nr 178.743 van 21 januari 2008 Openbaar ambt - Openbaar ambt van Gemeenschappen en Gewesten - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 178.743 van 21 januari 2008 in de zaak A. 76.399/IX-

  1. In zake : Odile VAN DE VIJVER, die woonplaats kiest bij advocaat W. DAEM, kantoor houdende te ZELLIK, Noorderlaan
  2. tegen : de Vlaamse Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, die woonplaats kiest bij advocaat P. DEVERS, kantoor houdende te GENT, Kouter 71-
  3. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Odile VAN DE VIJVER op 18 november 1997 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 17 september 1997 van de leidend ambtenaar van de administratie Ondersteunende Studies en Opdrachten, waarbij Willy VAN WALLEGHEM met ingang van 1 oktober 1997 wordt aangewezen tot afdelingshoofd van de afdeling Elektriciteit en Mechanica - Gent, alsmede van het besluit van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Vervoer en Ruimtelijke Ordening van 29 september 1997 waarbij voormeld besluit bekrachtigd wordt; Gelet op het arrest nr. 73.924 van 28 mei 1998 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit wordt verworpen; Gezien het verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend op 25 juni 1998 door de verzoekende partij; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; IX-805-1/6 Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd W. VAN NOTEN; Gelet op de beschikking van 25 juli 2000 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien het verzoek tot voortzetting door de verzoeker en de laatste memorie van de verwerende partij; Gelet op de beschikking van 17 december 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 8 januari 2008; Gehoord het verslag van kamervoorzitter P. LEMMENS; Gehoord de opmerkingen van advocaat P. COOLS, die loco advocaat W. DAEM verschijnt voor de verzoeker, en van advocaat P. DEVERS, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur- afdelingshoofd W. VAN NOTEN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : Over de gegevens van de zaak 1.
  4. Op het ogenblik van de bestreden besluiten is de verzoeker ambtenaar met de graad van directeur-ingenieur bij het ministerie van de Vlaamse Gemeenschap. Bij besluit van 6 december 1996 heeft de directeur-generaal van de administratie Ondersteunende Studies en Opdrachten van het departement Leefmilieu en Infrastructuur met ingang van 1 januari 1997 een einde gesteld aan IX-805-2/6 de aanwijzing van de verzoeker als afdelingshoofd van de afdeling Elektriciteit en Mechanica - Gent. Dit besluit werd bij besluit van 16 december 1996 door de Vlaamse minister van Openbare Werken, Vervoer en Ruimtelijke Ordening bekrachtigd. De verzoeker heeft tegen beide besluiten een beroep tot nietigverklaring en een vordering tot schorsing bij de Raad van State ingediend (zaak A.73.154/IX-778). Bij arrest nr. 71.635 van 9 februari 1998 is de vordering tot schorsing verworpen. Bij arrest nr. 122.614 van 9 september 2003 is ook het beroep tot nietigverklaring verworpen. 1.
  5. Met een besluit van de Vlaamse regering van 11 maart 1997 wordt het Vlaams personeelsstatuut (besluit van de Vlaamse regering van 24 november 1993 houdende organisatie van het Ministerie van de Vlaamse Gemeenschap en de regeling van de rechtspositie van het personeel) gewijzigd, onder meer wat de aanwijzing van de afdelingshoofden betreft. Deze laatste wijzigingen worden omstandig toegelicht in de dienstmededeling CSG 97/1 van 26 maart
  6. Die mededeling bevat een lijst van 34 afdelingen in het ministerie, waaronder de afdeling Elektriciteit en Mechanica - Gent, die niet over een afdelingshoofd of een afdelingshoofd ad interim beschikken en waarvoor de Vlaamse minister bevoegd voor ambtenarenzaken de opdracht heeft gegeven om zo spoedig mogelijk na de inwerkingtreding van het voormeld besluit van 11 maart 1997 “een proces voor de aanwijzing van afdelingshoofden op te starten”. De dienstmededeling bevat voorts een toelichting bij het verloop van de procedure voor de aanwijzing van de afdelingshoofden. Zo dienen de kandidaten zich middels een formulier “Aanwijzing Afdelingshoofden”, samen met een nota omtrent hun beleidsvisie, tegen uiterlijk 25 april 1997 aan te melden bij de afdeling Wervingen en Personeelsbewegingen. Voor de functie van afdelingshoofd van de afdeling Elektriciteit en Mechanica - Gent stellen vier personen zich kandidaat. De verzoeker dient geen kandidatuur in. Bij besluit van de leidend ambtenaar van de administratie Ondersteunende Studies en Opdrachten van 17 september 1997 wordt Willy VAN WALLEGHEM met ingang van 1 oktober 1997 aangewezen tot afdelingshoofd van IX-805-3/6 de afdeling Elektriciteit en Mechanica - Gent. Dit besluit wordt bekrachtigd bij besluit van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Vervoer en Ruimtelijke Ordening van 29 september
  7. De besluiten van 17 en 29 september 1997 vormen het voorwerp van het voorliggende beroep. Over de ontvankelijkheid van het beroep 2.
  8. In haar memorie van antwoord werpt de verwerende partij een exceptie van onontvankelijkheid van het beroep op, afgeleid uit het gebrek aan belang in hoofde van de verzoeker. De verwerende partij laat gelden dat de verwerping van de vordering tot schorsing tegen de besluiten van 6 en 16 december 1996 waarbij aan de aanstelling van de verzoeker als afdelingshoofd van de afdeling Elektriciteit en Mechanica - Gent een einde is gemaakt, tot gevolg heeft dat deze besluiten uitvoerbaar zijn gebleven, en dat er dus wel degelijk een vacature van afdelingshoofd van de afdeling Elektriciteit en Mechanica - Gent was. De verzoeker heeft zich geen kandidaat gesteld voor enige functie van afdelingshoofd, ook niet voor de genoemde afdeling, zodat hij het belang mist om tegen de bestreden besluiten op te komen. Overigens kon, bij gebreke van een kandidatuur, niet worden nagegaan of de verzoeker aan de nieuw vastgestelde afdelingsspecifieke competenties van afdelingshoofd van de afdeling Elektriciteit en Mechanica - Gent voldeed. De verwerende partij wijst er tenslotte nog op dat de verzoeker niet is opgekomen tegen de beslissing om de betrekking van afdelingshoofd van de afdeling Elektriciteit en Mechanica - Gent vacant te verklaren. 2.
  9. De verzoeker repliceert dat hij zich geen kandidaat gesteld heeft omdat “dit geen enkele zin had nu dezelfde directeur-generaal die zijn aanwijzing had beëindigd ook de potentiële inschatting van de kandidaten moest geven”. 2.
  10. In beginsel doet degene die kennis heeft gekregen van de oproep tot de kandidaten voor een vacante betrekking, maar zich geen kandidaat heeft gesteld, niet blijken van het rechtens vereiste belang bij de nietigverklaring van de benoeming die in die betrekking werd gedaan. In dat geval ontbreekt immers het IX-805-4/6 geïndividualiseerde verband tussen de verzoeker en de bestreden benoeming, dat vereist is om de benoeming ontvankelijk te kunnen bestrijden. De zaken liggen slechts anders wanneer de verzoeker deugdelijke redenen had om zich geen kandidaat te stellen. De vraag of de verzoeker op het ogenblik van het instellen van het voorliggende beroep over het rechtens vereiste belang beschikte, ondanks het feit dat hij zijn kandidatuur niet gesteld had voor de functie waarop de bestreden benoeming betrekking heeft, kan te dezen opengelaten worden. Bij arrest nr. 122.614 van 9 september 2003 is verzoekers beroep tot nietigverklaring van het besluit van 6 december 1996 van de directeur-generaal van de administratie Ondersteunende Studies en Opdrachten waarbij zijn aanwijzing als afdelingshoofd van de afdeling Elektriciteit en Mechanica - Gent wordt beëindigd en van het besluit van 16 december 1996 van de Vlaamse Minister van Openbare Werken, Vervoer en Ruimtelijke Ordening houdende bekrachtiging van voormeld besluit, immers verworpen. Hierdoor staat thans vast dat verzoekers aanwijzing als afdelingshoofd definitief beëindigd is. Tevens staat thans vast dat de verzoeker zijn aanspraken op het verder uitoefenen van die functie verloren heeft. Thans moet dan ook aangenomen worden dat de verzoeker, door zich geen kandidaat te stellen voor de vacant verklaarde betrekking van afdelingshoofd van de genoemde afdeling, geen belang meer heeft bij de vernietiging van de benoeming die in die betrekking werd gedaan. Het feit dat hij vreesde op een negatieve beoordeling te stuiten van de bevoegde leidend ambtenaar, biedt immers geen deugdelijke verantwoording voor zijn afzijdig blijven. In zoverre is de exceptie gegrond. 2.
  11. Gelet op die conclusie, moet niet ingegaan worden op de bijkomende exceptie van onontvankelijkheid van het beroep, afgeleid uit het feit dat de verzoeker in de loop van de procedure op pensioen gesteld is, en aldus in elk geval geen actueel belang meer zou hebben. IX-805-5/6 OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  12. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  13. De kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 21 januari 2008, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : de HH. P. LEMMENS, kamervoorzitter, A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, D. MOONS, staatsraad, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. P. LEMMENS. IX-805-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.178.743 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:1998:ARR.73.924 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.