← België

Arrest 178909 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 24/01/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 januari 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.178.909 Rolnummer: A. 145347/VII-37039 Zaak: Arrest 178909 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 24/01/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-02-04 Raadplegingen: 57 - laatst gezien 2026-06-29 07:32 Fiche Arrest nr 178.909 van 24 januari 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) Beslissing : Vernietiging bekendmaking Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 178.909 van 24 januari 2008 in de zaak A. 145.347/VII-37.039. In zake : de gemeente NIEL, die woonplaats kiest bij advocaat M. APS, kantoor houdende te ANTWERPEN, Harmoniestraat 38 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat B. STAELENS, kantoor houdende te BRUGGE, Stockhouderskasteel, Gerard Davidstraat 46, bus 1. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, VIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de gemeente NIEL op 16 december 2003 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het besluit van de Vlaamse regering van 18 juli 2003 houdende definitieve vaststelling van het afbakeningsplan voor de Grote Eenheden Natuur en Grote Eenheden Natuur in Ontwikkeling van de Vallei van de Boven Zeeschelde van de Dender- tot de Rupelmonding, het Moer - Vlietvallei - Zuidelijk Eiland, Coolhem, Kleidaal en de Kleiputten van Niel- Terhaegen; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur G. DE BLEECKERE; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen en gezien de laatste memorie van de verwerende partij; Gelet op de beschikking van 8 november 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 13 december 2007; VII-37.039-1/9 Gehoord het verslag van staatsraad E. BREWAEYS; Gehoord de opmerkingen van advocaat K. BURY die, loco advocaat M. APS verschijnt voor de verzoekende partij, en van advocaat I. VANDEN BON die, loco advocaat B. STAELENS verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur G. DE BLEECKERE; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT 1. De feiten 1.1. Hoofdstuk V van het decreet van 21 oktober 1997 betreffende het natuurbehoud en het natuurlijk milieu (hierna : natuurbehouddecreet) heeft betrekking op het gebiedsgericht beleid. Het decreet regelt daartoe onder meer de afbakening van het Vlaams Ecologisch Netwerk (hierna : VEN). Artikel 17, §1, van het natuurbehouddecreet omschrijft het VEN als : "een samenhangend en georganiseerd geheel, van gebieden van de open ruimte waarin een specifiek beleid inzake het natuurbehoud, gebaseerd op de kenmerken en elementen van het natuurlijk milieu, de onderlinge samenhang tussen de gebieden van de open ruimte en de aanwezige en potentiële natuurwaarden wordt gevoerd". Luidens artikel 17, §2, omvat het VEN de volgende onderdelen : "1/ Grote Eenheden Natuur (GEN) : dit zijn gebieden die hetzij natuurelementen over een oppervlakte van minstens de helft van het gebied bevatten hetzij gebieden waarin een specifiek natuurelement met hoge natuurkwaliteit aanwezig is; 2/ Grote Eenheden Natuur in Ontwikkeling (GENO) : dit zijn gebieden die één of meer van de volgende kenmerken vertonen :

  1. a)aanwezigheid van natuurelementen, verspreid over de oppervlakte van het gebied, waarvan de gezamenlijke oppervlakte echter kleiner kan zijn dan de helft van het gebied;
  2. b)aanwezigheid van belangrijke fauna- of flora-elementen waarvan het voortbestaan moet worden ondersteund door de maatregelen inzake grondgebruik; VII-37.039-2/9
  3. c)terreinen al dan niet door kunstmatige ingrepen tot stand gekomen, met belangrijke mogelijkheden voor natuurontwikkeling". Het natuurbehouddecreet bepaalt dat de Vlaamse regering binnen vijf jaar na de inwerkingtreding ervan een effectief te realiseren oppervlakte van 125.000 ha afbakent (artikel 17, §1, tweede lid). 1.2. Op 19 juli 2002 beslist de Vlaamse regering tot voorlopige vaststelling van de ontwerpen van de afbakeningsplannen VEN - eerste fase. De beslissing omvat onder meer de voorlopige vaststelling van "het ontwerp van afbakeningsplan van de Grote Eenheden Natuur en Grote Eenheden Natuur in Ontwikkeling van de Vallei van de Boven Zeeschelde van de Dender- tot de Rupelmonding, het Moer - Vlietvallei - Zuidelijk Eiland, Coolhem, Kleidaal en de Kleiputten van Niel-Terhaegen". Op het grondgebied Niel bevat het voorlopig vastgesteld afbakeningsplan een strook van 50 meter breed langsheen de Boomsestraat. 1.3. Naar aanleiding van het openbaar onderzoek, dient de verzoekende partij een bezwaarschrift in waarin het volgende wordt gesteld : "3. Strook van 50 meter langsheen de Boomstraat (zie kaart gebied 3A en 3B) Gebied 3A: De Boomsestraat is een typische 'dijkstraat' zoals er in de Rupelstreek meerdere zijn terug te vinden. De unieke structuur ontstond door het uitgraven voor kleiwinning aan beide zijde van deze belangrijke verbindingsweg (N148). De straat is grotendeels door lintbebouwing ingevuld. Op het gewestplan werd het grootste deel van de bebouwde stroken als woongebied aangeduid. Deze woonstroken hebben een diepte van 50 meter vanaf de rooilijn. Sommige nietbebouwde terreinen werden evenwel op het gewestplan tot tegen de rooilijn groen ingekleurd als N-gebied. In de strook van 50 meter ten oosten en parallel aan de Boomsestraat ligt o.a. de hoofdcollector van de riolering die naar het RWZ-station Niel loopt. Daar waar de 50-meterstrook als woonzone op het gewestplan is ingekleurd, werd door de gemeente een fietspad aangelegd. De smalle en drukbereden Boomsestraat is immers zeer gevaarlijk voor de zwakke weggebruikers. In de gedeelten die als N-gebied werden bestemd, moet de 'missing link' van het reeds grotendeels gerealiseerde fietspad nog worden aangelegd. In de 50m- strook zijn eveneens parkeerhavens voorzien of reeds aangelegd. Deze zijn eveneens noodzakelijk voor de omgeving, aangezien er over het ganse traject van de Boomsestraat een parkeerverbod geldt. Wij wijzen er tevens op dat alle oppervlaktewater van het woon(vernieuwings)gebied ten westen van de Boomsestraat gravitair naar het oostelijk, lager gelegen gebied afwatert. Alhoewel een nieuwe hydrografische studie nog moet worden opgestart, zal het oppervlaktewater in de praktijk alleen via een ringgracht - die op de grens van de 50-meterstrook reeds gedeeltelijk aanwezig is - kunnen worden afgevoerd naar een pompstation. VII-37.039-3/9 Gebied 3B: Een deel van de 50-meterstrook werd in de jaren 80 aangevuld tot het niveau van de Boomsestraat en uitgerust met een parkeerplaats voor voertuigen. In deze strook bevinden zich eveneens een aantal woningen, die door onzorgvuldigheid van de gewestplanontwerper net binnen het N-gebied vallen. Na het opmaken van het gemeentelijk ruimtelijk structuurplan zal het gemeentebestuur de procedure inleiden om deze 'woonkorrel' opnieuw 'zone- eigen' te maken. De gemeenteraad van Niel wil een strook van 50 meter (zie kaart gebied 3A en 3B) parallel aan de Boomsestraat uit de VEN-afbakening houden". 1.4. Op 19 maart 2003 brengt de Mina-raad advies uit over het bezwaarschrift dat tijdens het openbaar onderzoek werd ingediend inzake het ontwerp van afbakeningsplan van het Vlaams Ecologisch Netwerk. Over het hierboven vermelde bezwaar adviseert de raad : "De Raad adviseert schrapping van de strook van 50 m langs de Boomsestraat (sectie B, deel van 246 l)". 1.5. Bij besluit van 18 juli 2003 stelt de Vlaamse regering het betrokken afbakeningsplan voor de Grote Eenheden Natuur en de Grote Eenheden Natuur in Ontwikkeling van de Vallei van de Boven Zeeschelde van de Dender- tot de Rupelmonding, het Moer - Vlietvallei - Zuidelijk Eiland, Coolhem, Kleidaal en de Kleiputten van Niel-Terhaegen definitief vast. In de motivering van dit besluit wordt over het door de verzoekende partij ingediende bezwaar niets gesteld. Dit is het thans bestreden besluit. 1.6. Dit besluit wordt gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 17 oktober 2003. 2. De ontvankelijkheid Ambtshalve wordt vastgesteld dat de verzoekende partij slechts belang heeft bij de nietigverklaring van het bestreden besluit in zoverre het de betrokken strook van 50 meter langs de Boomsestraat gedeeltelijk (het rood gearceerde gedeelte ter hoogte van 3 B op de kaart die verzoekende partij als stuk 6 neerlegt) zou opnemen in het afbakeningsplan. Dit gedeelte moet worden geacht van de andere gebieden waarop het afbakeningsplan betrekking heeft, afsplitsbaar te zijn. VII-37.039-4/9 3. De beoordeling 3.1. In een enig middel wordt de schending van de motiveringsplicht aangevoerd. Dit middel wordt in het verzoekschrift als volgt ontwikkeld en toegelicht : "Genomen uit de schending van de verplichting tot het formuleren van afdoende motivering, in casu een niet tegenstrijdige motivering. Doordat uit de motivering van het bestreden Besluit blijkt dat het advies van de MiNa-Raad m.b.t. de algemene bezwaren en de algemene situatieschets voor de gebiedsspecifieke adviezen wordt gevolgd met uitzondering van de in het Besluit opgegeven punten en de erna vermelde redenen. Dat onder deze geciteerde punten geen melding wordt gemaakt noch opmerking wordt geformuleerd m.b.t. de strook van 50 meter langs de Boomsestraat (sectie B, deel van 246 I) waaromtrent de MiNa-Raad de schrapping had geadviseerd (Besluit pag.2 en pag. 16 e.v.). Dat uit de motivering onmiskenbaar is af te leiden dat het advies van de MiNa-Raad m.b.t. de vermelde strook van 50 meter wordt gevolgd. Dat deze vaststellingen tegenstrijdig zijn aan de inhoud van het bij het bestreden Besluit gevoegde afbakeningsplan waaruit blijkt dat de bedoelde strook van 50 meter als medegearceerd wordt aangegeven, d.i. in het afbakeningsplan voor de Grote Eenheden Natuur en de Grote Eenheden Natuur en Ontwikkeling wordt begrepen. Het middel is gegrond". 3.2. De verwerende partij stelt in haar memorie van antwoord het volgende : "(...) De MiNa-Raad diende een advies te formuleren omtrent alle bezwaren. Op p. 241 van het advies dd. 19 maart 2003 van de MiNa-Raad wordt het bezwaar van de gemeenteraad van Niel besproken. M.b.t. 'een strook van 50 meter langsheen de Boomstraat (sectie B, deel van 2461)' adviseert de MiNa-Raad de schrapping (stuk 4). Het advies voor schrapping van een strook van 50 meter langs de Boomstraat had dus enkel betrekking op het gebied dat door verzoekende partij in haar bezwaarschrift aangeduid werd als 3A. De MiNa-Raad vermeldde in haar advies expliciet het deel van het perceel waarop haar advies betrekking had, dus met uitsluiting van het andere perceel, door verzoekende partij in haar bezwaar aangeduid als 3B. Bijgevolg is er - in tegenstelling tot wat verzoekende partij voorhoudt - geen sprake van een tegenstrijdigheid in de motivering. De Vlaamse regering trad m.b.t. bezwaar nr. 3, nl. m.b.t. de strook van 50 meter langsheen de Boomstraat, gebieden aangeduid op kaart door verzoekende partij onder nummer 3A en 3B, het advies van de MiNa-Raad volledig bij, wat wil zeggen dat de schrapping van het deel van het perceel kadastraal gekend als sectie S, deel van 246 l, doorgevoerd wordt, doch wat betreft gebied 3B, dat het bezwaar niet wordt bijgetreden, en de schrapping van dit gebied uit het VENgebied niet wordt doorgevoerd. Het bestreden besluit stelt op pagina 16 dat het advies van de MiNa-Raad met betrekking tot de algemene bezwaren en de algemene situatieschets voor de gebiedsspecifieke adviezen op de erna vermelde punten en om de erna vermelde redenen niet wordt gevolgd, waardoor a contrario afgeleid kan VII-37.039-5/9 worden dat het advies van de MiNa-Raad wél wordt gevolgd op alle punten die daarna niet worden vermeld. Na deze zinsnede vermeldt het bestreden besluit niets omtrent het bezwaar van de gemeente Niel omtrent de strook van 50 meter langsheen de Boomstraat omdat het advies van de MiNa-Raad daaromtrent volledig bijgetreden wordt. De motivering van het bestreden besluit is volledig in overeenstemming met het daarbij gevoegde afbakeningsplan waaruit blijkt dat de strook van 50 meter, gebied 3A geschrapt werd, en gebied 3B in het VEN-gebied gehouden werd.". 3.3. De verzoekende partij repliceert in haar memorie van wederantwoord als volgt : "De redenering van de verwerende partij loopt op verschillende punten mank, zoals blijkt uit het hiernavolgende : 1. Beide partijen hebben het ongetwijfeld over hetzelfde perceel, in haar bezwaar d.d. 12 november 2002 (stuk 7) door verzoekster aangeduid als '3B' met verwijzing naar de bij het bezwaar gevoegde kaart. In haar advies d.d. 19 maart 2003 (stuk 8) herneemt de MiNa-Raad als bezwaar van verzoekster: '

(5)een strook van 50 meter langsheen de Boomsestraat' en dit zonder verdere specificatie van de percelen 3 A en 3B'. De MiNa-Raad adviseert evenwel 'de schrapping van de strook van 50 meter langs de Boomsestraat', onder verwijzing naar 'sectie B. nr 262c4'. Deze laatste kadastrale verwijzing had en heeft evenwel geen betrekking op één van de door partijen bedoelde percelen 3A en 3B en betreft derhalve een verkeerde, niet bestaande kadastrale vermelding. Bovendien is uit het gestipuleerde 'de strook van 50 meter langs de Boomsestraat' geenszins af te leiden dat - in tegenstelling tot wat verweerster voorhoudt - het advies slechts betrekking had op een 'deel van het perceel' (memorie van antwoord verweerster) en dit 'met uitsluiting van het ander perceel'. Verzoekster mocht er dienvolgens terecht van uitgaan dat haar bezwaar in totaliteit werd bijgetreden nu de MiNa-Raad het bezwaar citeert als 'een strook van 50 meter langs de Boomsestraat' zonder enig nuttig onderscheid te maken tussen perceel 3 A en 3B. Uitgaande van het voorgaande is er een duidelijke tegenstrijdigheid tussen de motivering van het bestreden besluit en het daaraan gevoegde afbakeningsplan en is het opgeworpen middel gegrond. Op 26 maart 2004 bericht de MiNa-Raad de raadsman van verzoekster als volgt (stuk 13) : 'Voor het andere deel van de Boomsestraat (noordoostelijke deel of gebied 3B op bezwaarschrift nr 5759) vinden we na GIS-analyse (overlay gewestplan, kadasterplan en VEN-afbakening) dat hier vier woningen liggen: - Drie aaneengesloten woningen -kadasternummer 220k, 219k en 220L. Bijgevoegde kaart - in WORD versie - geeft hiervan een beeld. In het noorden ziet u een groot groen vlak - dit is het gebied met bestemming Natuurgebied. De begrenzing van het deel van dit gebied dat is opgenomen binnen de VEN-afbakening is weergegeven door een dikke blauwe lijn. Deze drie woningen - die deels in het groen liggen en deels in het oranje vlak - zijn niet opgenomen binnen de definitieve afbakening van het VEN. De blauwe lijn van de VEN-afbakening loopt duidelijk ten noorden van deze woningen. - Eén alleenstaande woning - kadasternummer 228g
  1. Het gaat hier om de woning die ten zuidwesten ligt van vorige woningen. Op kaart zal u VII-37.039-6/9 merken dat deze woning grotendeels in paars gebied ligt en voor een deel in het groen. Dit kleine deel is wel opgenomen binnen de VEN- afbakening. Zoals u op de kaart merkt loopt de blauwe lijn van de VEN- afbakening doorheen het perceel. Ik kan natuurlijk niet vooroplopen op die oefening die momenteel doorgevoerd wordt voor het VEN en die er op gericht is om de woningen die aan de grens liggen niet op te nemen binnen de afbakeningen kan en mag daar ook geen oordeel over vellen maar indien er correcties zullen worden doorgevoerd meen ik dat deze situatie zeker gevat zal worden (...)'. Vanuit deze recente interpretatie van de MiNa-Raad zou de tegenstrijd tussen de motivering van de bestreden beslissing en het daaraan gevoegde afbakeningsplan zich beperken tot de woning met kadastrale aanduiding nr 228g7 en zou het door verzoekende partij opgeworpen enig middel in die mate gegrond zijn. Nu de verwerende partij in haar memorie van antwoord evenwel stelt dat niet enkel de hiervoor gestelde vierde woning, doch het gehele perceel 3B (4 woningen) niet uit het VEN-gebied geschrapt werd, komt het verzoekende partij wenselijk voor dat Uw Hof het nodige onderzoek beveelt ertoe strekkende duidelijkheid te bekomen nopens de juiste draagwijdte van de motivering van de bestreden beslissing en het daaraan gevoegde afbakeningsplan m.b.t. het hele grondgebied van perceel 3B. Bij herhaling: Vanuit deze interpretatie van de MiNa-Raad, thans bij te treden door verzoekende partij, is het opgeworpen middel gegrond in zoverre blijkens het gevoegde plan de woning met kadastrale aanduiding nr 228g7 kennelijk niet uit het VEN-gebied geschrapt werd, terwijl verzoekende partij er vanuit de motivering van de bestreden beslissing mocht van uitgaan dat het gehele gebied 3A en 3B als 'strook van 50 meter langs de Boomsestraat' uit het VEN-gebied geschrapt werd (zie uiteenzetting hierboven onder 2.1)". 3.
  2. In haar laatste memorie herhaalt de verwerende partij nogmaals dat de kadastrale aanduiding noch verkeerd, noch onbestaande is, maar "de correcte en meest objectieve manier van het aangeven van een (deel van een) perceel, meer bepaald hetgeen verzoekende partij aanduidde als 'gebied 3A'". 3.
  3. De verwerende partij laat in haar memorie van antwoord en in haar laatste memorie verstaan dat zij van oordeel is dat het zogenaamde "gedeelte 3 B" is opgenomen in het afbakeningplan, zoals gevoegd bij het bestreden besluit, omdat, volgens haar, de Mina-raad niet de schrapping ervan had geadviseerd uit het voorlopig vastgestelde ontwerp. 3.
  4. Uit de mededeling van de Mina-raad van 26 maart 2004, die door de verzoekende partij wordt voorgelegd, blijkt dat, volgens deze raad, drie woningen die gelegen zijn in het "gedeelte 3 B" niet zijn opgenomen binnen de definitieve afbakening van het VEN, terwijl er nog een woning is die voor een klein gedeelte binnen het VEN is gelegen. VII-37.039-7/9 Uit het bovenstaande blijkt dat het bestreden besluit niet duidelijk is omtrent de vraag of het betrokken "gedeelte 3 B" al dan niet in het VEN is opgenomen. Volgens het bij het bestreden besluit gevoegde afbakeningsplan, en volgens de uitleg die de verwerende partij in haar processtukken verschaft, is dit wel het geval. Volgens de Mina-raad is dit minstens voor een gedeelte niet zo, terwijl juist moet worden aangenomen dat de verwerende partij het advies van de Mina-raad heeft gevolgd, aangezien uit de motivering van haar beslissing blijkt dat slechts motieven zijn opgenomen ingeval wordt afgeweken van dit advies of wanneer het wordt aangevuld en aangezien de motivering niets zegt over het door de verzoekende partij ingediende bezwaar. Het is dan ook niet duidelijk of het volledige "gedeelte 3 B" al dan niet is opgenomen in het bij het besluit gevoegde afbakeningsplan. Het bestreden besluit bevat een tegenstrijdige uitspraak over het bezwaar dat door de verzoekende partij werd ingediend. Het middel is gegrond, OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  5. Vernietigd wordt het besluit van de Vlaamse regering van 18 juli 2003 houdende definitieve vaststelling van het afbakeningsplan voor de Grote Eenheden Natuur en Grote Eenheden Natuur in Ontwikkeling van de Vallei van de Boven Zeeschelde van de Dender- tot de Rupelmonding, het Moer - Vlietvallei - Zuidelijk Eiland, Coolhem, Kleidaal en de Kleiputten van Niel-Terhaegen, in zoverre het de strook van 50 meter (3 B) langs de Boomsestraat gedeeltelijk opneemt. Artikel
  6. Dit arrest zal worden bekendgemaakt op dezelfde wijze als het vernietigde besluit. VII-37.039-8/9 Artikel
  7. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vierentwintig januari tweeduizend en acht, door de VIIe kamer, die was samen- gesteld uit : de HH. L. HELLIN, kamervoorzitter, J. LUST, staatsraad, E. BREWAEYS, staatsraad, Mevr. E. IMPENS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, E. IMPENS. L. HELLIN. VII-37.039-9/9 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.178.909 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.