id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 januari 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.179.065 Rolnummer: A. 184479/X-13373 Zaak: Arrest 179065 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 28/01/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-02-04 Raadplegingen: 52 - laatst gezien 2026-06-29 07:33 Fiche Arrest nr 179.065 van 28 januari 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 179.065 van 28 januari 2008 in de zaak A. 184.479/X-13.
- In zake : de c.v. REDEVCO RETAIL BELGIUM, die woonplaats kiest bij advocaten F. MARTENS en G. WINAND, kantoor houdende te 1300 WAVER, Chemin du Stocquoy 1-3 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door : - de minister van Economie, en - het Interministerieel Comité voor de Distributie, die woonplaats kiest bij advocaat J.-F. DE BOCK, kantoor houdende te 1060 BRUSSEL, Tasson-Snelstraat
- DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het enig verzoekschrift dat de c.v. REDEVCO RETAIL BELGIUM op 13 juli 2007 heeft ingediend, en waarin zij de schorsing van de tenuitvoerlegging vordert van de beslissing van 30 mei 2007 van het Interministerieel Comité voor de Distributie waarbij haar beroep tegen de weigeringsbeslissing van 16 april 2007 van het college van burgemeester en schepenen van de stad Ronse ontvankelijk maar ongegrond wordt verklaard en waarbij de machtiging voor de uitbreiding van een handelscomplex met twee eenheden, nl. een schoenenzaak Pronti met 240m² en een optiekzaak Pearl van 110m², tot een totale nettoverkoopruimte van 13.310m², in een gebouw gelegen langs de Cesar Snoecklaan te Ronse, wordt geweigerd ; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur L. VERMEIRE; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 16 oktober 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 23 november 2007; X-13.373-1/5 Gehoord het verslag van kamervoorzitter R. STEVENS; Gehoord de opmerkingen van advocaat F. MARTENS die verschijnt voor de verzoekende partij, en van advocaat J.-F. DE BOCK die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur L. VERMEIRE; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
- Overeenkomstig artikel 17, § 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen. Luidens artikel 17, § 3 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State dient de vordering tot schorsing een uiteenzetting van de middelen en de feiten te bevatten die volgens de indiener ervan het bevelen van de schorsing rechtvaardigen. Artikel 8, eerste lid, 3/ van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State bepaalt dat de vordering tot schorsing dient te bevatten “een uiteenzetting van de feiten die van aard zijn aan te tonen dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte de verzoekende partij een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen, waarbij alle stukken worden gevoegd die het risico op dergelijk nadeel aantonen”. Uit deze bepalingen volgt dat de verzoekende partij in haar verzoekschrift duidelijk en concreet dient aan te geven waarin precies het moeilijk te herstellen ernstig nadeel is gelegen dat zij ingevolge de onmiddellijke tenuitvoerlegging van het bestreden besluit ondergaat of dreigt te ondergaan en dat met niet in het verzoekschrift tot schorsing opgenomen feiten en verklaringen geen rekening kan worden gehouden. De verzoekende partij mag zich daarbij niet beperken tot vaagheden en algemeenheden, maar dient integendeel zeer concrete en X-13.373-2/5 precieze gegevens aan te brengen waaruit blijkt dat zij persoonlijk een moeilijk te herstellen ernstig nadeel ondergaat of dreigt te ondergaan. 2.
- De verzoekende partij betoogt in haar verzoekschrift met betrekking tot het moeilijk te herstellen ernstig nadeel het volgende: “(...) Inzake de optiekzaak Pearle Vision, zouden verwerende partij en het college van burgemeester en schepenen aan de voorzitter van de rechtbank van koophandel, die als in kortgeding zetelt, kunnen vragen het bevel te geven de optiekzaak Pearle vision te sluiten in toepassing van artikel 17 van de wet van 13 augustus
- In de hypothese dat de Raad in de vernietigingsprocedure van oordeel zou zijn dat de bestreden beslissing moet worden vernietigd, dan is het niet uitgesloten dat de optiekzaak Pearle Vision tegen dan reeds jaren op bevel van de bevoegde rechter verplicht werd gesloten. Verzoekende partij zal het genot van de huurinkomsten van het handelspand verliezen en dit voor een onbepaalde termijn gezien er onzekerheid zal bestaan omtrent het verder bestaan van de optiekzaak Pearle Vision en meer in het algemeen omtrent de mogelijkheid van verzoekende partij om het handelspand aan een kleinhandelzaak te kunnen verhuren (...). Daarbij vestigt verzoekende partij de aandacht van Uw Raad in het bijzonder op het feit dat door de sluiting van de optiekzaak Pearle Vision de personen, die in de zaak zijn tewerkgesteld, hun werk zullen verliezen. Inzake de schoenenzaak Pronti zal verzoekende partij het genot van huurinkomsten van het handelspand verliezen en dit voor een onbepaalde termijn gezien er onzekerheid zal bestaan omtrent de mogelijkheid van verzoekende partij om het handelspand aan een kleinhandelzaak te kunnen verhuren (...). Tot slot zou verzoekende partij een belangrijk reputatieverlies lijden. De uitvoering van de bestreden beslissing heeft tot gevolg dat kandidaat-huurders van panden in de handelsgehelen die door verzoekende partijen worden beheerd - deze situatie op negatieve wijze zullen beoordelen ten aanzien van verzoekende partij. (...)”. 2.
- De verwerende partij repliceert op goede gronden in haar nota dat de verzoekende partij het in haar uiteenzetting over het moeilijk te herstellen ernstig nadeel enkel heeft over de mogelijke gevolgen van de bestreden beslissing voor de reeds geopende optiekzaak en dus blijkbaar geen nadeel vreest wat betreft de aanvraag van de schoenwinkel. Zij wijst er ook terecht op dat de verzoekende partij zelf het initiatief heeft genomen om de optiekzaak te openen zonder zich vooraf te informeren bij de bevoegde overheden omtrent de te volgen procedure. 2.
- De verzoekende partij verklaart ter terechtzitting zich te gedragen naar de wijsheid van de Raad. X-13.373-3/5 2.
- Het ingeroepen nadeel is in essentie te herleiden tot gevreesde derving van huurinkomsten die door de verzoekende partij worden ontvangen. De verzoekende partij voert evenwel geen enkel concreet element aan waaruit zou kunnen blijken dat dit financieel nadeel dermate ernstig is dat het haar voortbestaan in het gedrang brengt of ernstig bemoeilijkt. Er is dan ook niet aangetoond dat dit nadeel ernstig en moeilijk te herstellen zou zijn. Eventueel verlies van tewerkstelling in de optiekzaak PEARL VISION maakt geen persoonlijk nadeel in hoofde van de verzoekende partij uit. Ten slotte valt niet in te zien dat de verzoekende partij enig “reputatieverlies” zou kunnen lijden door de bestreden beslissing die een socio- economische vergunning weigert aan de bedoelde twee handelszaken.
- Er is bijgevolg niet voldaan aan één van de bij artikel 17, § 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State opgelegde voorwaarden om de schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing te kunnen bevelen. Die vaststelling volstaat om de vordering af te wijzen. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
- De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. X-13.373-4/5 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op achtentwintig januari 2008, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. G. SCHEVENEELS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. R. STEVENS. X-13.373-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.179.065 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.191.052 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div