id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 01 februari 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.179.255 Rolnummer: A. 127789/VII-28068 Zaak: Arrest 179255 - Milieuvergunningen - 01/02/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-02-11 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-06-29 07:34 Fiche Arrest nr 179.255 van 1 februari 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 179.255 van 1 februari 2008 in de zaak A. 127.789/VII-28.
- In zake : de n.v. C-POWER, die woonplaats kiest bij advocaat P. MALLIEN, kantoor houdende te ANTWERPEN, Meir 24 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van de Noordzee, die woonplaats kiest bij advocaat F. MARTENS, kantoor houdende te ANTWERPEN (HOBOKEN), Maria Henriëttalei
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, VIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de n.v. C-POWER op 7 oktober 2002 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het ministerieel besluit van 5 augustus 2002 waarbij de door de verzoekende partij op 7 augustus 2001 aangevraagde machtiging en vergunning voor de bouw en de exploitatie van een 100 megawatts offshore windenergiepark op de Wenduinebank wordt geweigerd; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur J. CLEMENT; Gelet op de beschikking van 12 februari 2007 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen en gezien de regelmatig gewisselde laatste memories; Gelet op de beschikking van 8 november 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 13 december 2007; VII-28.068-1/6 Gehoord het verslag van staatsraad E. BREWAEYS; Gehoord de opmerkingen van advocaat J. DE CONINCK die, loco advocaat P. MALLIEN verschijnt voor de verzoekende partij, en van advocaat F. MARTENS, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur J. CLEMENT; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
- De feiten 1.
- Op 7 augustus 2001 schrijft de verwerende partij de aanvraag van de verzoekende partij in tot het bekomen van een vergunning en machtiging voor de constructie en exploitatie van een windmolenpark in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België. Het project omvat de bouw en exploitatie van een windmolenpark met een totale capaciteit van 100 megawatts (hierna : MW), omvattende vijftig turbines en gesitueerd op de Wenduinebank en het gebied ten noorden hiervan (zuidelijke flank van de Wielingen Pas) ter hoogte van de gemeente Bredene. 1.
- Van 17 oktober 2001 tot 18 november 2001 wordt over voormelde aanvraag een openbaar onderzoek gehouden met toepassing van artikel 19 van het koninklijk besluit van 20 december 2000 betreffende de voorwaarden en de procedure voor de toekenning van domeinconcessies voor de bouw en de exploitatie van installaties voor de productie van elektriciteit uit water, stromen of winden, in de zeegebieden waarin België rechtsmacht kan uitoefenen overeenkomstig het internationaal zeerecht. 1.
- Bij ministerieel besluit van 26 februari 2002 wordt aan de verzoekende partij een domeinconcessie verleend voor de bouw en de exploitatie van installaties voor de productie van elektriciteit uit wind in mariene zone (Wenduinebank), mits een aantal voorwaarden worden nageleefd. VII-28.068-2/6 1.
- Op 24 mei 2002 brengt de Bestuurseenheid van het Mathematisch Model van de Noordzee een negatief advies uit over de voornoemde aanvraag. 1.
- Op 25 juni 2002 maakt de verwerende partij aan de verzoekende partij een ontwerp van weigeringsbesluit over, waarbij de gelegenheid wordt geboden om hierbij gemotiveerde opmerkingen te maken. 1.
- Op 12 juli 2002 maakt de verzoekende partij aan de verwerende partij haar gemotiveerde opmerkingen bij het ontwerp van weigeringsbesluit over. 1.
- Op 25 juli 2002 maakt de Bestuurseenheid van het Mathematisch Model van de Noordzee een nota op met betrekking tot voornoemde opmerkingen van de verzoekende partij. 1.
- Bij ministerieel besluit van 5 augustus 2002 worden de door de verzoekende partij aangevraagde machtiging en vergunning geweigerd. Dit is het thans bestreden besluit. 1.
- Bij ministerieel besluit van 27 juni 2003 wordt aan de verzoekende partij een domeinconcessie toegekend voor de bouw en de exploitatie van installaties voor de productie van elektriciteit uit winden op de Thorntonbank. 1.
- Bij ministerieel besluit van 14 april 2004 wordt aan de verzoekende partij een machtiging voor de bouw en een vergunning voor de exploitatie van een windturbinepark van 60 windturbines, met een nominaal vermogen van 3,6 MW per windturbine, inclusief de kabels, voor de productie van elektriciteit uit wind op de Thorntonbank toegekend. 1.
- In het Belgisch Staatsblad van 13 oktober 2005 verschijnt de wet van 17 september 2005 tot wijziging van de wet van 20 januari 1999 ter bescherming van het mariene milieu in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België. Deze wetswijziging heeft onder meer betrekking op de gerichte mariene reservaten, en op de speciale beschermingszones en speciale zones voor natuurbehoud. 1.
- Het koninklijk besluit van 14 oktober 2005 tot instelling van speciale beschermingszones en speciale zones voor natuurbehoud in de zeegebieden VII-28.068-3/6 onder de rechtsbevoegdheid van België wordt in het Belgisch Staatsblad van 31 oktober 2005 gepubliceerd. 1.
- In het Belgisch Staatsblad van 14 maart 2007 wordt het ministerieel besluit bekendgemaakt van 23 februari 2007 tot verlenging van het ministerieel besluit van 13 februari 2004 houdende toekenning aan de verzoekende partij van een vergunning voor de aanleg van twee elektriciteitskabels van 150 kV (kilovolt) voor de aansluiting op het elektriciteitsnet van de installaties voor de productie van elektriciteit uit wind, die het voorwerp uitmaken van de domeinconcessie (Thorntonbank), verstrekt bij ministerieel besluit van 27 juni 2003, alsook van de elektriciteitskabels van 36 kV tussen deze installaties.
- Het belang van de verzoekende partij 2.
- De huidige aanvraag strekt tot de bouw van een windenergiepark ten noorden van de Wenduinebank, ter hoogte van de gemeente Bredene. Deze zandbank ligt in de speciale beschermingszone "SBZ 2", die wordt afgebakend in artikel 2, 2/, van het koninklijk besluit van 14 oktober 2005 tot instelling van speciale beschermingszones en speciale zones voor natuurbehoud in de zeegebieden onder de rechtsbevoegdheid van België. Artikel 5, 1/, van dit koninklijk besluit verbiedt in de speciale beschermingszones activiteiten van burgerlijke bouwkunde, zodat het oprichten van windturbines in dergelijke zones onmogelijk is. Deze bepaling is duidelijk en laat geen ruimte voor interpretatie. De verzoekende partij heeft tegen de bepaling geen annulatieberoep ingesteld, noch betwist zij er ten minste de wettigheid van. 2.
- Artikel 6 van voornoemd koninklijk besluit laat, in tegenstelling tot wat de verzoekende partij in haar laatste memorie beweert, niet toe af te wijken van de verbodsbepaling van artikel 5, 1/. Artikel 6 heeft het over "elk plan of project dat niet direct verband houdt met of nodig is voor het beheer van het gebied". Die bepaling doet echter geen afbreuk aan het verbod van artikel 5 om in dat gebied bepaalde activiteiten uit te oefenen. 2.
- Na een gebeurlijke vernietiging van de bestreden beslissing zou het voor de verwerende partij onmogelijk zijn om op de door de verzoekende partij ingediende vergunningsaanvraag gunstig te beschikken. Ambtshalve wordt VII-28.068-4/6 vastgesteld dat de verzoekende partij geen belang heeft bij het ingediende beroep tot nietigverklaring, VII-28.068-5/6 OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE: Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op een februari tweeduizend en acht, door de VIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. L. HELLIN, kamervoorzitter, J. LUST, staatsraad, E. BREWAEYS, staatsraad, Mevr. E. IMPENS, griffier. De griffier, De voorzitter, E. IMPENS. L. HELLIN. VII-28.068-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.179.255 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div