id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 12 februari 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.179.521 Rolnummer: A. 184680/X-13390 Zaak: Arrest 179521 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 12/02/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-03-04 Raadplegingen: 63 - laatst gezien 2026-06-29 07:36 Fiche Arrest nr 179.521 van 12 februari 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 179.521 van 12 februari 2008 in de zaak A. 184.680/X-13.
- In zake : Etienne SMOLDERS, die woonplaats kiest bij advocaat P. WITTERS, kantoor houdende te 3583 BERINGEN, Paalsesteenweg 296/1 tegen : de deputatie van de provincieraad van LIMBURG. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Etienne SMOLDERS op 16 mei 2007 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 5 april 2007 van de deputatie van de provincieraad van Limburg houdende de niet-inwilliging van zijn beroep tegen het besluit van 8 januari 2007 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Ham waarbij de vergunning wordt geweigerd voor het plaatsen van een demontabel reclamebord te Kwaadmechelen, Genendijkerveld 5, kadastraal bekend sectie A, nr. 1296/d; Gezien het “aanvullend verzoekschrift tot annulatieberoep” dat Etienne SMOLDERS op 6 augustus 2007 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van hetzelfde besluit; Gezien het verslag opgemaakt door adjunct-auditeur B. SPEYBROUCK, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 23 november 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 21 december 2007; Gelet op de mededeling van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van kamervoorzitter R. STEVENS; X-13.390-1/3 Gehoord de opmerkingen van advocaat A. HAEGEMAN, die loco advocaat P. WITTERS verschijnt voor de verzoeker, en van bestuurssecretaris K. VISSERS, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord adjunct-auditeur B. SPEYBROUCK, daartoe gemachtigd bij beslissing van de adjunct-auditeur-generaal van 4 mei 2007, in haar eensluidend advies; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
- Aangaande het oorspronkelijke verzoekschrift Luidens het algemeen procedurereglement bevat het verzoekschrift onder meer een uiteenzetting van de feiten en de middelen. Onder “middel” moet worden verstaan de voldoende duidelijke omschrijving van de overtreden rechtsregel en van de wijze waarop die regel door de bestreden rechtshandeling wordt geschonden. In zijn verzoekschrift verwijst de verzoeker op de eerste plaats naar een schrijven van de burgemeester van Ham van 16 april 2004 waarin wordt bevestigd “dat de gemeente Ham geen bezwaar heeft tegen de plaatsing van een reklamebord ter plaatse”. Volgens de verzoeker worden in dit schrijven “de bezwaren van de bestendige deputatie van de provincie Limburg tegen de gevraagde stedenbouwkundige vergunning volledig onderuit (...) gehaald. (o.a. wat betreft toeristische uitstraling en verkeerstechnische aspecten)”. Daarnaast vraagt de verzoeker zich af “of alle Belgen in deze gelijk behandeld worden” aangezien het reclamebord “er ook helemaal niet alleen” staat. Met dergelijke uiteenzetting blijft de verzoeker in gebreke op een voldoende duidelijke wijze aan te geven welke rechtsregels werden overtreden en, in zoverre uit de uiteenzetting zou kunnen worden afgeleid dat hij onder meer het gelijkheidsbeginsel geschonden acht, geeft hij op generlei wijze in concreto aan op welke wijze deze rechtsregel geschonden is. Het oorspronkelijk verzoekschrift is dan ook kennelijk niet ontvankelijk. X-13.390-2/3
- Aangaande het “aanvullend verzoekschrift tot annulatieberoep” Uit het oorspronkelijk verzoekschrift van 16 mei 2007 blijkt dat de verzoeker ten laatste op die dag kennis heeft gekregen van de bestreden beslissing. Op grond van artikel 4, derde lid van het algemeen procedurereglement dient een annulatieberoep ingesteld te worden binnen zestig dagen nadat de verzoeker kennis heeft gekregen van de bestreden beslissing. Het op 16 augustus 2007 ter post aangetekend “aanvullend verzoekschrift” is dan ook laattijdig. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel 2 De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op twaalf februari 2008, door: de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-13.390-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.179.521 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div