← België

Arrest 180091 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 25/02/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 25 februari 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.180.091 Rolnummer: A. 179605/X-13115 Zaak: Arrest 180091 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 25/02/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-03-05 Raadplegingen: 57 - laatst gezien 2026-06-29 07:40 Fiche Arrest nr 180.091 van 25 februari 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK.nr. 180.091 van 25 februari 2008 in de zaak A. 179.605/X-13.

  1. In zake :
  2. de v.z.w. VERENIGING VAN VLAAMSE HUISVESTINGS- MAATSCHAPPIJEN,
  3. de c.v.b.a. DIJLEDAL,
  4. de c.v.b.a. DE IDEALE WONING,
  5. de c.v.b.a. ABC, die woonplaats kiezen bij advocaat D. D’HOOGHE, kantoor houdende te 1000 BRUSSEL, Loksumstraat 25 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat P. VAN ORSHOVEN, kantoor houdende te 1050 BRUSSEL, Louizalaan
  6. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de v.z.w. VERENIGING VAN VLAAMSE HUISVESTINGSMAATSCHAPPIJEN, de c.v.b.a. DIJLEDAL, de c.v.b.a. DE IDEALE WONING en de c.v.b.a. ABC op 11 januari 2007 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “het besluit van de Vlaamse regering van 29 september 2006 betreffende de voorwaarden voor de overdracht van onroerende goederen door de Vlaamse Maatschappij voor Sociaal Wonen en de sociale huisvestingsmaatschappijen ter uitvoering van de Vlaamse Wooncode (BS 13.11.2006) en ministens van artikel 1, punt 10/, b en punt 15/, artikel 3, artikel 6, artikel 12 en bijlage III, hoofdstukken I, II en III van dit besluit”; Gelet op het arrest nr. 173.940 van 9 augustus 2007 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dat arrest aan de verzoekende partijen op 22 augustus 2007; X-13.115-1/3 Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 15ter, § 1 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de hoofdgriffier bij de kennisgeving van het arrest houdende verwerping van de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit, aan de verzoekende partijen melding heeft gemaakt van artikel 17, § 4ter van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 15ter, § 1 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kortgeding voor de Raad van State; Overwegende dat naar luid van voornoemd artikel 17, § 4ter ten aanzien van de verzoekende partijen een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indienen binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest; Overwegende dat de verzoekende partijen geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging hebben ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest; dat op grond van voornoemd artikel 15ter, § 1 de kamer de afstand van geding zal uitspreken, tenzij zij binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord; Overwegende dat de verzoekende partijen niet hebben gevraagd om te worden gehoord; Overwegende dat door de verzoekende partijen op hun verzoekschrift tot nietigverklaring zegels ter waarde van 175 euro werden gekleefd; dat er aanleiding toe bestaat dit bedrag terug te betalen, BESLUIT: Artikel
  7. De afstand van het geding wordt vastgesteld. X-13.115-2/3 Artikel
  8. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 700 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, ieder voor een vierde. Het door de verzoekende partijen op het verzoekschrift tot nietigverklaring onverschuldigd gekweten recht, ten belope van 175 euro, dient te worden terugbetaald. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vijfentwintig februari 2008, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. G. SCHEVENEELS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. R. STEVENS. X-13.115-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.180.091 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2007:ARR.173.940 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.