← België

Arrest 180174 - Kansspelen - 28/02/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 februari 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.180.174 Rolnummer: A. 116151/XII-3421 Zaak: Arrest 180174 - Kansspelen - 28/02/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-03-11 Raadplegingen: 57 - laatst gezien 2026-06-29 07:41 Fiche Arrest nr 180.174 van 28 februari 2008 Justitie - Kansspelen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 180.174 van 28 februari 2008 in de zaak A. 116.151/XII-

  1. In zake :
  2. Ercep YURUK,
  3. Steve TANGHE, die woonplaats kiezen bij advocaten P. Walravens en P. Frühling, kantoor houdende te Brussel, Boondaalsesteenweg 6 bus 7 tegen : de STAD SINT-NIKLAAS, die woonplaats kiest bij advocaat D. Lindemans, kantoor houdende te Brussel, Keizerslaan
  4. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, XIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Ercep Yürük en Steve Tanghe op 28 januari 2002 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 23 november 2001 van de gemeenteraad van Sint-Niklaas om geen convenant te sluiten met de NV Circus Leisure voor een kansspelinrichting klasse II op het adres Ankerstraat 2-4 te Sint-Niklaas; Gelet op het arrest nr. 111.891 van 24 oktober 2002 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit wordt verworpen; Gezien het verzoekschrift tot voortzetting van het geding van 6 december 2002 ingediend door verzoekers; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgesteld door auditeur P. De Somere; Gelet op de beschikking van 21 november 2006 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; XII-3421-1/5 Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien het verzoekschrift tot voortzetting van het geding ingediend door verzoekers Gelet op de beschikking van 15 oktober 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 27 november 2007; Gehoord het verslag van staatsraad J. Lust; Gehoord de opmerkingen van advocaat T. Eyskens, die loco advocaat D. Lindemans verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur P. De Somere; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT :
  5. Verzoekers zijn beiden werknemer van de NV Circus Leisure die een speelautomatenhal uitbaat te Sint-Niklaas, Ankerstraat 2-
  6. De wet van 7 mei 1999 op de kansspelen, de kansspelinrichtingen en de bescherming van de spelers (hierna: de wet van 7 mei 1999) onderwerpt de uitbating van een kansspelinrichting klasse II of speelautomatenhal aan een voorafgaande schriftelijke vergunning klasse B en bepaalt dat zij moet gebeuren krachtens een convenant met de gemeente. Dientengevolge vraagt NV Circus Leisure op 2 januari 2001 aan verwerende partij een convenant te sluiten. De gemeenteraad beslist een eerste keer geen convenant te sluiten op 23 februari
  7. De Raad van State schorst de tenuitvoerlegging van de beslissing bij arrest nr. 99.963 van 19 oktober 2001, waarna de gemeenteraad op 23 november 2001 de beslissing van 23 februari 2001 intrekt en, opnieuw uitspraak doende over de aanvraag van de NV Circus Leisure, een tweede keer weigert een convenant te sluiten.
  8. Verzoekers stellen in het verzoekschrift dat zij belang hebben bij de nietigverklaring van de bestreden beslissing aangezien zij een voltijdse arbeidsovereenkomst hebben gesloten met de NV Circus Leisure, bestemmelinge van de bestreden beslissing, wier kansspelinrichting als gevolg van de bestreden beslissing uiteindelijk zijn deuren zal moeten sluiten, met hun ontslag als onmiddellijk gevolg. XII-3421-2/5 Verwerende partij antwoordt in de memorie van antwoord dat verzoekers niet de vereiste hoedanigheid hebben om het beroep tot nietigverklaring ontvankelijk in te stellen : enkel wie een vergunning werd geweigerd beschikt over de vereiste hoedanigheid dit in rechte te bestrijden; werknemers beschikken niet over de hoedanigheid op te komen tegen of voor een vergunning met betrekking tot het bedrijf waarvoor zij werken. In de memorie van wederantwoord herhalen verzoekers vooreerst de argumentatie die zij in hun inleidend verzoekschrift ontwikkelden. Bovendien stellen zij dat zij over de vereiste hoedanigheid beschikken daar zij over een belangrijk en direct voordeel, onafhankelijk van dat van de NV Circus Leisure, beschikken. Ten slotte stellen zij dat een vordering tot schadevergoeding voor de burgerlijke rechter vereenvoudigd zou worden door een arrest van de Raad van State.
  9. Overeenkomstig artikel 34, derde lid, van de wet van 7 mei 1999 moet het uitbaten van een kansspelinrichting klasse II geschieden krachtens een convenant dat voorafgaandelijk wordt gesloten tussen de gemeente van vestiging en de uitbater. Uit de bestreden beslissing blijkt dat de aanvraag tot het verkrijgen van dergelijk convenant te dezen werd ingediend door de raadsman van de NV Circus Leisure en dit bij schrijven van 2 januari
  10. Verzoekers beweren geenszins en tonen ook niet aan dat deze aanvraag ook in hun naam werd ingediend of dat zij eveneens uitbater zouden zijn van bedoelde inrichting. Het is dan ook niet tot hen dat de bestreden weigering gericht is. Om die reden ontberen zij de vereiste hoedanigheid om tegen de weigering een beroep tot nietigverklaring in te dienen en hebben zij geen voldoende direct belang bij het instellen van het beroep. In principe is alleen het belang van de aanvrager rechtstreeks betrokken: hij is de geadresseerde van de weigering en het beroep moet ertoe bijdragen dat welbepaald met hém alsnog een convenant wordt gesloten. De toevoeging van verzoekers, in het verzoekschrift, dat zij zich te dezen “niet geconfronteerd” weten met een oorspronkelijke aanvrager die niet langer een convenant zou nastreven aangezien de NV Circus Leisure zelf ook een beroep tegen de weigeringsbeslissing heeft ingesteld, is niet van aard aan het voorgaande af te doen. Dat is zelfs des te minder het geval nu de beroepen die de NV Circus Leisure heeft ingesteld tegen de weigering van 23 november 2001 om met haar een convenant te sluiten, evenals tegen de op die weigering gesteunde XII-3421-3/5 afwijzing van haar aanvraag van een kansspelvergunning klasse II door de kansspelcommissie, intussen allebei op de vaststelling van een afstand van geding zijn uitgelopen, bij arrest van de Raad van State nr. 133.109, respectievelijk nr. 122.
  11. Ook het argument dat een vernietigingsarrest het voor verzoekers gemakkelijker zou maken een fout van de stad Sint-Niklaas aan te tonen ingeval zij een schadevergoeding bij de burgerlijke rechter zouden wensen te vorderen, verantwoordt niet dat aan verzoekers de noodzakelijke hoedanigheid en het vereiste belang wordt toegemeten. De Raad van State stelt daartoe tenminste vast dat een belang dat ertoe beperkt is met de nagestreefde vernietiging een vordering tot schadevergoeding te staven, niet genoeg verband houdt met de finaliteit van een annulatieberoep om toereikend te zijn. Die finaliteit bestaat er nu eenmaal niet in om als het ware attesten van onwettigheid te verschaffen, maar om de objectieve rechtsorde te vrijwaren door er de onwettige besluiten uit weg te nemen.
  12. Het beroep van verzoekers is niet ontvankelijk. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  13. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  14. De kosten van de vordering tot schorsing en van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 700 euro, komen ten laste van verzoekers, ieder voor de helft. XII-3421-4/5 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op achtentwintig februari 2008, door de XIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. D. VERBIEST, kamervoorzitter, J. LUST, staatsraad, C. ADAMS, staatsraad, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-3421-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.180.174 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2002:ARR.111.891 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.