← België

Arrest 180278 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 29/02/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 februari 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.180.278 Rolnummer: A. 185213/X-13464 Zaak: Arrest 180278 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 29/02/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-03-12 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-29 07:42 Fiche Arrest nr 180.278 van 29 februari 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 180.278 van 29 februari 2008 in de zaak A. 185.213/X-13.

  1. In zake :
  2. Dirk THEUNS,
  3. Karin VAN DE ZEGEL, die woonplaats kiezen bij advocaat K. DE WINTER, kantoor houdende te 2000 ANTWERPEN, Meir 24 tegen : de gemeente ESSEN, die woonplaats kiest bij advocaat H. SEBREGHTS, kantoor houdende te 2000 ANTWERPEN, Mechelsesteenweg
  4. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het enig verzoekschrift dat Dirk THEUNS en Karin VAN DE ZEGEL op 21 september 2007 hebben ingediend, en waarin zij de schorsing en de nietigverklaring vorderen van het besluit van 11 april 2007 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Essen waarbij aan Danny Suykerbuyck de voorwaardelijke stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het aanleggen van een maïsdoolhof te Essen, Kleine Horendonk, sectie A, nrs. 1108/a en 1152/c; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd F. DE BUEL, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 18 december 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 1 februari 2008; Gelet op de mededeling van het verslag aan partijen; X-13.464-1/4 Gehoord het verslag van kamervoorzitter R. STEVENS; Gehoord de opmerkingen van advocaat J. DE CONINCK, die verschijnt voor de verzoekers, en van advocaat N. ANSOMS, die loco advocaat H. SEBREGHTS verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het andersluidend advies van eerste auditeur- afdelingshoofd F. DE BUEL; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
  5. Feiten 1.
  6. Bij brief van 27 maart 2007 dient Danny Suykerbuyk, uitbater van de taverne De Bosrust, gelegen Kleine Horendonk 10, bij het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Essen een zgn. “princiepsaanvraag” in betreffende de aanleg van een maïsdoolhof en parkingzone, op een perceel akkerland, kadastraal gekend sectie A, nrs. 1108/a en 1152/c. De verzoekende partijen zijn eigenaar en bewoners van een pand, gelegen Kleine Horendonk 31, grenzend aan voormeld akkerland. In die aanvraag wordt, ondermeer, het volgende gesteld: “Aangezien het maken van gangen in een maïsveld niet vergunningsplichtig is, en aangezien de parkingzone welke gecreëerd wordt niets echt fysisch betreft (het blijft gewoon de weide welke aanwezig is, onverhard; slecht enkele toegangsborden geven de ingang en uitgang aan en enkele linten bakenen de zone af) en dus ook niet vergunningsplichtig is, noemen we deze aanvraag slechts een princiepsaanvraag. Ze past niet in het rijtje van de gekende soorten aanvragen (aanstiplijst nr. 1 eenvoudige dossiersamenstelling/aanstiplijst nr. 2 technische werken/aanstiplijst nr. 3 terreinaanlegwerken ((er wordt nml, niet verhard en alles is slechts tijdelijk))/ aanstiplijst nr. 4 uitgebreide dossiersamenstelling). Toch menen wij er goed aan te doen om dit concept aan U voor te leggen, om het geheel aan U te melden, en om alzo ahw met deze princiepsaanvraag eventuele discussie of opmerkingen eromtrent te vernemen”. 1.
  7. Op 11 april 2007 beslist het college wat volgt: X-13.464-2/4 “Onderwerp 2E MAÏSDOOLHOF BIJ TAVERNE BOSRUST. Gelet op de aanvraag van de heer Danny Suykerbuyk, voor het aanleggen van een maïsdoolhof op de gronden tegenover taverne Bosrust, gelegen te Kleine Horendonk 10 Ovewegende dat het gaat om een bijkomende attractie aan de overzijde van de weg Kleine Horendonk; Overwegende dat het evenwel om het tijdelijk gebruik van een terrein gaat; BESLUIT: met eenparigheid van stemmen Art. 1 Toestemming te verlenen aan de heer Danny Suykerbuyk, voor het tijdelijk inrichten van een maïsdoolhof en parkeergelegenheid mits: - geen enkele vaste constructie of verharding wordt opgericht - geen enkele vorm van gebruik en/of verkoop van consumpties wordt toegelaten - de inrichting beperkt blijft tot de bestaande taverne - voldoende veiligheidsmaatregelen worden getroffen voor het verzekeren van een veilige oversteek van de straat Kleine Horendonk. Art. 2 De vergunning wordt verleend voor een periode tot 1 november
  8. Art. 3 Afschrift van onderhavig besluit wordt overgemaakt aan de dienst ruimtelijke ordening”. Dit is de bestreden beslissing.
  9. Onontvankelijkheid van het annulatieberoep en de vordering tot schorsing 2.
  10. In het auditoraatsverslag wordt gewezen op de omstandigheid dat de geldigheidsduur van de bestreden beslissing reeds is verstreken. Daarop ingaand werpt de verwerende partij ter terechtzitting op dat het belang van de verzoekende partijen is teloor gegaan. De verzoekende partijen stellen daarentegen nog belang te hebben bij de gevraagde vernietiging, in essentie omdat het gaat om een “ernstig bedreigd recht”. 2.
  11. Er dient te worden vastgesteld dat de bestreden vergunning slechts gelding had tot 1 november
  12. De verzoekende partijen brengen geen argumenten bij waaruit blijkt dat zij nog het wettelijk vereiste belang hebben bij de gevraagde vernietiging. De argumenten die zij aanvoeren tonen namelijk niet aan dat zij uit het verdwijnen zelf van de bestreden akte uit het rechtsverkeer enig voordeel kunnen halen. Een belang dat er louter in bestaat een middel gegrond te horen verklaren is geen rechtstreeks belang. 2.
  13. Er wordt dan ook besloten dat de vordering tot nietigverklaring als niet ontvankelijk dient te worden verworpen. X-13.464-3/4 2.
  14. De vordering tot schorsing is een accessorium van het annulatieberoep en dient hetzelfde lot te ondergaan. De verwerping van het beroep tot nietigverklaring heeft dan ook de verwerping van de vordering tot schorsing tot gevolg. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  15. Het beroep tot nietigverklaring wordt verworpen. Artikel
  16. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
  17. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, ieder voor de helft. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negenentwintig februari 2008, door: de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-13.464-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.180.278 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.