← België

Arrest 180281 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 29/02/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 29 februari 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.180.281 Rolnummer: A. 184982/X-13426 Zaak: Arrest 180281 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 29/02/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-03-12 Raadplegingen: 52 - laatst gezien 2026-06-29 07:42 Fiche Arrest nr 180.281 van 29 februari 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Vernietiging Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 180.281 van 29 februari 2008 in de zaak A. 184.982/X-13.

  1. In zake : de deputatie van de provincieraad van OOST-VLAANDEREN tegen : de gemeente HAALTERT. tussenkomende partij : Josefine DIERICKX, wonende te 9450 DENDERHOUTEM, Ankerstraat
  2. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het enig verzoekschrift dat de provincie OOST- VLAANDEREN op 29 augustus 2007 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging en de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 2 juli 2007 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Haaltert waarbij aan Josefine DIERICKX de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het oprichten van een garage en tuinmuur bij een bestaande woning te Denderhoutem, Ankerstraat 28, kadastraal gekend sectie B, nr. 1383/y3; Gezien het administratief dossier van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur A. EYLENBOSCH, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 26 november 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 21 december 2007; Gelet op de mededeling van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van kamervoorzitter R. STEVENS; X-13.426-1/6 Gehoord de opmerkingen van bestuurssecretaris A. GLABEKE die verschijnt voor de verzoekende partij, en van advocaat F. SEBREGHTS, die loco advocaat D. VAN DEN EYNDE verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur A. EYLENBOSCH; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
  3. Rechtspleging Josefine Dierickx heeft met een verzoekschrift van 3 oktober 2007 gevraagd om in het geding te mogen tussenkomen. Er is grond om het verzoek in te willigen.
  4. Feiten 2.
  5. De verzoekende partij is beheerder van de onbevaarbare waterloop nr. 5093 die o.a. achter de woning van de tussenkomende partij stroomt. Een burgerlijke procedure met betrekking tot schade die de tussenkomende partij zou hebben geleden aan haar garage n.a.v. verbeteringswerken in opdracht van de verzoekende partij aan de betrokken waterloop is hangende. 2.
  6. Op 21 mei 2007 (datum van ontvangstbewijs van de aanvraag) dient de tussenkomende partij bij het gemeentebestuur van Haaltert een aanvraag in tot het verkrijgen van een stedenbouwkundige vergunning voor het bouwen van een garage en een tuinmuur na het slopen van de bestaande garage en tuinmuur bij de bestaande woning. Het goed is blijkens de bestemmingsvoorschriften van het bij koninklijk besluit van 30 mei 1978 vastgestelde gewestplan Aalst-Ninove-Geraardsbergen-Zottegem gelegen in woongebied. Het is tevens gelegen binnen de omschrijving van een behoorlijk vergunde, niet vervallen verkaveling van 21 juni
  7. X-13.426-2/6 2.
  8. Op grond van artikel 111, § 4 van het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening en artikel 2, 3/ van het besluit van de Vlaamse regering van 5 mei 2000 betreffende de adviesverlening inzake aanvragen tot stedenbouwkundige vergunning en verkavelingsaanvragen verzoekt de verwerende partij bij schrijven van 21 mei 2007 de verzoekende partij om advies vermits de werken worden gepland op minder dan 5 m afstand van de kruin van de talud van de waterloop van tweede categorie nr. 5093, met name op een afstand van 2,96 m van de taludkruin vooraan tot 1,8 m van de taludkruin achteraan de bouwwerken. 2.
  9. In zitting van 21 juni 2007 verleent de bestendige deputatie ongunstig advies: “(...) Overwegende dat de geplande werken zich situeren op een afstand van 2,96m tot 1,80m van de oever van de waterloop, derhalve binnen de 5m-zone zoals beschreven in art. 17 van de wet van 28 december 1967; Overwegende dat mevrouw DIERICKX op 27 maart 2006 de Provincie heeft gedagvaard om te verschijnen voor de rechtbank van eerste aanleg te Dendermonde, met het oog op het bekomen van een vergoeding voor het verzakken van het bestaande bouwsel (een tot garage/volière omgebouwd kolenhok, waarvan sprake op p.1); dat een gerechtsdeskundige werd aangesteld om het oorzakelijk verband te onderzoeken tussen de schade en de constructie zonder bouwvergunning op de eigenlijke oever van de waterloop, dat dit verband zeer waarschijnlijk is, dat tegenpartij er in de loop van deze procedure reeds op gewezen werd dat de wettelijke afstand van een vaste constructie tot de waterloop 5m bedraagt, enerzijds om de Provincie toe te laten haar onderhoudswerken volgens de regels van de kunst uit te voeren, en anderzijds, ten bate van de stabiliteit van de constructie zelf; Overwegende dat er om deze redenen (1/ vermoedelijk verband tussen bouwen op de oever en verzakking van constructie; 2/ wettelijk bepaalde afstand van 5m tot de waterloop van vaste constructies) bezwaren zijn tegen de geplande werken”. 2.
  10. Bij besluit van 2 juli 2007 geeft het college van burgemeester en schepenen van Haaltert de gevraagde stedenbouwkundige vergunning af. Onder de hoofding “beoordeling van de goede ruimtelijke ordening” valt te lezen wat volgt: “De aanvraag beoogt eigenlijk louter het herstellen van een bestaande, oude toestand. Het herbouwen van deze garage op een afstand van 1,8m van de waterloop is aanvaardbaar. Om deze redenen wordt de goede plaatselijke ruimtelijke ordening niet in het gedrang gebracht en is de aanvraag aanvaardbaar”. X-13.426-3/6 Dit is het bestreden besluit.
  11. Gegrondheid van het annulatieberoep 3.1.
  12. Een eerste middel wordt geput uit de schending van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen. De verzoekende partij voert in essentie aan dat uit het bestreden besluit niet blijkt waarom haar negatief advies niet werd gevolgd en dat de motivering dat “het herbouwen van deze garage op een afstand van 1,8meter van de waterloop (...) aanvaardbaar (is)”, en bovendien haaks staat op het dictum van het bestreden besluit zelf, waarin wordt opgelegd het advies van de Gouverneur na te leven met bijgevoegd het advies van 21 juni
  13. 3.1.
  14. De verwerende partij heeft in het kort geding geen nota ingediend. De tussenkomende partij voert geen inhoudelijk verweer ten aanzien van de opgeworpen middelen. 3.2.
  15. De wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen bepaalt dat elke eenzijdige rechtshandeling met individuele strekking die uitgaat van een bestuur en die beoogt rechtsgevolgen te hebben voor één of meer bestuurden of voor een ander bestuur, in de akte de juridische en feitelijke overwegingen moet vermelden die aan de beslissing ten grondslag liggen, en dat deze afdoende moeten zijn. Hieruit volgt dat enkel met de in het bestreden besluit vermelde redengeving rekening kan worden gehouden. 3.2.
  16. In het licht van de feitelijke en juridische gegevens uiteengezet in het ongunstig advies van 21 juni 2007 van het provinciebestuur en waar precies de klemtoon wordt gelegd op de zeer concrete problemen die de bestaande toestand oplevert, kan het motief dat de “aanvraag (...) louter het herstellen van een bestaande, oude toestand (beoogt)” bezwaarlijk afdoende verantwoorden waarom desondanks de aanvraag vatbaar is voor vergunning. De overweging dat “het herbouwen van deze garage op een afstand van 1,8 m van de waterloop (...) aanvaardbaar (is)” verwordt vanuit die optiek tot een loutere stijlformule. Met de verzoekende partij moet voorts worden vastgesteld dat de afgifte van de vergunning onder de voorwaarde “het advies van Gouverneur strikt na te leven - zie bijgevoegd advies in bijlage (DD.

(21)juni 2007)” in contradictie is met de overweging dat “het herbouwen van deze garage op een afstand van 1,8 m X-13.426-4/6 van de waterloop (...) aanvaardbaar (is)” en veeleer de indruk wekt dat het college de aanvraag heeft beoordeeld als niet vergunbaar. Het eerste middel is gegrond.
  1. Ontvankelijkheid van de vordering tot schorsing De vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van diezelfde beslissing dient bij gevolg bij gebrek aan voorwerp te worden verworpen. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  2. Het verzoek tot tussenkomst van Josefine DIERICKX wordt ingewilligd. Artikel
  3. Vernietigd wordt het besluit van 2 juli 2007 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Haaltert waarbij aan Josefine DIERICKX de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het oprichten van een garage en tuinmuur bij een bestaande woning te Denderhoutem, Ankerstraat 28, kadastraal gekend sectie B, nr. 1383/y
  4. Artikel
  5. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
  6. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. De kosten van de tussenkomst in de vordering tot schorsing, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. X-13.426-5/6 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negenentwintig februari 2008, door: de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-13.426-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.180.281 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.