← België

Arrest 180544 - Natuurbehoud - Vergunningen - 06/03/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 06 maart 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.180.544 Rolnummer: A. 128118/VII-37099 Zaak: Arrest 180544 - Natuurbehoud - Vergunningen - 06/03/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-03-13 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-06-29 07:44 Fiche Arrest nr 180.544 van 6 maart 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Natuurbehoud - Vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 180.544 van 6 maart 2008 in de zaak A. 128.118/VII-37.

  1. In zake :
  2. Marina APERS,
  3. Paul VAN BROECK, die woonplaats kiezen bij advocaten M. STORME en I. ROGIERS, kantoor houdende te BRUSSEL, Verenigingstraat 28 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat H. SEBREGHTS, kantoor houdende te ANTWERPEN, Mechelsesteenweg
  4. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, VIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Marina APERS en Paul VAN BROECK op 16 oktober 2002 hebben ingediend om de vernietiging te vorderen van :
  5. het besluit van de Vlaamse regering van 24 mei 2002 tot vaststelling van de gebieden die in uitvoering van artikel 4, lid 1, van de richtlijn 92/43/EEG van de Raad van de Europese Gemeenschappen van 21 mei 1992 inzake de instandhouding van de natuurlijke habitats en de wilde flora en fauna (hierna : Habitatrichtlijn) aan de Europese Commissie zijn voorgesteld als speciale beschermingszones, en van
  6. de beslissing van de Vlaamse regering van 4 mei 2001 over het voorstel tot aanvulling en aanpassing van de "Speciale Beschermingszones" in Vlaanderen ter uitvoering van de Habitatrichtlijn; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur J. CLEMENT; VII-37.099-1/6 Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen en gezien de regelmatig gewisselde laatste memories; Gelet op de beschikking van 27 december 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 24 januari 2008; Gehoord het verslag van staatsraad E. BREWAEYS; Gehoord de opmerkingen van advocaat I. ROGIERS, die verschijnt voor de verzoekende partijen, en van advocaat S. VERNAILLEN die, loco advocaat H. SEBREGHTS verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur J. CLEMENT; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
  7. De feiten 1.
  8. Op 14 februari 1996 keurt de Vlaamse regering een lijst met speciale beschermingszones in uitvoering van de Habitatrichtlijn goed die aan de Europese Commissie wordt overgemaakt. 1.
  9. De door de Vlaamse regering goedgekeurde lijst bevat een gebied nummer 6 "Schelde- en Durme-estuarium van de Nederlandse grens tot Gent". Dit gebied omvat langs de Scheldeoever ten zuiden van Doel een strook van ongeveer 800 meter lang en 100 meter breed ter hoogte van het "Groot Gat". 1.
  10. Op 23 juni 1998 neemt de Vlaamse regering twee beslissingen : - de strook ter hoogte van het "Groot Gat" wordt uit de speciale beschermings- zone "Schelde- en Durme-estuarium van de Nederlandse grens tot Gent" geschrapt, en - het achter deze strook gelegen vogelrichtlijngebied "Schorren en polders van de beneden-Schelde" wordt ingekrompen. VII-37.099-2/6 1.
  11. Tegen het havenuitbreidingsproject voor de aanleg van het Deurganckdok, waarbinnen de Vlaamse regering de aangehaalde beslissingen van 23 juni 1998 heeft genomen, wordt datzelfde jaar bij de Europese Commissie een klacht ingediend wegens inbreuk op de Habitatrichtlijn. De zaak krijgt volgnummer 1998/
  12. In deze klacht wordt onder meer aangevoerd dat het project de speciale beschermingszone "Schelde- en Durme-estuarium van de Nederlandse grens tot Gent" aantast. 1.
  13. Op 23 september 1998 vorderen de verzoekende partijen bij de Raad van State (zaak A. 80.374/X-8446) de nietigverklaring van de besluiten van 23 juni
  14. Bij arrest nr. 166.650 van 12 januari 2007 stelt de Raad van State dat het beroep niet ontvankelijk is. 1.
  15. Op 18 januari 2001 stuurt de Europese Commissie een ingebreke- stelling naar België in de zaak 1998/
  16. 1.
  17. Op 4 mei 2001 keurt de Vlaamse regering een nieuwe lijst met speciale beschermingszones in uitvoering van de Habitatrichtlijn goed die aan de Europese Commissie wordt overgemaakt. De door de Vlaamse regering goedgekeurde lijst bevat een gebied "Schelde- en Durme-estuarium van de Nederlandse grens tot Gent", zonder de hiervoor bedoelde strook ten zuiden van Doel ter hoogte van het "Groot Gat". Dit is de tweede bestreden beslissing. 1.
  18. Op 14 december 2001 neemt het Vlaamse Gewest het decreet "voor enkele bouwvergunningen waarvoor dwingende redenen van groot algemeen belang gelden" aan (Belgisch Staatsblad 20 december 2001). 1.
  19. Op 24 mei 2002 neemt de Vlaamse regering het besluit tot vaststelling van de gebieden die in uitvoering van artikel 4, lid 1, van de Habitatrichtlijn zijn voorgesteld als speciale beschermingszones. Dit is het eerste bestreden besluit. Zoals blijkt uit de bij dit besluit gevoegde bijlage "Schelde- en Durmeëstuarium van de Nederlandse grens tot Gent, Volgnummer:6, Gebiedscode: BE2300006 (1-56), kaart 3/4" maakt de hiervoor bedoelde strook ten zuiden van Doel ter hoogte van het "Groot Gat" geen deel uit van het gebied "Schelde- en Durme-estuarium van de Nederlandse grens tot Gent". VII-37.099-3/6 1.
  20. Op 16 december 2005 stelt de Vlaamse regering het gewestelijk ruimtelijk uitvoeringsplan "Waaslandhaven fase 1 en omgeving" definitief vast. Voor de Raad van State heeft onder meer eerste verzoekster de schorsing van de tenuitvoerlegging en de nietigverklaring van voormeld besluit gevorderd (zaak A. 170.767/X-12.722). De annulatievordering is nog hangende, maar de schorsingsvordering is verworpen bij arrest nr. 166.439 van 9 januari
  21. 1.
  22. Op 28 juni 2006 beslist de Europese Commissie de zaak 1998/5005 te sluiten. De redenen hiervoor worden door het Directoraat-Generaal Milieuzaken onder meer als volgt beschreven: "In het kader van de inbreukprocedure heeft de Commissie op 18 januari 2001 een ingebrekestelling naar België gestuurd. De Belgische autoriteiten hebben hierop geantwoord en hebben tevens de Commissie regelmatig op de hoogte gehouden van de stand van zaken in dit dossier. Zo hebben de Belgische autoriteiten informatie bezorgd over onder meer de ontwikkeling van het havengebied op de Linkerscheldeoever, de uitvoering en monitoring van compenserende maatregelen, het vaststellen van instandhoudingsdoelstellingen en over nieuwe maatregelen die voorzien zijn in het kader van het integrale ontwikkelingsprogramma voor het Schelde-estuarium ('Ontwikkelingsschets 2010 Schelde-estuarium') en het geactualiseerde Sigmaplan. (...) In verband met de vernietiging en de verstoring van habitattypen door de uitvoering van de havenuitbreidingsprojecten (het gaat hierbij vooral over slikken en schorren, ecologisch waardevolle polder, weidevogelgebied, riet en water, strand, oevers en plassen) zijn wij van mening dat (de) Belgische autoriteiten de nodige compenserende maatregelen hebben voorzien om de instandhoudingsdoelstellingen van de betrokken Natura 2000 gebieden te garanderen. (...) Verder stellen wij vast dat het in december 2001 goedgekeurde validatiedecreet (BS 20 december 2001) een uitwerking omvat van de compensatieplicht in het Linkerscheldeoevergebied (...)".
  23. De ontvankelijkheid De verzoekende partijen komen enkel op tegen de afbakening van de speciale beschermingszone "Schelde- en Durme-estuarium van de Nederlandse grens tot Gent", meer bepaald tegen de niet-opname van de hiervoor bedoelde strook ter hoogte van het "Groot Gat" in deze beschermingszone. VII-37.099-4/6 In hun verzoekschrift schrijven zij over de aangevochten besluiten van 4 mei 2001 en 24 mei 2002 het volgende : "Bij beslissing dd. 4 mei 2001 werd dan blijkbaar het Besluit van 14 februari 1996 vervangen. En 38 habitatrichtlijngebieden werden aangemeld bij de Europese Commissie. Ook deze beslissing behelst de bevestiging van de afschaffing van habitatrichtlijngebied zoals gedaan door het Besluit van 23 juni
  24. (...) Het bij huidig verzoekschrift eerste bestreden Besluit van de Vlaamse regering dd. 24 mei 2002 is inhoudelijk identiek aan de beslissing 4 mei 2001 (...)". De verzoekende partijen hebben voor de Raad van State de nietigverklaring gevorderd van de beslissing van 23 juni 1998 om de hiervoor bedoelde strook ter hoogte van het "Groot Gat" te schrappen uit de speciale beschermingszone "Schelde- en Durme-estuarium van de Nederlandse grens tot Gent", zoals ze was opgenomen in de beslissing van de Vlaamse regering van 14 februari
  25. De Raad van State heeft deze vordering tot nietigverklaring verworpen bij arrest nr. 166.650 van 12 januari
  26. De Europese Commissie heeft de klacht in de zaak 1998/5005 over de gevolgen van het havenuitbreidingsproject voor de speciale beschermings- zone-Habitatrichtlijn "Schelde- en Durme-estuarium van de Nederlandse grens tot Gent" geseponeerd, onder meer met verwijzing naar de compenserende maatregelen die vervat zijn in het decreet van 14 december 2001 "voor enkele bouwvergunningen waarvoor dwingende redenen van groot algemeen belang gelden". De verzoekende partijen hebben voor het Grondwettelijk Hof de nietigverklaring gevorderd van voormeld decreet van 14 december
  27. Deze vordering werd verworpen bij arrest nr. 94/2003 van 2 juli 2003 waarin onder meer wordt overwogen dat het niet aan het Hof maar aan de Europese Commissie staat om te oordelen of voldaan is aan de eis dat alle nodige compenserende maatregelen werden genomen om te waarborgen dat de algehele samenhang van het Europees ecologisch netwerk "Natura 2000" bewaard blijft in de zin van artikel 6 van de Habitatrichtlijn. De beslissing van 23 juni 1998 om de hiervoor bedoelde strook ter hoogte van het "Groot Gat" uit de speciale beschermingszone "Schelde- en Durme-estuarium van de Nederlandse grens tot Gent" te schrappen is onaantastbaar geworden. VII-37.099-5/6 Door dat besluit werd expliciet de strook ter hoogte van het "Groot Gat" geschrapt uit de speciale beschermingszone "Schelde- en Durme- estuarium van de Nederlandse grens tot Gent", zoals ze was opgenomen in de beslissing van de Vlaamse regering van 14 februari
  28. De thans bestreden besluiten brengen daarin geen wijziging. Ambtshalve wordt vastgesteld dat het huidig beroep het belang van de verzoekende partijen niet kan dienen, OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  29. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  30. De kosten van het beroep, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zes maart tweeduizend en acht, door de VIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. L. HELLIN, kamervoorzitter, G. VAN HAEGENDOREN, staatsraad, E. BREWAEYS, staatsraad, Mevr. E. IMPENS, griffier. De griffier, De voorzitter, E. IMPENS. L. HELLIN. VII-37.099-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.180.544 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.