← België

Arrest 181545 - Federaal openbaar ambt (behalve bijzondere statuten) - Reglementen - 31/03/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 31 maart 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.181.545 Rolnummer: A. 77192/IX-939 Zaak: Arrest 181545 - Federaal openbaar ambt (behalve bijzondere statuten) - Reglementen - 31/03/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-04-16 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-29 07:51 Fiche Arrest nr 181.545 van 31 maart 2008 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt (behalve bijzondere statuten) - Reglementen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 181.545 van 31 maart 2008 in de zaak A. 77.192/IX-

  1. In zake : Paul DELESTRE, die woonplaats kiest bij advocaat S. SABLON, kantoor houdende te BRUSSEL, Verenigingsstraat 57-59 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Financiën. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Paul DELESTRE op 20 januari 1998 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van de BBI te Gent 2 van 8 december 1997 waarbij zijn verzoek om inzage en afschrift van bestuursdocumenten na heroverweging wordt afgewezen; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd P. DE WOLF; Gelet op de beschikking van 25 juli 2000 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memorie van de verzoekende partij; Gelet op de beschikking van 30 januari 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 3 maart 2008; Gehoord het verslag van de voorzitter van de Raad van State M.-R. BRACKE; IX-939-1/5 Gehoord de opmerkingen van advocaat W. DEFOOR, die loco advocaat S. SABLON verschijnt voor de verzoeker, en van inspecteur J. DE VLEESCHOUWER, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van adjunct-auditeur-generaal P. DE WOLF; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : Over de gegevens van de zaak 1.
  2. In een brief van 10 september 1997 deelt de Bijzondere Belastinginspectie - Gent 2 (hierna: BBI - Gent 2) aan de verzoeker mee dat uit gegevens van het parket van Brussel die aan de BBI werden overgemaakt blijkt dat de verzoeker in 1993 over een kapitaal beschikte dat belegd werd bij de kredietbank te Luxemburg maar waarvan de inkomsten niet werden vermeld in de aangifte voor de personenbelasting. Gesteld wordt dat die aanwijzingen van fraude het openen van de buitengewone aanslagtermijn bepaald in artikel 354, alinea 2, WIB ‘92 rechtvaardigen. Met toepassing van artikel 316 WIB ‘92 verstuurt de BBI - Gent 2 bij aangetekende brief van 15 september 1997 een lijst met vragen om inlichtingen en documenten naar de verzoeker. 1.
  3. In een brief van 24 september 1997 aan de BBI - Gent 2 vraagt de raadsman van de verzoeker op grond van de artikelen 4 en 5 van de wet van 11 april 1994 op de openbaarheid van bestuur, om inzage en afschrift van de stukken waarop de bovenvermelde brief van de BBI van10 september 1997 is gebaseerd. 1.
  4. Met een aangetekende brief van 26 september 1997 deelt de BBI - Gent 2 aan de raadsman van de verzoeker mee dat het verzoek om inzage en afschrift wordt afgewezen. IX-939-2/5 1.
  5. Bij brieven van 20 oktober 1997 vraagt de raadsman van de verzoeker enerzijds een heroverweging van de weigering van inzage en afschrift aan de BBI - Gent 2 en anderzijds een advies aan de Commissie voor de toegang tot bestuursdocumenten. 1.
  6. De voorzitter van de Commissie voor de toegang tot bestuurs- documenten deelt in een brief van 28 november 1997 mee dat de Commissie adviseert dat “de BBI tot op heden de ingeroepen weigeringsgronden onvoldoende met concrete gegevens heeft onderbouwd zodat de inzage van de gevraagde bestuurs-documenten onder de voormelde beperkende voorwaarden dient te worden toegestaan”. 1.
  7. Bij brief van 8 december 1997 deelt de BBI - Gent 2 aan de raadsman van de verzoeker mee dat niettegenstaande het advies van de Commissie voor de toegang tot bestuursdocumenten, de weigering tot inzage gehandhaafd wordt. 1.
  8. Met een ter post aangetekend schrijven van 20 januari 1998 vordert de verzoeker de nietigverklaring van de bovenvermelde weigeringsbeslis- sing. 1.
  9. In een brief van 8 april 1998 deelt de BBI - Gent 2 aan de verzoeker mee dat de Centrale administratie van de BBI gevraagd heeft terug te komen op de weigering tot inzage en dat de verzoeker dan ook uitgenodigd wordt om inzage te nemen van de desbetreffende stukken. Over de ontvankelijkheid van het beroep 2.
  10. De verwerende partij werpt in haar memorie van antwoord een exceptie van onontvankelijkheid van het beroep op. Zij laat gelden dat het beroep geen voorwerp meer heeft omdat de verzoeker bij brief van 8 april 1998 toestem- ming werd gegeven voor inzage en afschrift van de door hem gevraagde stukken. 2.
  11. In zijn memorie van wederantwoord en zijn laatste memorie stemt de verzoeker er mee in om het beroep bij gebrek aan voorwerp af te wijzen. IX-939-3/5 2.
  12. Met een brief van 9 oktober 2007 informeert de voorzitter van de Raad van State naar het actueel belang van de verzoeker. Deze antwoordt met een brief van 15 oktober 2007 dat hij inzage in het administratief dossier heeft gekregen, de fiscale betwisting inmiddels is opgelost en dat de huidige betwisting zich beperkt tot de tenlasteneming van de procedurekosten. 2.
  13. Door de beslissing van 8 april 1998 waarbij de verzoeker uitgenodigd werd om de stukken in te zien en er afschrift van te verkrijgen heeft de verzoeker niet langer een actueel belang bij de vernietiging van het bestreden besluit. Het beroep is onontvankelijk. Over de kosten van het beroep 3.
  14. De verzoeker vordert dat de kosten ten laste van de verwerende partij zouden worden gelegd omdat deze, door laattijdig met de vraag om inzage en afschrift in te stemmen, impliciet haar ongelijk heeft toegegeven. 3.
  15. Gelet op de omstandigheden van de zaak en het feit dat het beroep op het moment van het indienen ervan niet kennelijk onontvankelijk was, past het om op deze vraag in te gaan. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  16. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  17. De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 173,53 euro, komen ten laste van de verwerende partij. IX-939-4/5 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 31 maart 2008, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : Mevr. M.-R. BRACKE, voorzitter van de Raad van State, de HH. A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, D. MOONS staatsraad, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. M.-R. BRACKE. IX-939-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.181.545 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.