id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 08 april 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.181.802 Rolnummer: A. 127273/XII-3666 Zaak: Arrest 181802 - Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) - 08/04/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-04-15 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-29 07:52 Fiche Arrest nr 181.802 van 8 april 2008 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Varia (binnenlandse zaken en lokale besturen) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 181.802 van 8 april 2008 in de zaak A. 127.273/XII-
- In zake : de NV SUIKERGROEP, die woonplaats kiest bij advocaten D. Lindemans en F. De Preter, kantoor houdende te 1000 Brussel, Keizerslaan 3 tegen : de STAD LOKEREN. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, XIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de NV Suikergroep op 26 september 2002 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het aanvullend verkeersreglement waartoe de gemeenteraad van de stad Lokeren op 18 december 2001 heeft beslist en waarbij de toegang tot de Dam en de Kasteeldreef vanaf Eksaarde-Dorp wordt verboden voor bestuurders van voertuigen gebruikt voor het vervoer van zaken van meer dan 7,5 ton, uitgezonderd voor laden en lossen, landbouwvoertuigen en plaatselijk verkeer; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgesteld door auditeur P. De Somere; Gelet op de beschikking van 8 mei 2007 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memories; Gelet op de beschikking van 18 december 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 29 januari 2008; Gehoord het verslag van staatsraad J. Lust; XII-3666-1/4 Gehoord de opmerkingen van advocaat F. De Preter, die verschijnt voor verzoekster, en van advocaat L. Carlé, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur P. De Somere; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT :
- Verzoekster zet in het verzoekschrift uiteen dat zij een suikerfabriek exploiteert te Moerbeke, dat daarin suikerbieten worden verwerkt, afkomstig van ongeveer 11.000 ha bietenvelden, en dat deze bieten worden aangevoerd tijdens de zogenaamde bietencampagne die aanvangt in het begin van de maand oktober en ongeveer elf weken duurt. Zij verklaart voorts dat 390 ha bietenvelden in de streek Buggenhout-Opwijk liggen, dat de bieten van die velden via Dendermonde en Lokeren worden aangevoerd, waarna de vrachtwagens “even de weg richting Gent [nemen], om dan naar rechts richting Eksaarde op te rijden”, dat de weg in Eksaarde uitkomt op de straat Eksaarde-Dorp, “waar de vrachtwagens rechts afslaan en even later links de Dam inslaan”, om zo in Moerbeke aan te komen, dat de vermelde 390 ha ongeveer 980 vrachtwagens van 30 ton vertegenwoordigen, gespreid over elf weken, hetzij -heen en terug- 32 vrachtwagens per dag, en dat indien de vrachtwagens deze 390 ha niet via Eksaarde mogen aanvoeren, ze gedwongen zijn een omweg te maken van gemiddeld 36 km. Ook 70 % van de 337 ha bieten die via Temse worden aangevoerd, volgen vanaf Belsele de weg richting Eksaarde. Verzoekster licht toe dat dit transport goed is voor ongeveer 590 vrachtwagens van 30 ton gedurende elf weken, hetzij 20 vrachtwagens van 30 ton per dag heen en terug, en dat ingeval via Antwerpen moet worden omgereden, de omweg 15 km bedraagt.
- Met het oog op de behandeling van de zaak ter terechtzitting gevraagd of er zich sinds de indiening van de laatste procedurestukken feiten hebben voorgedaan die een weerslag kunnen hebben op het belang of de belangstelling, antwoordt verzoekster op 21 december 2007 dat de gevraagde vernietiging en de XII-3666-2/4 opheffing van de tonnagebeperking nog steeds en op evidente wijze haar belangen dient.
- De verwerende partij daarentegen meldt met een brief van 28 december 2007 dat er zich “wel degelijk nieuwe en belangrijke gegevens” hebben voorgedaan, namelijk heeft, blijkens een bijgevoegd krantenbericht uit De Standaard van 27 december 2007, verzoekster twee dagen tevoren de sluiting van de fabriek te Moerbeke bekendgemaakt. Hieruit volgt, aldus de verwerende partij, dat verzoekster geen enkel belang meer heeft. Naar in het krantenbericht gemeld wordt, heeft de directie de sluiting op een ondernemingsraad aangekondigd en heeft zij meegedeeld dat de sluiting moet worden gezien in het kader van de Europese suikerhervorming, die ertoe strekt de productie van suiker op het continent te doen verminderen om meer import van suiker toe te laten. In het bericht komt ook de burgemeester van Moerbeke-Waas aan het woord die oppert: “Als de suikerfabriek hier weg is, betekent dat meteen ook dat er plaats vrij komt voor de bouw van zo’n 300 woningen”. Exacte plannen “op dit vlak” zouden er evenwel nog niet bestaan.
- Ter terechtzitting over het voorgaande uitdrukkelijk ondervraagd, betwist verzoekster niet dat de fabriek zal worden gesloten, noch dat, zoals verwerende partij doet gelden, de intentie daartoe al is meegedeeld aan de landbouwers die bieten aanleveren. Eveneens maakt verzoekster gewag van de “ontmanteling” van de fabriek. Finaal meent zij niettemin voort een belang bij de gevorderde vernietiging te hebben omdat het niet is uit te sluiten dat in de fabriek een andere industriële activiteit zal worden ontplooid.
- Met haar beroep wou verzoekster initieel bereiken dat de vrachtwagens voor het vervoer van bieten, weer als vroeger gebruik konden maken van de Kasteeldreef en de Dam om haar fabriek te Moerbeke te bereiken. Dat streven blijkt op vandaag geheel achterhaald. Wat verzoekster thans zogezegd nog aan belang overhoudt, gaat uitsluitend terug op het voordeel dat een vernietiging haar mogelijkerwijs kan bijbrengen in sommige toekomstscenario’s die even onduidelijk als onzeker zijn. XII-3666-3/4 Dit belang is al te theoretisch en hypothetisch. De omstandigheid dat, traditioneel, het belang bij het bestrijden van een reglementaire bepaling met meer soepelheid wordt beoordeeld dan het belang bij een beroep tegen een individuele beslissing, kan dat niet verhelpen.
- De exceptie is gegrond. Het beroep is niet ontvankelijk bij gebrek aan een gebleven afdoende belang. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 175 euro, komen ten laste van verzoekster. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op acht april 2008, door de XIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. D. VERBIEST, kamervoorzitter, J. LUST, staatsraad, G. VAN HAEGENDOREN, staatsraad, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-3666-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.181.802 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div