← België

Arrest 181874 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 10/04/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 10 april 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.181.874 Rolnummer: A. 183935/VII-37006 Zaak: Arrest 181874 - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) - 10/04/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-04-22 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-06-29 07:53 Fiche Arrest nr 181.874 van 10 april 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Varia (ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu) Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 181.874 van 10 april 2008 in de zaak A. 183.935/VII-37.

  1. In zake : de INTERGEMEENTELIJKE VERENIGING VOOR ONTWIK- KELING VAN HET GEWEST MECHELEN EN OMGEVING (IGEMO), die woonplaats kiest bij advocaten P. FLAMEY en P. J. VERVOORT, kantoor houdende te ANTWERPEN, Jan Van Rijswijcklaan 16 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering. tussenkomende partij : de Openbare Vlaamse Afvalstoffenmaatschappij (hierna : OVAM), die woonplaats kiest bij advocaten P. ENGELS en W. SLOSSE, kantoor houdende te ANTWERPEN, Brusselstraat
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de INTERGEMEENTELIJKE VERENIGING VOOR ONTWIKKELING VAN HET GEWEST MECHELEN EN OMGEVING (IGEMO) op 11 juni 2007 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het besluit van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Energie, Leefmilieu en Natuur van 10 april 2007 houdende uitspraak over het beroep ingesteld tegen de beslissing van OVAM van 3 juli 2003, waarbij deze beslist dat de verzoekende partij niet aantoont dat zij conform de bepalingen van artikel 31 van het bodemsaneringsdecreet niet verplicht is om tot bodemsanering over te gaan; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 12 oktober 2007; Gelet op de beschikking van 22 oktober 2007 die de tussenkomst van OVAM toelaat; Gezien de memorie van antwoord; VII-37.006-1/3 Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd M. LEFEVER; Gelet op de beschikking van 8 februari 2008 houdende kennisge- ving van het verslag en oproeping van de partijen om te verschijnen op de terechtzitting van 13 maart 2008; Gehoord het verslag van kamervoorzitter L. HELLIN; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur P. SOUR- BRON; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de verzoekende partij bij brief van 7 januari 2008 aan de Raad van State mededeelt dat door een nieuwe beslissing van OVAM er niet langer tot sanering moet worden overgegaan en dat zij afstand doet van haar beroep; dat, gelet op de omstandigheden van de zaak, de kosten van het geding ten laste van de verwerende partij worden gelegd, BESLUIT: Artikel
  3. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  4. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. VII-37.006-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tien april tweeduizend en acht, door : de H. L. HELLIN, kamervoorzitter, Mevr. E. IMPENS, griffier. De griffier, De voorzitter, E. IMPENS. L. HELLIN. VII-37.006-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.181.874 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.