id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 21 april 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.182.184 Rolnummer: A. 135505/IX-3776 Zaak: Arrest 182184 - Federaal openbaar ambt (behalve bijzondere statuten) - Reglementen - 21/04/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-05-05 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-06-29 07:56 Fiche Arrest nr 182.184 van 21 april 2008 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt (behalve bijzondere statuten) - Reglementen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 182.184 van 21 april 2008 in de zaak A. 135.505/IX-
- In zake : Marc BOES, wonende te OUD-HEVERLEE, Meuterweg 30 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Mobiliteit, thans de staatssecretaris voor Mobiliteit. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Marc BOES op 15 april 2003 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de impliciete weigering van de Minister van Mobiliteit en Vervoer om inzage te verlenen in bestuursdocumenten; Gezien de brief en het administratief dossier van de verwerende partij; Gezien de toelichtende memorie van de verzoekende partij; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd P. DE WOLF; Gelet op de beschikking van 6 september 2004 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien het verzoek tot voortzetting door de verzoekende partij en de laatste memorie van de verwerende partij; Gelet op de beschikking van 30 januari 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 3 maart 2008; IX-3776-1/4 Gehoord het verslag van de voorzitter van de Raad van State M.-R. BRACKE; Gehoord de opmerkingen van adviseur L. CLOET die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van adjunct-auditeur-generaal P. DE WOLF; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : Over de gegevens van de zaak 1.
- Met een brief van 18 december 2002 vraagt de verzoeker aan de toenmalig Minister van Mobiliteit en Vervoer om inzage te krijgen in de stukken van het administratief dossier van het koninklijk besluit van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen, die betrekking hebben op de door het artikel 30 van dat koninklijk besluit ingevoerde verplichting tot het aanbrengen van een kentekenplaat met retroflecterende achtergrond aan de voorzijde van autovoertuigen. 1.
- In een brief van 24 januari 2003 aan de Minister van Mobiliteit en Vervoer wijst de verzoeker er op dat hij op bovenvermeld verzoek nog steeds geen antwoord heeft ontvangen en vraagt hij om zijn verzoek te heroverwegen. 1.
- In een brief van 24 januari 2003 vraagt de verzoeker in deze zaak advies aan de Commissie voor de toegang van bestuursdocumenten. De voorzitter van voormelde commissie deelt bij brief van 27 februari 2003 aan de verzoeker mee dat de commissie in een advies van 24 februari 2003 gesteld heeft dat de gevraagde bestuursdocumenten openbaar gemaakt moeten worden aangezien de minister geen redenen heeft aangevoerd waarom de toegang tot de documenten zou moeten of kunnen worden geweigerd. IX-3776-2/4 1.
- Met een ter post aangetekende brief van 15 april 2003 vordert de verzoeker de nietigverklaring van de impliciete weigering van de Minister van Mobiliteit en Vervoer om inzage te verlenen in bovenvermelde bestuursdocumenten. 1.
- In een brief van 10 juli 2003 nodigt de federale overheidsdienst Mobiliteit en Vervoer de verzoeker uit om een afspraak te maken voor inzage van het administratief dossier van het koninklijk besluit van 20 juli 2001 betreffende de inschrijving van voertuigen. Over de ontvankelijkheid van het beroep 2.
- De verzoeker verklaart in zijn memorie van toelichting geen belang meer te hebben bij de vernietiging van de stilzwijgende weigering daar hij nu wel de toestemming heeft gekregen om het administratief dossier in te zien. 2.
- Door voormelde toestemming heeft de verzoeker geen actueel belang meer bij zijn beroep. Nadat de auditeur-verslaggever in zijn verslag tot deze conclusie kwam, hebben zowel de verzoeker, in zijn verzoek tot voortzetting, als de verwerende partij in haar laatste memorie, zich met deze stelling akkoord verklaard. Het beroep is onontvankelijk. Over de kosten van het beroep 3.
- De verzoeker vordert dat de kosten ten laste van de verwerende partij gelegd zouden worden. 3.
- Gelet op de concrete omstandigheden van de zaak en het feit dat het beroep op het moment van het indienen ervan niet kennelijk onontvankelijk was, past het om op deze vraag in te gaan. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- Het beroep wordt verworpen. IX-3776-3/4 Artikel
- De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 21 april 2008, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : Mevr. M.-R. BRACKE, voorzitter van de Raad van State, de HH. A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, D. MOONS staatsraad, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. M.-R. BRACKE. IX-3776-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.182.184 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.