← België

Arrest 182325 - Overheidsopdrachten - 24/04/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 24 april 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.182.325 Rolnummer: A. 187091/XII-5345 Zaak: Arrest 182325 - Overheidsopdrachten - 24/04/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-05-08 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-06-29 07:57 Fiche Arrest nr 182.325 van 24 april 2008 Overheidsopdrachten en openbare werken - Overheidsopdrachten Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 182.325 van 24 april 2008 in de zaak A. 187.091/XII-

  1. In zake :
  2. Tom DE WILDE,
  3. de NV THE BOTTOM LINE die woonplaats kiezen bij advocaat Jo Van Overberghe, kantoor houdende te Deinze, Guido Gezellelaan 109 tegen : de STAD GENT , die woonplaats kiest bij advocaat P. Devers, kantoor houdende te Gent Kouter 71-
  4. -------------------------------------------------------------------------------------------------- - DE VOORZITTER VAN DE XIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Tom De Wilde en de NV The Bottom Line op 18 februari 2008 hebben ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging te vorderen van “de beslissing van de Gemeenteraad van de stad Gent genomen tijdens de zitting van 18 december 2007 omtrent punt 38 van de agenda en met als besluit : ‘enig artikel : met de N.V. Sercu global consulting, met zetel te 8870 Izegem, Baronielaan 7, een overeenkomst af te sluiten voor de terbeschikkingstelling van het Gentse Sportpaleis en de organisatie van de Zesdaagse van Gent overeenkomstig het ontwerp van overeenkomst gevoegd bij dit besluit”; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgesteld door eerste auditeur P. Barra; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; XII-5345-1/3 Gelet op de beschikking van 9 april 1988 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 17 april 2008; Gehoord het verslag van kamervoorzitter D. Verbiest; Gehoord de opmerkingen van advocaat F. Rogge, die verschijnt voor de verzoekers, en van advocaat P. Devers, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur P. Barra; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT :
  5. Krachtens artikel 17, § 2, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de nietigverklaring van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen.
  6. Wat de tweede voorwaarde betreft, betogen de verzoekende partijen dat hun door de bestreden beslissing de mogelijkheid wordt ontzegd om mee te dingen voor de organisatie van de wielerzesdaagse van Gent. Uit dit betoog blijkt dat de verzoekende partijen door de voorliggende schorsingsvordering beogen een nieuwe kans te scheppen om zelf de gekozen medecontractant te zijn van de betrokken overeenkomst.
  7. Te dezen betreft de gevraagde schorsing een beslissing die de keuze inhoudt door de verwerende partij van een medecontractant bij een overeenkomst. Door geen van de partijen wordt betwist dat die overeenkomst tot stand is gekomen. De betrokken overeenkomst wordt voorgelegd en blijkt op 21 december 2007 gesloten tussen de verwerende partij en de NV Sercu Global Consulting. De schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing zou niet de schorsing meebrengen van de tot stand gekomen overeenkomst XII-5345-2/3 aangezien het tot de uitsluitende bevoegdheid van de gewone rechtbanken behoort om de uitvoering van een overeenkomst te schorsen. Het nadeel waardoor de verzoekende partijen aanvoeren te zijn bedreigd, kan dienvolgens niet worden tenietgedaan of vermeden door een schorsingsarrest van de Raad van State aangezien zelfs bij een dergelijke schorsing het bestaan van de voormelde overeenkomst blijkt te verhinderen dat het de verzoekende partijen zijn die medecontractant worden van de verwerende partij.
  8. Aan de tweede van de door het voormelde artikel 17 gestelde voorwaarden is niet voldaan. Die vaststelling volstaat om de vordering tot schorsing te verwerpen. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  9. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
  10. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vierentwintig april 2008, door : de H. D. VERBIEST, kamervoorzitter, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-5345-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.182.325 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.200.435 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.