← België

Arrest 182468 - Tucht (openbaar ambt) - 28/04/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 april 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.182.468 Rolnummer: A. 185242/IX-5763 Zaak: Arrest 182468 - Tucht (openbaar ambt) - 28/04/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-05-13 Raadplegingen: 55 - laatst gezien 2026-06-29 07:58 Fiche Arrest nr 182.468 van 28 april 2008 Openbaar ambt - Tucht (openbaar ambt) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 182.468 van 28 april 2008 in de zaak A. 185.242/IX-

  1. In zake : Eric VAN DE POEL, die woonplaats kiest bij advocaat I. EXELMANS, kantoor houdende te DIEST, Schellekensberg 28 tegen : de lokale politiezone Neteland, dat woonplaats kiest bij advocaat N. DEVOS, kantoor houdende te GEEL, Diestseweg
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Eric VAN DE POEL op 24 september 2007 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 20 juli 2007 van het politiecollege van de lokale politiezone Neteland waarbij aan verzoeker de zware tuchtstraf van het ontslag van ambtswege wordt opgelegd; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord aan de verzoekende partij op 6 november 2007; Gelet op de kennisgeving door de hoofdgriffier, op 19 februari 2008, van de mededeling bedoeld in artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuurs- rechtspraak van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; IX-5763-1/3 OVERWEEGT WAT VOLGT: Naar luid van artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, stelt de Raad van State het ontbreken van het vereiste belang vast als de verzoekende partij de termijnen voor het toesturen van de memorie van wederantwoord of van de aanvullende memorie niet eerbiedigt. Bij het versturen van een kopie van de memorie van antwoord aan de verzoeker heeft de hoofdgriffier te dezen melding gemaakt van het genoemde artikel 21, tweede lid, van de wetten op de Raad van State. De verzoeker heeft geen memorie van wederantwoord aan de griffie toegestuurd. In de kennisgeving aan de verzoeker, op grond van artikel 14bis, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, is meegedeeld dat de kamer uitspraak zou doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen zou vragen om te worden gehoord. Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord. Te dezen dient vastgesteld te worden dat het vereiste belang om de gevorderde vernietiging te verkrijgen, ontbreekt OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  3. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  4. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. IX-5763-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 28 april 2008, door : de HH. A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. A. VANDENDRIESSCHE. IX-5763-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.182.468 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.