id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 18 juni 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.184.312 Rolnummer: A. 99977/X-10079 Zaak: Arrest 184312 - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen - 18/06/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-07-02 Raadplegingen: 57 - laatst gezien 2026-06-29 08:14 Fiche Arrest nr 184.312 van 18 juni 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen Beslissing : Vernietiging bekendmaking Verwerping overige Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 184.312 van 18 juni 2008 in de zaak A. 99.977/X-10.
- In zake :
- de gemeente TESSENDERLO,
- de stad BERINGEN, die woonplaats kiezen bij advocaten M. BOES en W. MERTENS, kantoor houdende te 3580 BERINGEN, Scheigoorstraat 5 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat L. DEHAESE, kantoor houdende te 3500 HASSELT, Luikersteenweg
- D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de gemeente TESSENDERLO en de stad BERINGEN op 31 januari 2001 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 13 juli 2000 van de Vlaamse regering, houdende verlenging van de termijn voor de definitieve vaststelling van het gewestplan Hasselt-Genk, en van het besluit van 6 oktober 2000 van de Vlaamse regering, houdende definitieve vaststelling van het plan tot gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Hasselt-Genk op het grondgebied van de gemeenten Alken, As, Beringen, Diepenbeek, Genk, Halen, Ham, Hasselt, Herk-de-Stad, Heusden-Zolder, Leopoldsburg, Lummen, Opglabbeek, Tessenderlo, Zonhoven en Zutendaal, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 2 december 2000; Gezien de toelichtende memorie van de verzoekende partijen; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur A. EYLENBOSCH; Gelet op de beschikking van 23 december 2004 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; X-10.079-1/12 Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memorie van de verzoekende partijen; Gelet op de beschikking van 21 maart 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 25 april 2008; Gehoord het verslag van staatsraad S. DE TAEYE; Gehoord de opmerkingen van advocaat W. MERTENS, die verschijnt voor de verzoekende partijen, en van advocaat S. VANDEWIELE, die loco advocaat L. DEHAESE verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur A. EYLENBOSCH; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
- De rechtspleging De memorie van antwoord en het administratief dossier werden buiten de voorgeschreven termijn van zestig dagen ingediend. Dienvolgens moet de memorie van antwoord uit de debatten worden geweerd en worden de door de verzoekende partijen weergegeven feiten in deze zaak, overeenkomstig artikel 21, derde lid van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, als bewezen geacht, tenzij deze feiten kennelijk onjuist zouden zijn.
- De feiten 2.
- Op het gewestplan Hasselt-Genk, zoals vastgesteld bij koninklijk besluit van 3 april 1979, is een reservatiestrook voorzien voor de aanleg van de N
- Op basis van deze gewestplanbestemming zijn reeds meerdere stedenbouwkundige vergunningen afgegeven, onder meer voor de aanleg van een brug over het Albertkanaal en de aanleg van een op- en afrittencomplex op de autosnelweg E313 (afrit 26a), waarvan de werken reeds zijn uitgevoerd. Ook bij de opmaak van het bijzonder plan van aanleg Hulst-Konijnsberg, goedgekeurd bij ministerieel besluit X-10.079-2/12 van 8 oktober 1986, bij de aanleg van het lokale wegennet en bij de afgifte van verkavelingsvergunningen, werd met de aanleg van de N73 rekening gehouden. Het was de bedoeling om middels de aanleg van de N73 een rechtstreekse verbinding van het industrieterrein Schoonhees en de naastliggende KMO-zone met de autosnelweg E313 te realiseren. 2.
- Bij besluit van de Vlaamse regering van 8 juni 1999 wordt het ontwerpplan tot gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Hasselt-Genk op het grondgebied van de gemeenten Alken, As, Beringen, Diepenbeek, Genk, Halen, Ham, Hasselt, Herk-de-Stad, Heusden-Zolder, Leopoldsburg, Lummen, Opglabbeek, Tessenderlo, Zonhoven en Zutendaal, voorlopig vastgesteld. De reservatiestrook van het tracé van de N73 te Tessenderlo, vanaf de Hofstraat tot en met de brug over het Albertkanaal, wordt geschrapt. Luidens het voormelde besluit van de Vlaamse regering van 8 juni 1999 wordt de reservatiestrook ten noorden, tussen industrieterrein Tessenderlo en het heringerichte oprittencomplex op de A13, geschrapt “aangezien de ontsluiting van het industrieterrein via het zuiden gebeurt via de Industrieweg tussen de industriezone Schoonhees Oost en de industriezone West en Noord Tessenderlo”. 2.
- Van 18 oktober 1999 tot en met 16 december 1999 wordt het ontwerpplan aan een openbaar onderzoek onderworpen. 2.
- Op 31 januari 2000 formuleert de eerste verzoekende partij het volgende bezwaar tegen de voorgestelde schrapping van het tracé van de N73 : “Op het in voege zijnde gewestplan Hasselt-Genk, goedgekeurd op 03.04.1979, is een reservatiestrook voorzien voor de aanleg van de N
- Op basis hiervan zijn bouwvergunningen afgeleverd voor het aanleggen van een brug over het Albertkanaal en de aanleg van een nieuw op- en afrittencomplex op de autosnelweg E313, werken die reeds lang uitgevoerd zijn. Door de schrapping van het tracé wordt deze brug over het Albertkanaal een zonevreemd overbodig bouwwerk. Het goedgekeurd bpa Hulst-Konijnsberg heeft reeds rekening gehouden met het tracé N73 om een rechtstreekse aansluiting met de autosnelweg E313 te realiseren. Ook voor de aanleg van het lokale wegennet werd met dit tracé rekening gehouden. Het behoud van dit tracé, met de verbinding via de bestaande brug over het Albertkanaal, naar het noordoosten in de richting van Beverlo-Leopoldsburg, zal in de toekomst zeer nuttig zijn voor de vermindering van de verkeersdruk in het centrum van de wijk Hulst, en de deelgemeenten Kwaadmechelen en Oostham in Ham. X-10.079-3/12 De aanleg in 2000 van de geplande insteekweg vanaf de Industrieweg, op het tracé van de N73, tot de Hofstraat, waarvoor de vergunning reeds bekomen is, zal het zwaar verkeer verminderen in een aantal woonzones. Dit zou nog kunnen verbeteren door de rechtstreekse verbinding te maken met de autosnelweg E
- Het voorgestelde alternatief voor de N73 voor de ontsluiting van de industriezone Schoonhees via de Industrieweg en de Havenlaan zou kunnen conflicten geven op enkele kruispunten. De realisatie van een rechtstreekse verbinding van het industrieterrein Schoonhees en de naastliggende KMO-zone via het tracé van de N73 met de E313 heeft ongetwijfeld grote voordelen zoals:
- Het zwaar vervoer van en naar de chemische industrie, de overige industrie en de KMO’s zal deze directe en kortere verbinding met de E313 kiezen, zodat de bestaande wegeninfrastructuur, en de woon- en dorpskernen beter gespaard blijven.
- Deze rechtstreekse verbinding verbetert de toegang voor de hulpdiensten (brandweer/MUG/civiele bescherming/enz.) om bij noodsituaties de gemeenschap in Tessenderlo-centrum en de industriezones sneller te bereiken.
- De kortere, rechtstreekse verbinding heeft naast verkeerstechnische en economische voordelen ook ecologische voordelen zoals minder energieverbruik en minder uitlaatgassen. Om al deze redenen pleiten wij dan ook om de mogelijkheid open te houden en dit reeds lang bestaande tracé op het definitieve gewestplan te behouden. Wij zijn er zeker van dat er in de toekomst terug met goede redenen zal gepleit worden om de reeds lang geplande weg toch te realiseren”. 2.
- Op 7 februari 2000 brengt de tweede verzoekende partij het volgende ongunstig advies over de schrapping van het tracé van de N73 uit : “Gezien door de opheffing van het oorspronkelijke tracé van de N73 over het grondgebied Tessenderlo, de verbinding van de N72 naar de E313 onmogelijk is, wordt verzocht de oorspronkelijk voorziene tracés te behouden en deze te realiseren. (...) De voorziene opheffing van het oorspronkelijke tracé van de N73 op het grondgebied van de gemeente Tessenderlo belet de verdere ontwikkeling van de industriezone Beringen-Tessenderlo en de ontsluiting ervan (...)”. 2.
- Op 10 februari 2000 brengt ook de deputatie van de provincieraad van Limburg een advies uit waarin zij voor het behoud van het tracé van de N73 pleit : “(...) Wat betreft het voorstel tot schrapping van het tracé van de N73 die de verbinding maakt tussen de autostrade E313 en de industriezone Schoonhees (kaartblad 25/2) wordt gepleit voor het behoud van dit tracé. Het standpunt van de gemeente Tessenderlo aangaande dit ontwerp wordt ondersteund”. X-10.079-4/12 2.
- Op 22 februari 2000 vraagt de regionale commissie van advies een verlenging van de adviestermijn met 60 dagen. Bij ministerieel besluit van 14 maart 2000 wordt de gevraagde termijnverlenging toegestaan. 2.
- Op 5 juni 2000 brengt de regionale commissie van advies haar eindadvies uit. De bezwaren en adviezen van de verzoekende partijen en van de deputatie worden bijgetreden en de regionale commissie van advies adviseert de voorgestelde schrapping van het tracé van de N73 ongunstig : “(...)
- Lijninfrastructuren Al de voorgestelde opheffingen van de wegentracés - opgeheven omdat de infrastructuur is aangelegd of omdat de voorziene wegen niet zijn opgenomen in het ruimtelijk structuurplan Vlaanderen - worden gunstig geadviseerd, met uitzondering van de schrapping van het tracé van de N73 te Tessenderlo. De commissie adviseert deze schrapping ongunstig omdat de optie tot het aanleggen van deze verbinding behouden dient te blijven. Het is daarom niet noodzakelijk deze in de onmiddellijke toekomst aan te leggen doch de mogelijkheid daartoe dient te blijven bestaan. Er is op dit ogenblik onvoldoende duidelijkheid omtrent de nodige verkeersvoorzieningen. Door de afdeling Natuur van AMINAL wordt ook gewerkt aan een project om een migratieroute te creëren tussen natuurgebieden via een ecoduct- wildbrug over het kanaal. Met dit project dient eveneens rekening gehouden te worden. (...)”. 2.
- Op 13 juli 2000 beslist de Vlaamse regering de vervaltermijn voor de definitieve vaststelling van het gewestplan Hasselt-Genk te verlengen met 60 dagen. Dit is het eerste bestreden besluit. 2.
- Op 28 september 2000 brengt de afdeling wetgeving van de Raad van State, met toepassing van het op dat ogenblik geldende artikel 84, eerste lid, 2/ van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, advies uit. 2.
- Op 6 oktober 2000 beslist de Vlaamse regering tot de definitieve vaststelling van het plan tot gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Hasselt- Genk op het grondgebied van de gemeenten Alken, As, Beringen, Diepenbeek, Genk, Halen, Ham, Hasselt, Herk-de-Stad, Heusden-Zolder, Leopoldsburg, Lummen, Opglabbeek, Tessenderlo, Zonhoven en Zutendaal. Dit is het tweede bestreden besluit. De schrapping van de N73 te Tessenderlo, zoals voorgesteld in het ontwerpplan, blijft behouden. Het tweede bestreden besluit overweegt terzake wat volgt : X-10.079-5/12 “Overwegende dat de voorstellen die betrekking hebben op de lijninfrastructuur enerzijds de intekening van gerealiseerde infrastructuur en anderzijds het schrappen van de reservatiestroken voor niet in het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen geselecteerde infrastructuur zoals voorzien in het ontwerpplan behouden blijven met uitzondering van de bepalingen voor volgende delen; Overwegende dat, in afwijking van het advies van de Regionale Commissie en de ter zake uitgebrachte adviezen tot opheffing van de schrapping van het gedeelte van de N73, strook ten noorden tussen industrieterrein Tessenderlo en het heringerichte oprittencomplex op de A13 te Tessenderlo het ontwerpplan behouden blijft zodat het ontworpen tracé derhalve vervalt; dat het standpunt van de regionale commissie niet kan worden bijgetreden aangezien dit gedeelte niet geselecteerd is in het primaire wegennet volgens het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen; dat het ontworpen tracé noch als ontsluiting van de industriezones binnen het economisch knooppunt van het Albertkanaal noch als bijkomende ontsluiting voor de gemeente Tessenderlo naar de E313 dienstig is volgens de meest recente mobiliteitstudies; dat de ontsluiting en de verbinding van de industriezone Schoonhees Oost en de industriezone West en Noord Tessenderlo gebeurt langs het zuiden via de bestaande industrieweg; dat het bijkomend motief van de Regionale Commissie met name het project van AMINAL om een migratieroute te creëren tussen natuurgebieden, waarbij een ecoduct-wildbrug over het kanaal kan benut worden op het geplande tracé, geen aanleiding kan zijn om de reservatiestrook voor een wegtracé in westelijke richting op het gewestplan te behouden”. 2.
- Het tweede bestreden besluit wordt bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 2 december
- 3.
- De ontvankelijkheid van het beroep in zoverre het is gericht tegen de eerste bestreden beslissing Het beroep is niet ontvankelijk in zoverre de nietigverklaring wordt gevorderd van de eerste bestreden beslissing van 13 juli 2000 houdende verlenging van de termijn voor de definitieve vaststelling van het gewestplan Hasselt-Genk. Een beslissing tot verlenging van de termijn tot definitieve vaststelling van het gewestplan moet immers worden aangemerkt als een louter voorbereidende handeling, deel uitmakend van een complexe administratieve rechtshandeling, die onlosmakelijk verbonden is met en voorbereidend is aan de later te nemen beslissing waarbij het gewestplan definitief wordt vastgesteld, maar die op zichzelf geen enkele invloed heeft op de inhoud van die beslissing. Dergelijke beslissing kan niet met een afzonderlijk annulatieberoep worden bestreden, zodat het beroep niet ontvankelijk is in zoverre het gericht is tegen de eerste bestreden beslissing. X-10.079-6/12 3.
- De ontvankelijkheid van het beroep in zoverre het is gericht tegen het tweede bestreden besluit in zijn geheel De verzoekende partijen vragen de nietigverklaring van het tweede bestreden besluit in zijn geheel. De verzoekende partijen blijken zich evenwel enkel gegriefd te achten in zoverre bedoeld besluit de reservatiestrook van het tracé van de N73 te Tessenderlo schrapt. Het annulatieberoep dient tot dat onderdeel van het aangevochten plan te worden beperkt aangezien niet blijkt en de verwerende partij evenmin opwerpt dat terzake het gewestplan een geheel vormt, en de gedeeltelijke nietigverklaring ervan niet denkbaar en alzo niet toelaatbaar is omdat de nietigverklaring geen betrekking of uitwerking heeft op een vanuit planologisch standpunt isoleerbaar gebied binnen het gewest, zodat een gedeeltelijke vernietiging tot gevolg zou hebben de algehele economie van het plan aan te tasten. In het huidige geval dient te worden aangenomen dat de bestemmingen welke het aangevochten gewestplan aan die gronden heeft gegeven, kunnen worden vervangen, zonder aan de algemene economie van dat plan afbreuk te doen. Het beroep is vanuit dat oogpunt en vanuit het oogpunt van het vereiste belang in die mate ontvankelijk.
- De gegrondheid van het beroep gericht tegen het tweede bestreden besluit 4.
- Derde middel In een derde middel roepen de verzoekende partijen de schending in van artikel 11, § 7, derde lid, van het decreet betreffende de ruimtelijke ordening, gecoördineerd op 22 oktober 1996 en van het motiveringsbeginsel : “Doordat de Vlaamse Regering in het tweede alhier bestreden besluit afgeweken is van een advies van de regionale commissie van advies en geen rekening heeft gehouden met de bezwaren van onder meer verzoekende partijen en nog andere bezwaarindieners en dit zonder dat de Vlaamse Regering haar beslissing afdoende gemotiveerd heeft op basis van in rechte en in feite pertinente motieven. 3.3.
- Toelichting Krachtens artikel 11 paragraaf 7 alinea 3 moet de Vlaamse Regering indien zij afwijkt van het advies van de regionale commissie van advies haar beslissing motiveren. Dit is niet gebeurd op afdoende en pertinente wijze. De regionale commissie van advies heeft met betrekking tot de voorgestelde gewestplanwijziging en de afschaffing van het tracé van de N73 een ongunstig advies gegeven. De regionale commissie van advies heeft op grondige wijze de situatie onderzocht en rekening gehouden met de bezwaren van de gemeente Tessenderlo en Beringen, andere bezwaarindieners en ook met het advies van de Bestendige Deputatie van de provincie Limburg. Al deze betrokkenen waren X-10.079-7/12 en zijn tegen de opheffing van het tracé van de N73 en dus tegen de voorgestelde gewestplanwijziging. De commissie adviseert de schrapping van het tracé van de N73 te Tessenderlo ongunstig omdat de optie tot het aanleggen van deze verbinding behouden dient te blijven. Het is daarom niet noodzakelijk deze in de onmiddellijke toekomst aan te leggen, doch de mogelijkheid daartoe dient te blijven bestaan. Er is op dit ogenblik onvoldoende duidelijkheid omtrent de nodige verkeersvoorzieningen. Door de afdeling natuur van Aminal wordt ook gewerkt aan een project om een migratieroute te creëren tussen natuurgebieden via een ecoduct-wildbrug over het kanaal. Met dit project dient eveneens rekening gehouden te worden. De Bestendige Deputatie adviseert op 10.02.2000 dat wat betreft het voorstel tot schrapping van het tracé van de N73 die de verbinding maakt tussen de autostrade E313 en de industriezone Schoonhees, gepleit wordt voor het behoud van dit tracé. Het standpunt van de gemeente Tessenderlo en Beringen aangaande dit ontwerp wordt ondersteund. Het standpunt van de gemeente Beringen blijkt voldoende uit het gemeenteraadsbesluit van 7 februari 2000 (...); dat van Tessenderlo blijkt voldoende uit het besluit van de gemeenteraad van 31.01.2000 en uit de toelichtingen die verstrekt werden op de vergadering van 28.02.2000 van de regionale commissie van advies (...). In het tweede alhier bestreden besluit wordt gesteld dat het ontworpen tracé noch als ontsluiting van de industriezones binnen het economisch knooppunt van het Albertkanaal, noch als bijkomende ontsluiting voor de gemeente Tessenderlo naar de E313 dienstig is volgens de meest recente mobiliteitstudies. Zonder enig stuk hiervan bij te brengen en zonder enige verwijzing naar een concrete studie stelt de Vlaamse Regering het tegenovergestelde van datgene wat de gemeente Tessenderlo, Beringen, de Bestendige Deputatie van Limburg en de RCA hebben gesteld. De locale overheden zijn nochtans beter geplaatst om te oordelen of de N73 voor ontsluiting van de industriezones binnen het economisch knooppunt van het Albertkanaal kan zorgen en of het bijkomende ontsluiting is voor de gemeente Tessenderlo en Beringen naar de E
- Verzoekende partijen brengen juist studies bij die juist wijzen op het tegendeel van datgene wat in het bestreden besluit staat. In het ontwerp MER ‘Industrieterrein Ravenshout’ staat: ‘Wat de externe ontsluiting van de zone betreft, dient er naar gestreefd deze maximaal te laten gebeuren via de Kanaalweg en de N73 in noordelijke richting en de Industrieweg in zuidelijke richting’ (...) In de toelichtingsnota betreffende de economische ontsluiting van West-Limburg in functie van de verdere industriële en toeristische ontwikkeling, wordt uitdrukkelijk gewezen op het belang van de op- en afrit 26A om de op- en afrit 25 te ontlasten. (...): ‘Door ook het industrieverkeer van en naar de bestaande industriezone Ravenshout te oriënteren richting op- en afrit nr. 26A wordt de afrit nr. 25 (Paal) in belangrijke mate ontlast van zwaar verkeer. De op- en afrit nr. 25 zal dan nog uitsluitend, voor wat het industrieverkeer betreft, worden gebruikt ter ontsluiting van de (bestaande en nieuwe) KMO-zone Ravenshout en richting industrieterrein Beringen (Noord en Zuid). Vlaams Gewest Afdeling Wegen Limburg voorziet in haar meerjarenplan (2000-2002) aanpassingen aan het knooppunt E313-Paalsesteenweg-Industrieweg. ... Het is belangrijk en essentieel om aan te stippen dat het voorgesteld ontsluitingsconcept uitsluitend gebruik maakt van bestaande tracés en X-10.079-8/12 trajecten. In dit planvoorstel worden deze geactiveerd en gereactiveerd en worden bestaande infrastructuren (zoals de op- en afrit 26A en de kanaalbrug op het tracé van de N73) optimaal benut in functie van een moderne ontsluiting. Deze aanpak is kosten- en ruimteefficiënt’ De stelling van de Vlaamse Regering beantwoordt bovendien geenszins, minstens niet afdoende het bezwaar dat door de gewestplanwijziging het op- en afrittencomplex als mede een deel van de gerealiseerde N73 zonevreemd komen te liggen (met name in landbouwgebied). Er zijn immers bouwvergunningen afgeleverd voor het aanleggen van een brug over het Albertkanaal en voor de aanleg van een op- en afrittencomplex op de autosnelweg E
- Deze werken zijn reeds jaren geleden uitgevoerd. Er wordt helemaal niet geantwoord op de bezwaren die meer bepaald gericht zijn op de aanleg van de omliggende wegen. Bij de goedkeuring van het BPA Hulst-Konijnsberg werd rekening gehouden met het tracé N73 om een rechtstreekse aansluiting met de autosnelweg E313 te realiseren. Ook voor de aanleg van het locale wegennet werd met dit tracé rekening gehouden. Dit bezwaar wordt toch geenszins weerlegd door de bewering in het bestreden besluit dat de ontsluiting en de verbinding van de industriezone Schoonhees Oost en de industriezone West en Noord Tessenderlo gebeurt langs het zuiden via de bestaande Industrieweg. Met geen woord is hier gerept over de woonwijken in Hulst-Konijnsberg. Dat Tessenderlo en Beringen bekend zijn om hun industrie zal niemand ontkennen. De ontsluitingswegen die momenteel voorzien zijn, zijn te beperkt. Vandaar dat het tracé van de N73 belangrijk is om te behouden. In genen dele wordt in het bestreden besluit geantwoord op de bezwaren die ook door een aantal bezwaarindieners waaronder Phillips Petroleum en Tessenderlo Chemie en de club van industriëlen van Tessenderlo, e.a. zijn ingediend. Reeds bij de opmaak van het gewestplan Hasselt-Genk op het einde van de jaren 70 werd rekening gehouden met de ontwikkelende industrie ter plaatse. Alle plannen voor ruimtelijke ordening en mobiliteit in Tessenderlo en Beringen hebben steeds rekening gehouden met de aanleg van de N73 om zo een rechtstreekse aansluiting met de E313 te verwezenlijken. Inmiddels zijn er heel wat bedrijven bijgekomen en is de verkeersdrukte ook toegenomen. Door het tracé te behouden is de realisatie mogelijk van een rechtstreekse verbinding van het industrieterrein Schoonhees en de naastliggende KMO zone via de N73 en de E
- Daardoor zal het zwaar vervoer naar de industrie de kortere weg kunnen kiezen waardoor de bestaande wegeninfrastructuur die langs woonkernen loopt vermeden wordt. De rechtstreekse verbinding verbetert inderdaad de toegang voor de hulpdiensten. Naast verkeerstechnische en economische voordelen levert een kortere verbinding ook ecologische voordelen op. Hierover heeft de RCA telkens gesteld dat de bezwaren die werden ingediend worden bijgetreden. Nochtans is over deze bezwaren in de bestreden beslissing van 06.10.2000 niets terug te vinden. De Vlaamse Regering weerlegt niet eens die bezwaren, laat staan dat dit gebeurt op een afdoende en pertinente wijze. De motieven zoals zij zijn aangehaald in het bestreden besluit zijn, algemeen en vaag; bovendien feitelijk onjuist. Ook wordt geen enkele rekening gehouden met de bezwaren die de gemeente Ham heeft ingediend. Immers zal deze gemeente door de aanleg van de N73 ook op een betere wijze ontsloten kunnen worden en zal de druk over de dorpskern Kwaadmechelen en Oostham verminderen. Langs het Albertkanaal heeft de gemeente Ham immers ook een groot industriegebied en door de schrapping van het tracé van de N73 verliest de industriezone X-10.079-9/12 Tessenderlo-Ham een ontsluitingsweg. Ook hierover is in het bestreden besluit niets terug te vinden. Evenmin motiveert de Vlaamse Regering waarom het project van Aminal om een migratieroute te creëren tussen natuurgebieden, waarbij een ecoduct-wildbrug over het kanaal kan benut worden op het geplande tracé geen aanleiding zal kunnen zijn om de reservatiestrook voor een wegtracé in westelijke richting op het gewestplan te behouden. Enkel stellen dat er geen aanleiding kan zijn om de reservatiestrook te behouden, is geen afdoende motivering die in overeenstemming is met de in dit middel aangehaalde regel en beginsel”. 4.
- Bespreking 4.2.
- Artikel 11, § 7, derde lid, van het decreet betreffende de ruimtelijke ordening, gecoördineerd op 22 oktober 1996 (hierna: coördinatiedecreet), luidt : “Indien de Vlaamse regering afwijkt van het advies van de Regionale Commissie van Advies dient zij haar beslissing te motiveren. (...)”. Deze bepaling houdt in dat de Vlaamse regering zich richt naar het advies van de regionale commissie, tenzij er gegronde, met de stedenbouw en de ruimtelijke ordening verband houdende redenen voorhanden zijn om ervan af te wijken en dat de Vlaamse regering, in geval van afwijking van het commissieadvies, de redenen van die afwijking uiteenzet in het besluit waarbij zij het gewestplan definitief vaststelt. De bepaling legt aan de Vlaamse regering evenwel niet de verplichting op, wanneer zij beslist het advies van de regionale commissie niet te volgen, in het vaststellingsbesluit een antwoord te geven op de bezwaren die de regionale commissie in haar advies gegrond bevonden heeft. Het middel mist juridische grondslag in zoverre het betoogt dat de Vlaamse regering ook de bezwaren had moeten weerleggen waar de regionale commissie zich heeft bij aangesloten. 4.2.
- Uit het onder punt 2.8 weergegeven advies van de regionale commissie van advies blijkt dat de omstandigheid dat het betrokken tracé van de N73 in het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen niet is geselecteerd, haar schrapping, volgens die commissie, niet verantwoordt. De loutere vaststelling in het tweede bestreden besluit dat het betrokken tracé van de N73 niet in het primaire wegennet van het Ruimtelijk Structuurplan Vlaanderen is opgenomen, vermag de X-10.079-10/12 afwijking van het advies van de regionale commissie van advies dan ook niet te verantwoorden. 4.2.
- De vaststelling door de regionale commissie van advies dat er concreet onvoldoende duidelijkheid bestaat over de nodige verkeersvoorzieningen, zodat de optie tot het aanleggen van de verbinding van de N73 moet behouden blijven, wordt in het tweede bestreden besluit niet op afdoende wijze weerlegd door de verwijzing naar “recente mobiliteitstudies” volgens dewelke het ontworpen tracé niet dienstig zou zijn als ontsluiting van de industriezones binnen het economisch knooppunt van het Albertkanaal of als bijkomende ontsluiting van de gemeente Tessenderlo naar de E
- In het tweede bestreden besluit wordt immers geen nadere aanduiding van deze “recente mobiliteitstudies” gegeven, terwijl in het administratief dossier geen spoor van deze studies is terug te vinden. De op de voormelde studies gestoelde motivering laat zodoende niet toe, uit te maken of de verwerende partij op goede gronden tot de opvatting is kunnen komen dat de door de regionale commissie van advies, in navolging van de betrokken gemeenten -toch de eerste beoordelaars van de gemeentelijke verkeersproblematiek-, ingeroepen onduidelijkheid omtrent de nodige verkeersvoorzieningen, niet bestaat. 4.2.
- De motivering van het tweede bestreden besluit laat ten slotte niet toe uit te maken of de verwerende partij de gevolgen van de schrapping van de reservatiestrook van de N73 op het project van de afdeling natuur van AMINAL om een migratieroute te creëren tussen natuurgebieden via een ecoduct-wildbrug over het Albertkanaal, al dan niet heeft onderzocht. Als de verwerende partij van mening was dat een dergelijk onderzoek niet hoefde, blijkt uit de motivering niet welke daarvoor de reden was. Als zij de gevolgen wel heeft onderzocht, laat de motivering niet verstaan waarom de verwerende partij deze onvoldoende zwaarwichtig heeft bevonden om, in afwijking van het advies van de regionale commissie van advies, tot schrapping van de reservatiestrook te beslissen. 4.2.
- Het derde middel is gegrond. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- Vernietigd wordt het besluit van 6 oktober 2000 van de Vlaamse regering, houdende definitieve vaststelling van het plan tot gedeeltelijke wijziging X-10.079-11/12 van het gewestplan Hasselt-Genk op het grondgebied van de gemeenten Alken, As, Beringen, Diepenbeek, Genk, Halen, Ham, Hasselt, Herk-de-Stad, Heusden-Zolder, Leopoldsburg, Lummen, Opglabbeek, Tessenderlo, Zonhoven en Zutendaal, bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 2 december 2000, in zoverre bedoeld besluit de reservatiestrook van het tracé van de N73 te Tessenderlo schrapt. Artikel
- Het beroep wordt voor het overige verworpen. Artikel
- Dit arrest zal worden bekendgemaakt op dezelfde wijze als het vernietigde besluit. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 347,06 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op achttien juni 2008, door de Xe kamer, die was samengesteld uit : de HH. R. STEVENS, kamervoorzitter, J. CLEMENT, staatsraad, S. DE TAEYE, staatsraad, Mevr. T. TEMMERMAN, griffier. De griffier, De voorzitter, T. TEMMERMAN. R. STEVENS. X-10.079-12/12 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.184.312 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div