id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 26 juni 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.184.867 Rolnummer: A. 69878/X-6748 Zaak: Arrest 184867 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 26/06/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-07-30 Raadplegingen: 57 - laatst gezien 2026-06-29 08:19 Fiche Arrest nr 184.867 van 26 juni 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : heropening debatten Opnieuw vastgesteld Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 184.867 van 26 juni 2008 in de zaak A. 69.878/X-
- In zake : de n.v. GROENHOVE, die woonplaats kiest bij advocaat C. DE BROUWERE, kantoor houdende te 8310 BRUGGE, Bossuytlaan 35 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat B. BRONDERS, kantoor houdende te 8400 OOSTENDE, E. Beernaertstraat
- D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de n.v. GROENHOVE op 15 juli 1996 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 26 april 1996 van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Vervoer en Ruimtelijke Ordening houdende, enerzijds, inwilliging van het beroep van het college van burgemeester en schepenen van de stad Brugge tegen de beslissing van 19 oktober 1995 van de bestendige deputatie van de provincieraad van West-Vlaanderen waarbij haar de vergunning werd verleend voor het “ombouwen en het regulariseren van een schuthok voor schapen” op een perceel gelegen te Brugge, Doornstraat, kadastraal bekend sectie F, nr. 35/h, en, anderzijds, vernietiging van de beslissing van de bestendige deputatie; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur A. EYLENBOSCH; Gelet op de beschikking van 31 mei 2002, die de neerlegging ter griffie van dat verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen en gezien de laatste memories; X-6748-1/3 Gelet op de beschikking van 22 november 2007 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 7 december 2007; Gehoord het verslag van staatsraad J. BOVIN; Gehoord de opmerkingen van advocaat J. BOSSUYT, die loco advocaat C. DE BROUWERE verschijnt voor de verzoekende partij, en van advocaat N. DE WINT, die loco advocaat B. BRONDERS verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het advies van auditeur A. EYLENBOSCH; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT : In het auditoraatsverslag wordt de verwerping van het beroep voorgesteld. De hoofdgriffier heeft bij een ter post aangetekende brief van 11 juni 2002 dat verslag aan de verzoekende partij betekend, waarbij melding is gemaakt van artikel 21, zesde lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, krachtens welk ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding geldt wanneer zij, binnen een termijn van 30 dagen die ingaat met de betekening van het verlag van de auditeur waarin de verwerping of onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient, en van artikel 14quater, § 1 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie (thans: bestuursrechtspraak) van de Raad van State. De ontvangstmelding van de bij ter post aangetekende brief waarbij de hoofdgriffier het auditoraatsverslag aan de verzoekende partij heeft ter kennis gebracht, blijkt op 12 juni 2002 door “het kantoor dat het bericht terugzendt” te zijn afgestempeld. De verzoekende partij heeft daarop bij ter post aangetekende brief van 13 juli 2002 een “verzoek tot voortzetting van de rechtspleging” samen met een “laatste memorie van antwoord” ingediend, d.i. de 31ste dag na de kennisgeving van het auditoraatsverslag. Krachtens voormeld artikel 21, zesde lid, X-6748-2/3 geldt derhalve ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding. Er is grond om de debatten te heropenen teneinde de partijen toe te laten hun standpunt hierover te laten kennen. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- De debatten worden heropend. Artikel
- De zaak wordt opnieuw opgeroepen op de openbare terechtzitting van 19 september 2008, om 12.00 uur. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zesentwintig juni 2008, door de Xe kamer, die was samengesteld uit : de HH. R. STEVENS, kamervoorzitter, J. BOVIN, staatsraad, E. BREWAEYS, staatsraad, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-6748-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.184.867 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.189.255 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div