id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 30 juni 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.184.941 Rolnummer: A. 152786/X-11931 Zaak: Arrest 184941 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 30/06/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-07-29 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-29 08:20 Fiche Arrest nr 184.941 van 30 juni 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 184.941 van 30 juni 2008 in de zaak A. 152.786/X-11.
(1)Bij de overname van de hierboven aangehaalde motivering dient deze te worden verbeterd. Wellicht werd daarin immers, inzake een ontwerp dat het gewestplan Roeselare-Tielt betreft, niet bedoeld te verwijzen naar ‘besluiten van Antwerpen’”; De Vlaamse regering kan zich voor de verantwoording van het spoedeisend karakter van de adviesaanvraag bezwaarlijk beroepen op de artikelen 94, 95, 96 en 97 van het decreet van 22 december 1993 houdende bepalingen tot begeleiding van de begroting 1994, aangezien deze artikelen behoren tot het hoofdstuk XV - VZW Stichting voor de Vlaamse Pers, wat het artikel 94 betreft, en tot het hoofdstuk XVI - Welzijn, wat de overige vernoemde artikelen betreft. Voorts is geen van de opgegeven artikelen 98, 100, 101, 102, 103, 104 en 105 ter zake relevant. Enkel artikel 99 kan met de aangelegenheid uitstaans hebben en dan nog is de bedoelde bepaling overigens sedert 22 oktober 1996 opgenomen in het gecoördineerde decreet betreffende de ruimtelijke ordening, met name artikel 11, §
- Naar luid van dat artikel moet de Vlaamse regering op straffe van verval van het ontwerpgewestplan, het gewestplan vaststellen binnen een termijn van 180 dagen na het verstrijken van de termijn van 60 dagen gedurende welke het gewestplan ter inzage wordt gelegd van het publiek - of, anders berekend, binnen een termijn van 240 dagen te rekenen vanaf het begin van de termijn van 60 dagen van inzage door het publiek, en kan zij deze termijn van 180 dagen - of, anders berekend 240 dagen - met 60 dagen verlengen. De gegeven verantwoording steunt voorts op de dagorde van de Vlaamse regering op 15 december
- Derhalve is de verantwoording van het spoedeisend karakter gelegen in het verstrijken van de X-11.931-11/13 termijn van 180 (=240) dagen en het feit dat over het besluit op 15 december 1998 zou worden beslist. De verantwoording gewaagt niet van de mogelijkheid van verlenging van de vervaltermijn, noch van de redenen die een verlenging in de weg stonden; In een geval als het voorliggende, met name in het geval dat de regering expressis verbis verklaart aan een welbepaalde termijn te zijn gebonden en zij daarbij aangeeft dat die termijn zeer binnenkort verstrijkt, valt niet in te zien waarom de afdeling wetgeving hieraan diende te twijfelen. Het advies dat reeds daags na de aanvraag werd uitgebracht beperkt zich ter zake trouwens ertoe akte te nemen van de redenen van de spoed. Aangezien aan de afdeling wetgeving geen inzage wordt gegeven van de dossiers van het openbaar onderzoek en van de raadplegingen en haar evenmin mededeling wordt gedaan van de feitelijke gegevens waarop de versterkte verantwoording berust, hoeft zij, in de uiterst korte tijd die haar is toegemeten en die zij uiteraard en logischerwijze in de eerste plaats besteedt aan het onderzoek van de verordening die voorligt, niet na te gaan in het arsenaal van de vigerende teksten -ter zake in de adviesaanvraag niet eens correct geciteerd- of de vervaltermijn waaraan de regering naar eigen zeggen gebonden is, niet zou kunnen worden verlengd. Het kwam de Vlaamse regering -de allereerste beoordelaar van de spoed- toe in haar adviesaanvraag mededeling te doen van die mogelijkheid tot verlenging alsmede de met het spoedeisend karakter van het bestreden besluit verband houdende redenen uiteen te zetten waarom geen gebruik werd, of kon worden gemaakt van de mogelijkheid tot verlenging van de vervaltermijn. In de adviesaanvraag vermeldt de redengeving op dat stuk helemaal niets. De genoemde gewestplanwijzigingen moeten derhalve buiten toepassing worden gelaten. 3.2.
- De voor het eerst in de laatste memorie naar voren gebrachte argumentatie van de tussenkomende partij als zou het ontwerp ook passen in de tevoren geldende gewestplanbestemming agrarisch gebied en dat derhalve de verzoekers geen belang zouden hebben bij het middelonderdeel, is laattijdig geformuleerd en derhalve niet ontvankelijk. 3.2.
- Het middelonderdeel is gegrond. X-11.931-12/13 OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- Vernietigd wordt het besluit van 15 april 2004 van de gewestelijk stedenbouwkundig ambtenaren waarbij aan de n.v. ELECTRAWINDS en de n.v. ASPIRAVI de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het oprichten van twee windturbines op een perceel gelegen aan de Szamotulystraat te Tielt, kadastraal bekend sectie E, nrs. 601/c (deel), 609 en 571/a (deel). Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 1400 euro, komen ten laste van de verwerende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op dertig juni 2008, door de Xe kamer, die was samengesteld uit : de HH. R. STEVENS, kamervoorzitter, J. BOVIN, staatsraad, P. LEFRANC, staatsraad, Mevr. G. SCHEVENEELS, toegevoegd griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. R. STEVENS. X-11.931-13/13 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.184.941 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.137.124 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div