← België

Arrest 185307 - Milieuvergunningen - 10/07/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 10 juli 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.185.307 Rolnummer: A. 86402/VII-19186 Zaak: Arrest 185307 - Milieuvergunningen - 10/07/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-07-16 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-06-29 08:23 Fiche Arrest nr 185.307 van 10 juli 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 185.307 van 10 juli 2008 in de zaak A. 86.402/VII-19.

  1. In zake :
  2. Alfons COOLS,
  3. Frans HERMANS,
  4. Frieda VERELST, die woonplaats kiezen bij advocaat J. VERWAEST, kantoor houdende te LIER, Vismarkt 37 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat M. BALLON, kantoor houdende te ANTWERPEN, Britselei
  5. tussenkomende partij : de NV ELECTRABEL, die woonplaats kiest bij advocaat E. EMPEREUR, kantoor houdende te ANTWERPEN, Uitbreidingstraat
  6. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Alfons COOLS, Frans HERMANS en Frieda VERELST op 30 augustus 1999 hebben ingediend om de vernietiging te vorderen van het besluit van de Vlaamse minister van Leefmilieu en Tewerkstelling van 28 juni 1999 waarbij het beroep dat de NV ELECTRABEL had ingesteld tegen de beslissing van de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen van 11 februari 1999, houdende weigering van de vergunning voor het exploiteren van een warmtekrachtcentrale, gelegen aan de Donderheide 35 te Lier, gegrond wordt verklaard, de beroepen beslissing wordt opgeheven en de gevraagde vergunning wordt verleend; Gelet op het arrest nr. 86.716 van 6 april 2000 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit wordt verworpen; VII-19.186-1/5 Gezien het verzoekschrift tot voortzetting ingediend door de verzoekende partijen; Gezien het verzoekschrift tot tussenkomst van 10 augustus 2000; Gelet op de beschikking van 1 september 2000 die de tussenkomst van de NV ELECTRABEL toelaat; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur E. LANCKSWEERDT; Gelet op de beschikking van 8 september 2005 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen en gezien de laatste memorie van de verzoekende partijen; Gelet op de beschikking van 16 januari 2006 waarbij de terechtzitting wordt bepaald op 16 februari 2006, waarop de zaak voor onbepaalde duur wordt uitgesteld; Gelet op de beschikking van 30 april 2008 waarbij wordt bepaald dat de zaak met toepassing van artikel 90, § 1, derde lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, door één lid van de kamer wordt behandeld; Gelet op de beschikking van 22 mei 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 19 juni 2008; Gehoord het verslag van kamervoorzitter L. HELLIN; VII-19.186-2/5 Gehoord de opmerkingen van advocaat L. VANBRABANT die, loco advocaat J. VERWAEST verschijnt voor de verzoekende partijen, van advocaat H. VAN OPSTAL die, loco advocaat M. BALLON verschijnt voor de verwerende partij, en van advocaat P. CALLEBAUT die, loco advocaat E. EMPEREUR verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelings- hoofd M. LEFEVER; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
  7. De gegevens van de zaak Overwegende dat de gegevens van de zaak als volgt kunnen worden samengevat : 1.
  8. De verzoekende partijen zijn omwonenden van een warmte- krachtcentrale die wordt geëxploiteerd door de tussenkomende partij, de NV ELECTRABEL. De warmtekrachtcentrale is gekoppeld aan het tuinbouwbedrijf BVBA Marc PITTOORS. 1.
  9. Nadat hiertoe op 13 oktober 1998 een aanvraag was ingediend, weigert de bestendige deputatie van de provincieraad van Antwerpen op 11 februari 1999 aan de tussenkomende partij een milieuvergunning voor de warmte- krachtcentrale. De milieuvergunning wordt geweigerd omdat de naleving van de normen van het besluit van de Vlaamse regering van 1 juni 1995 houdende algemene en sectorale bepalingen inzake milieuhygiëne (Vlarem II) inzake geluid onvoldoende gewaarborgd is. 1.
  10. Op 4 maart 1999 stelt de tussenkomende partij tegen dit weigeringsbesluit een administratief beroep in. 1.
  11. In het kader van de beroepsprocedure wordt een reeks adviezen uitgebracht : - de afdeling Stedenbouwkundige Vergunningen geeft een gunstig advies; VII-19.186-3/5 - de afdeling Milieuvergunningen van AMINAL geeft een gunstig advies, mits een aantal voorwaarden; - de Gewestelijke Milieuvergunningscommissie geeft een gunstig advies, eveneens mits aan een aantal voorwaarden wordt voldaan. 1.
  12. Op 28 juni 1999 wordt het thans bestreden besluit genomen. Het beroep wordt gegrond verklaard, de beroepen beslissing wordt opgeheven en de vergunning wordt verleend;
  13. De ontvankelijkheid van het beroep Overwegende dat de tussenkomende partij met een brief van 15 februari 2006 aan de Raad van State laat weten dat de warmtekracht- koppelingsinstallatie sinds 1 september 2005 is afgebroken; dat de raadsman van de verzoekende partijen ter zitting zulks beaamt en bevestigt hierdoor geen belang meer te hebben bij de huidige vordering; dat het beroep bijgevolg onontvankelijk is geworden; Overwegende dat het verlies aan het rechtens vereiste belang niet toegeschreven kan worden aan de verzoekende partijen; dat het past de kosten ten laste te leggen van de verwerende partij, BESLUIT: Artikel
  14. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  15. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 520,58 euro, komen ten laste van de verwerende partij. De kosten van het annulatieberoep, bepaald op 520,58 euro, komen ten laste van de verwerende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 123,95 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. VII-19.186-4/5 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tien juli tweeduizend en acht, door : de H. L. HELLIN, kamervoorzitter, Mevr. E. IMPENS, griffier. De griffier, De voorzitter, E. IMPENS. L. HELLIN. VII-19.186-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.185.307 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2000:ARR.86.716 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.