← België

Arrest 185308 - Milieuvergunningen - 10/07/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 10 juli 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.185.308 Rolnummer: A. 125136/VII-27544 Zaak: Arrest 185308 - Milieuvergunningen - 10/07/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-07-16 Raadplegingen: 55 - laatst gezien 2026-06-29 08:23 Fiche Arrest nr 185.308 van 10 juli 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 185.308 van 10 juli 2008 in de zaak A. 125.136/VII-27.

  1. In zake : Nonna VAN LANGENHOVEN, die woonplaats kiest te ERONDEGEM, Hoekstraat 26 tegen : de deputatie van de provincie Oost-Vlaanderen. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Nonna VAN LANGENHOVEN op 8 augustus 2002 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het besluit van de bestendige deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen van 13 juni 2002 waarbij haar beroep ingesteld tegen de beslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Erpe-Mere van 29 januari 2002, houdende weigering van de milieuvergunning voor het exploiteren van een hondenhouderij, gelegen te Erpe-Mere (Erondegem) aan de Hoekstraat 26, niet wordt ingewilligd en de beroepen beslissing wordt bevestigd; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur G. DE BLEECKERE; Gelet op de beschikking van 30 oktober 2006 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen en gezien de laatste memorie van verzoekster; Gelet op de beschikking van 18 april 2008 waarbij wordt bepaald dat de zaak met toepassing van artikel 90, § 1, derde lid, van de wetten op de Raad VII-27.544-1/3 van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, door één lid van de kamer wordt behandeld; Gelet op de beschikking van 22 mei 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 19 juni 2008; Gehoord het verslag van kamervoorzitter L. HELLIN; Gehoord de opmerkingen van bestuurssecretaris-jurist Ch. WILLE, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur G. DE BLEECKERE; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
  2. De gegevens van de zaak Overwegende dat de gegevens van de zaak als volgt kunnen worden samengevat : 1.
  3. Verzoekster baat aan de Hoekstraat 26 te Erpe-Mere (Erondegem) een hondenhouderij uit van meer dan tien honden. Zij heeft hiervoor geen vergunning. 1.
  4. Om die toestand te regulariseren dient zij op 5 oktober 2001 een aanvraag in. Zij omschrijft haar aanvraag als : "Houden van een dertigtal honden, te laten overleven in hun vertrouwde omgeving en ter voorkoming van dierenleed. (...) Een exploitatie met uitdovend karakter". 1.
  5. Het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Erpe-Mere weigert op 29 januari 2002 de gevraagde vergunning. 1.
  6. Tegen die beslissing dient verzoekster beroep in bij de bestendige deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen . In haar beroepschrift beperkt zij expliciet haar aanvraag tot een termijn van vijf jaar. VII-27.544-2/3 1.
  7. Na het inwinnen van de vereiste adviezen en na verlenging van de termijn van behandeling van het beroep beslist de bestendige deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen om de beroepen beslissing te bevestigen;
  8. De ontvankelijkheid Overwegende dat verzoekster met een brief van 8 maart 2008 aan de Raad van State mededeelt dat het aantal honden is verminderd tot acht en dat het aantal nog verder zal dalen; dat hieruit volgt dat een vergunning, zoals door haar gevraagd, niet meer hoeft; dat tevens vastgesteld wordt dat zij haar vergunningsaan- vraag zelf beperkt heeft in de tijd - vijf jaar- met uitdovend karakter; dat inmiddels, sedert de weigeringsbeslissing van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Erpe-Mere van 29 januari 2002, meer dan vijf jaren zijn verlopen; dat uit wat voorafgaat volgt dat verzoekster thans het rechtens vereist actueel belang ontbeert, zodat haar vordering niet meer ontvankelijk is, BESLUIT: Artikel
  9. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  10. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van verzoekster. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tien juli tweeduizend en acht, door : de H. L. HELLIN, kamervoorzitter, Mevr. E. IMPENS, griffier. De griffier, De voorzitter, E. IMPENS. L. HELLIN. VII-27.544-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.185.308 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.