← België

Arrest 185576 - Naamsveranderingen - 31/07/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 31 juli 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.185.576 Rolnummer: A. 174786/IX-5368 Zaak: Arrest 185576 - Naamsveranderingen - 31/07/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-08-11 Raadplegingen: 55 - laatst gezien 2026-06-29 08:26 Fiche Arrest nr 185.576 van 31 juli 2008 Justitie - Naamsveranderingen Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 185.576 van 31 juli 2008 in de zaak A. 174.786/IX-

  1. In zake : Christine HOORELBEKE, in haar hoedanigheid van wettelijke vertegenwoordiger van haar minderjarige kinderen :
  2. Kristof MERCIE,
  3. Laura MERCIE, die woonplaats kiest bij advocaat J. VERSTRAETEN, kantoor houdende te LEUVEN, Vaartstraat 70 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Justitie, die woonplaats kiest bij advocaat I. DE VROE, kantoor houdende te GENT, Begijnhoflaan
  4. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Christine HOORELBEKE, namens haar twee minderjarige kinderen Kristof MERCIE en Laura MERCIE, op 11 juli 2006 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 11 mei 2006 van de minister van Justitie houdende de weigering van verzoeksters verzoek tot verandering van de naam van haar kinderen van MERCIE naar HOORELBEKE; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door adjunct-auditeur A. VAN STEENBERGE; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memorie van de verzoekster; IX-5368-1/8 Gelet op de beschikking van 3 juni 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 23 juni 2008; Gehoord het verslag van staatsraad D. MOONS; Gehoord de opmerkingen van advocaat H. DE ROO, die loco advocaat J. VERSTRAETEN verschijnt voor de verzoekster en van advocaat I. DE VROE die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het andersluidend advies van eerste auditeur-afdelings- hoofd W. VAN NOTEN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : Over de gegevens van de zaak.
  5. De gegevens van de zaak kunnen als volgt worden samengevat. 1.
  6. Kristof MERCIE en Laura MERCIE werden geboren te Leuven, respectievelijk op 19 oktober 1990 en 10 januari 1992 uit de relatie tussen Christine HOORELBEKE en Jean MERCIE. De kinderen werden door Jean MERCIE erkend waardoor ze zijn naam dragen. 1.
  7. De ouders zijn uit elkaar gegaan in 1999 en bij vonnis van de Jeugdrechtbank te Leuven van 20 april 2004 verkrijgt de moeder de exclusieve uitoefening van het ouderlijk gezag. De vader heeft een beperkt recht op persoonlijk contact en dient voor elk van de kinderen een onderhoudsbijdrage te betalen. 1.
  8. Op 13 november 2005 dient de verzoekster voor haar kinderen, Kristof en Laura MERCIE, een verzoek in tot wijziging van hun naam MERCIE in de naam van de moeder, HOORELBEKE op grond van volgende redenen: “Hierbij vraag ik, aangeduid als exclusief ouderlijk gezag door het vonnis van de Jeugdrechtbank van 20 april 2004, Christine Hoorelbeke, moeder van Kristof en Laura Mercie, met mij wonend in H [...], beiden minderjarig, in hun naam een naamsverandering van MERCIE naar HOORELBEKE aan. IX-5368-2/8 De vader van Kristof en Laura, waarmee ik nooit gehuwd was, heeft bij de geboorte zijn kinderen erkend, waardoor ze zijn naam hebben gekregen. Sedert 1999 woont hij evenwel niet meer bij ons en heeft hij zijn kinderen slechts sporadisch op bezoek. In 2002 gaat hij samenwonen met een andere vrouw, waarna hij zijn kinderen begint te verwaarlozen : hij betaalt na een lange onderbreking enkel nog alimentatie onder gerechtelijke dwang, hij noemt hen ‘een blok aan mijn been’ en ‘de grootste stommiteit die ik ooit heb uitgestoken is het maken van die twee kinderen’ en ondanks het feit dat hem via de jeugdrechtbank bezoekrecht werd toegewezen, heeft hij naar zijn kinderen niet meer omgekeken sinds maart
  9. Met nieuwjaar, verjaardag, Plechtige Communie, enz... horen Kristof en Laura nooit iets van hem. Hij is ondertussen in het huwelijk getreden zonder zijn kinderen in te lichten. Op grond van deze mentale verwaarlozing, het feit dat hij reeds in aanmerking (aanraking) kwam met het gerecht en zijn maatschappelijke positie danig heeft verlaagd door onder andere drankzucht, wensen Kristof en Laura zich te distantiëren van hun biologische vader en vragen zij toestemming om de naam van hun moeder te mogen dragen.” 1.
  10. Aangezien de kinderen de leeftijd van 12 jaar hebben bereikt, dienen zij een geschreven verklaring in waarbij zij verzoeken om hun naam te wijzigen. 1.
  11. In het kader van het onderzoek waarmee de procureur-generaal bij het hof van beroep te Brussel is belast, wordt Jean MERCIE verhoord door de lokale politie zone Leuven. Uit het proces-verbaal van verhoor van 10 februari 2006 blijkt dat hij zich niet verzet tegen een naamswijziging. Hij geeft de volgende toelichting : “Ik neem kennis van de feiten die U bezighouden namelijk de aanvraag voor naamsverandering van mijn twee kinderen Kristof en Laura. Het betreft naamsverandering van MERCIE naar HOORELBEKE. Ik heb hiertegen geen bezwaar. Ik heb al ongeveer vijf jaar geen contact meer met hen. Zij mogen bij mij komen doch dit enkel uit vrije wil. Ik wil hen niet dwingen. Ik zoek dan ook geen contact meer met hen. Ik betaal wel onderhoudsgeld. Er zijn in het verleden dingen door mij gezegd over mijn kinderen zoals ‘ze zijn een blok aan mijn been en het was de grootste stommiteit’ doch ik heb hier wel spijt van. Dat ze van mij niets horen met nieuwjaar, verjaardag, plechtige communie enz... Het is niet mijn gewoonte om kaartjes te sturen naar om het even wie. Ik heb ooit eens gebeld naar mijn dochter en (een) berichtje ingesproken in haar gsm doch kreeg geen antwoord. Ik woon ondertussen al vijf jaar samen met een andere vrouw waarmee ik ongeveer twee jaar geleden gehuwd ben. Meer kan ik niet verklaren.” 1.
  12. Bij brief van 8 februari 2006 stuurt de procureur-generaal het dossier terug naar de Federale Overheidsdienst Justitie. IX-5368-3/8 1.
  13. Met een nota van 3 mei 2005 stelt de Dienst Naamsveranderingen van de Federale Overheidsdienst Justitie aan de minister voor om de naamsverande- ring te weigeren. 1.
  14. De bestreden weigeringsbeslissing wordt genomen op 11 mei 2006 en luidt als volgt: “Onder verwijzing naar de in rubriek vermelde zaak heb ik de eer U mede te delen dat het toekennen van een naamsverandering krachtens de wet van 15 mei 1987 betreffende de namen en voornamen, onderworpen is aan strikte voorwaarden. Gelet op het principe van de vastheid van naam kan de naamsverandering slechts uitzonderlijk door Z.M. de Koning worden toegestaan en op voorwaarde dat het verzoek gesteund is op behoorlijk bewezen ernstige redenen; bovendien mag de gevraagde naam geen aanleiding geven tot verwarring en de verzoeker of derden niet kunnen schaden (artikel 3, lid 2, van vermelde wet). Tot slot wens ik te preciseren dat de toelating om van naam te veranderen wettelijk beschouwd wordt als een gunst verleend aan betrokkene en niet als een recht voor deze laatste. Na een grondig onderzoek van uw dossier moet ik U tot mijn spijt meedelen dat er in uw geval geen afdoende ernstige motieven in de zin van bovenvermelde wet voorhanden bevonden zijn om aan Z.M. de Koning voor te stellen uw kinderen toelating te verlenen hun naam te veranderen in die van 'Hoorelbeke', mede in acht genomen het principe van de vastheid van naam, waarvan slechts om gewichtige redenen kan afgeweken worden. Het feit dat de kinderen bij één ouder verblijven die instaat voor de opvoeding is op zich geen reden om af te wijken van het principe van de vastheid van naam. De naam wordt verkregen op de bij de wet opgelegde wijze (dit is in regel op grond van de afstamming, zoals vastgelegd in art. 335 van het Burgerlijk Wetboek), hij kan niet vrij gekozen worden. Een procedure tot naamsverandering op basis van de wet van 15 mei 1987 is louter administratief en doet geen afbreuk aan de afstammingsband tussen vader en kinderen. Overeenkomstig het tweede lid van artikel 3 van de voormelde wet van 15 mei 1987 mag de gevraagde naam geen aanleiding geven tot verwarring. Er wordt getracht door de naamsverandering voor uw kinderen de indruk te wekken dat enkel de moederlijke afstamming vaststaat en dat de kinderen geen vader hebben, daar waar ten aanzien van de kinderen zowel de vaderlijke als de moederlijke afstamming vaststaat. Kinderen wiens afstamming langs beide zijden vaststaat dragen overeenkomstig de toepasselijke regels (art. 335, § 1, Burgerlijk Wetboek) de naam van hun vader. Het gevraagde toestaan zou aanleiding geven tot verwarring. Het staat U vrij om een nieuwe aanvraag in te dienen wanneer U over nieuwe elementen beschikt (evolutie in de belangstelling van de vader in de kinderen, evolutie in de betaling van de onderhoudsbijdrage, ...). (...)”. 1.
  15. Volgens de verzoekster werd de bestreden beslissing, hoewel de brief dateert van 11 mei 2006, pas aangetekend verzonden op vrijdag 12 mei 2006 en door de verzoekster ontvangen op 15 mei
  16. De verwerende partij betwist dit niet in haar memorie van antwoord. IX-5368-4/8 Ten gronde. 2.
  17. In een eerste middel voert de verzoekster de schending aan van de artikelen 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen samen met het motiverings- en het vertrouwensbeginsel. Volgens de verzoekster is de motivering niet uitdrukkelijk omdat het besluit er zich mee vergenoegt te verwijzen naar het principe van de vastheid van naam. Er is geen sprake van afdoende motivering, de motivering moet meer zijn dan een louter abstracte en vormelijke stijlformule. De verzoekster wijst op de stijlformule die de verwerende partij ook in andere zaken gebruikt en waaruit blijkt dat de bestreden beslissing geen afdoende feitelijke overwegingen bevat die betrekking hebben op het dossier van de verzoekster. Het motief dat de wijziging naar de naam van de moeder aanleiding tot verwarring van de afstammingsband kan leiden, is een nietszeggende motivering. In een besluit van de verwerende partij in een andere zaak wordt wel aanvaard dat de betrokkene de naam van de moeder krijgt. De verzoekster stelt vast dat de door haar opgegeven redenen, met name de jarenlange mentale verwaarlozing, het niet betalen van enige onderhoudsbijdrage en het alcoholmisbruik door de vader wellicht niet gelezen zijn, noch zijn weerhouden bij de beoordeling van dit dossier. Wat de overweging betreft dat de verzoekster een nieuwe aanvraag kan indienen wanneer zij over nieuwe elementen beschikt, stelt de verzoekster vast dat de huidige situatie uiterst slecht is. De motivering verschaft geen antwoord op de bijzondere ernstige argumentatie dat de vader zijn kinderen compleet financieel en mentaal verwaarloost. Bovendien twijfelt de verzoekster aan de grondigheid van het onderzoek. 2.
  18. De verwerende partij antwoordt dat de bestreden beslissing uitdrukkelijk en afdoende is gemotiveerd. Uit artikel 3 van de wet van 15 mei 1987 blijkt dat de naamsverandering uitzonderlijk is. De parlementaire voorbereiding stelt dat de onveranderlijkheid van de naam de regel is en de naamsverandering de uitzondering. De naamsverandering is een gunst en geen recht. De familienaam raakt de openbare orde en wordt verkregen op basis van artikel 335 van het Burgerlijk Wetboek. De familienaam is niet enkel een individuele kwestie, maar ook een middel van sociale identificatie en verdient daarom bijzondere bescherming. Naast de juridische overwegingen bevat de bestreden beslissing eveneens feitelijke overwegingen. De overwegingen en motieven moeten als één geheel worden gelezen. Uit de stukkenbundel van de verzoekster blijkt dat werd overgegaan tot gedwongen uitvoering van het vonnis van 20 april 2004 van de Jeugdrechtbank te IX-5368-5/8 Leuven, lastens Jean MERCIE, betreffende de onderhoudsbijdragen voor de kinderen. Jean MERCIE ondernam verder niets om zich aan de betaling te onttrekken. Wat de bewering betreft dat Jean MERCIE in contact kwam met het gerecht, moet worden vastgesteld dat hij geen strafregister had en éénmaal bij een ongeval betrokken was. Uit de verklaring van Jean MERCIE kan niet worden afgeleid dat hij helemaal géén belangstelling toont en/of géén contact wenst met zijn kinderen. De procedure tot naamsverandering is er niet op gericht om emotionele problemen op te lossen die de verzoekster bij de uiteenzetting van haar belang aanhaalt. Het is niet omdat de verwachtingen van de verzoekster niet werden waargemaakt, dat de bestreden beslissing onvoldoende gemotiveerd en/of kennelijk onredelijk zou zijn. De formele motiveringsplicht verplicht de overheid niet om op elk argument van de aanvrager te antwoorden. De bestreden beslissing is gesteund op voor de verzoekster kenbare motieven. De bestreden beslissing verwijst naar het principe van vastheid van naam die wordt verkregen op de bij de wet opgelegde wijze en die niet vrij kan worden gekozen. Gelet op voormelde principes die in de bestreden beslissing werden uiteengezet of waarnaar werd verwezen, is de bestreden beslissing, volgens de verwerende partij, dan ook voldoende gemotiveerd. 2.
  19. De verzoekster verwijst in haar repliek naar haar verzoekschrift en voegt daaraan toe dat de motivering die specifiek is voor dit dossier zéér mager is. Het gaat volgens haar niet op dat de verwerende partij in de memorie van antwoord verschillende overwegingen toevoegt aan haar beslissing. Voor de rechts- onderhorige is het belangrijk de beslissing zelf te begrijpen. Achteraf motieven opsommen die niet in de beslissing staan, is niet aanvaardbaar. De naamsverandering is wel degelijk aanvaardbaar. 2.4.
  20. Luidens artikel 2 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen moeten de individuele bestuurshandelingen uitdrukkelijk worden gemotiveerd. De beslissing die aan de betrokkene wordt meegedeeld, moet niet enkel het dictum bevatten, maar eveneens de redenen op grond waarvan de beslissing werd genomen. Deze verplichting heeft evenwel een meer beperkte draagwijdte dan de motiveringsverplichting die geldt voor jurisdictionele beslissingen, zoals bepaald in artikel 149 van de Grondwet. In de beslissing moet niet op elk argument dat door de betrokkene wordt aangevoerd, afzonderlijk worden geantwoord. Het volstaat dat de beslissing duidelijk de redenen doet kennen die haar verantwoorden. IX-5368-6/8 Artikel 3 van de genoemde wet bepaalt dat de opgelegde motivering in de akte de juridische en feitelijke overwegingen moet vermelden die aan de beslissing ten grondslag liggen. Deze motivering moet afdoende zijn. Dit laatste betekent dat de motivering pertinent moet zijn, wat inhoudt dat de motivering duidelijk met de bestreden beslissing moet te maken hebben, en dat zij draagkrachtig moet zijn, wat betekent dat de aangehaalde redenen moeten volstaan om de beslissing te dragen. De betrokkene moet in de haar aanbelangende beslissing de motieven kunnen lezen op grond waarvan ze werd genomen zodat zij kan nagaan of de overheid is uitgegaan van gegevens die in rechte en in feite juist zijn, of de overheid die correct heeft beoordeeld, en of zij op grond daarvan in redelijkheid tot haar beslissing is kunnen komen. De motivering moet de betrokkene in staat stellen om met kennis van zaken te oordelen of het zinvol is de beslissing met een annulatieberoep te bestrijden. 2.4.
  21. Artikel 3, tweede lid, van de wet van 15 mei 1987 betreffende de namen en voornamen, waarnaar de bestreden beslissing verwijst, bepaalt onder meer dat de Koning de naamsverandering uitzonderlijk kan toestaan indien hij van oordeel is dat het verzoek op ernstige redenen steunt. Uit de bestreden beslissing blijkt dat de afwijzing van het verzoek tot naamswijziging te dezen steunt op het ontbreken van ernstige redenen, in de zin van artikel 3, tweede lid, van de genoemde wet van 15 mei
  22. Door de verzoekster werd uitvoerig geargumenteerd waarom zij meende ernstige redenen te kunnen aanvoeren. Verzoekster wees met name op de jarenlange mentale verwaarlozing, het niet betalen van enige onderhoudsbijdrage en het alcoholmisbruik door de vader. De bestreden beslissing beperkt zich ertoe vast te stellen dat geen afdoende ernstige motieven voorhanden zijn. De motivering verschaft in het bijzonder geen antwoord op het argument dat de vader zijn kinderen financieel en mentaal compleet verwaarloost. Aldus bestaat de motivering uit een loutere stijlformule, die aan de verzoekster niet duidelijk maakt waarom de door haar ingeroepen redenen niet als voldoende ernstig beschouwd worden. Het enkele motief, met name het verblijf bij één ouder, die instaat voor de opvoeding van de kinderen, is niet afdoend en beantwoordt niet de overige argumenten, van de verzoekster, hiervóór genoemd. IX-5368-7/8 In zoverre het middel de schending aanvoert van de artikelen 2 en 3 van de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen, is het gegrond. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  23. Vernietigd wordt de beslissing van 11 mei 2006 van de minister van Justitie houdende de weigering van het verzoek tot verandering van de naam van Kristof MERCIE en Laura MERCIE naar HOORELBEKE. Artikel
  24. De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 31 juli 2008, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : de HH. P. LEMMENS, kamervoorzitter, A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad, D. MOONS, staatsraad, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. P. LEMMENS. IX-5368-8/8 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.185.576 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.