id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 28 oktober 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.187.391 Rolnummer: A. 189397/IX-6014 Zaak: Arrest 187391 - Penitentiair recht - 28/10/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-12-01 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-06-29 08:47 Fiche Arrest nr 187.391 van 28 oktober 2008 Justitie - Penitentiair recht Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 187.391 van 28 oktober 2008 in de zaak A. 189.397/IX-
- In zake : Jimmy LOWIE, die woonplaats kiest bij advocaat E. TRIAU, kantoor houdende te LEUVEN, Naamsestraat 39 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Justitie. ----------------------------------------------------------------------------------------------------- -- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Jimmy LOWIE op 19 augustus 2008 heeft ingediend om de schorsing van de tenuitvoerlegging en de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 14 juli 2008 van de directeur van de gevangenis Leuven-Centraal waarbij hem een tuchtsanctie werd opgelegd; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag over de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrecht- spraak van de Raad van State, opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd W. VAN NOTEN; Gelet op de beschikking van 30 september 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 20 oktober 2008; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van staatsraad D. MOONS; IX-6014-1/5 Gehoord de opmerkingen van advocaat A. DE SCHREYE, die loco advocaat E. TRIAU verschijnt voor de verzoeker, en van attaché P. VAN CAENEGHEM, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelings- hoofd W. VAN NOTEN; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : De feiten. 1.
- Op het tijdstip van de bestreden beslissing bevindt verzoeker zich in het penitentiair centrum van Leuven-Centraal. 1.
- Op 11 juli 2008 wordt ten laste van verzoeker een rapport aan de directeur opgemaakt. In het rapport is sprake van een incident dat zich enkele dagen voordien, op 8 juli 2008, tussen verzoeker en een medegedetineerde heeft voorgedaan en waarop nog “een afrekening zou volgen”. 1.
- Op 13 juli 2008 beslist de directeur op basis van dit rapport tegen verzoeker een tuchtprocedure op te starten. 1.
- Op 14 juli 2008 wordt verzoeker, bijgestaan door zijn raadsman, door de directeur gehoord. 1.
- Dezelfde dag beslist de directeur dat aan verzoeker de volgende tuchtsanctie wordt opgelegd : “3 dagen afzondering op cel van 15/07/2008 om 6 uur tot en met 17/07/2008 om 20u10 + ontslag”. De ontvankelijkheid. 2.
- Overeenkomstig artikel 2, § 1, 3/, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuurs- rechtspraak van de Raad van State (hierna : algemeen procedurereglement) en IX-6014-2/5 artikel 8, eerste lid, van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State dient verzoeker in zijn verzoekschrift een uiteenzetting te geven van de middelen die hij tot staving van het beroep tot nietigverklaring en de vordering tot schorsing aanvoert. Onder middel in de zin van artikel 2, § 1, 3/, van het algemeen procedurereglement wordt verstaan : de voldoende duidelijke omschrijving van de overtreden rechtsregel en van de wijze waarop die regel door de bestreden beslissing wordt geschonden. Het verzoekschrift dient ten minste één ontvankelijk middel te bevatten. Het ontbreken van enig middel in het inleidend verzoekschrift heeft de onontvankelijkheid van het verzoekschrift tot gevolg. 2.
- Te dezen bevat het verzoekschrift onder de rubriek “III. MIDDELEN” een uiteenzetting van het moeilijk te herstellen ernstig nadeel, doch geen uiteenzetting van de middelen. 2.
- Bijgevolg wordt vastgesteld dat de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring niet ontvankelijk zijn. OM DIE REDENEN BESLIST DE Wnd. KAMERVOORZITTER : Artikel
- Het beroep tot nietigverklaring wordt verworpen. Artikel
- De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
- De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. IX-6014-3/5 IX-6014-4/5 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 28 oktober 2008, door : de H D. MOONS, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. D. MOONS. IX-6014-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.187.391 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.