← België

Arrest 187801 - Voogdij op provincies, gemeenten en intercommunales - 07/11/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 07 november 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.187.801 Rolnummer: A. 187654/IX-5887 Zaak: Arrest 187801 - Voogdij op provincies, gemeenten en intercommunales - 07/11/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-12-04 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-29 08:50 Fiche Arrest nr 187.801 van 7 november 2008 Instellingen, Binnenlandse zaken en lokale besturen - Voogdij op provincies, gemeenten en intercommunales Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 187.801 van 7 november 2008 in de zaak A. 187.654/IX-

  1. In zake : Fernand VAN BRAECKEL, die woonplaats kiest te LOMMEL, Stortstraat 31 tegen : de gouverneur van de provincie LIMBURG, die woonplaats kiest bij advocaten P. LUYPAERS en H.-K. CARÊME, kantoor houdende te HEVERLEE, Industrieweg 4, bus
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Fernand VAN BRAECKEL op 27 maart 2008 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “de verwerping van [zijn] klacht door de Heer Gouverneur in [diens] brief van 31 januari 2008”; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgesteld door auditeur H. COLIN, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 24 september 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 13 oktober 2008; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van staatsraad B. THYS; IX-5887-1/5 Gehoord de opmerkingen van de verzoeker, die verschijnt in persoon, en van advocaat H.-K. CARÊME die, loco advocaat P. LUYPAERS, verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur H. COLIN; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : Over de gegevens van de zaak 1.
  3. De verzoeker is als politie-inspecteur werkzaam in de afdeling recherche van de lokale politie te Lommel. 1.
  4. Bij besluit van 27 november 2007 beslist de gemeenteraad van Lommel om Benny GIEGHASE met ingang van 1 januari 2008 te benoemen tot hoofdinspecteur bij de afdeling recherche. Het betreft een benoeming in een betrekking waarvoor ook de verzoeker zich kandidaat heeft gesteld. Het gemeenteraadsbesluit verwijst naar de resultaten van een selectieproef die op 29 oktober 2007 heeft plaatsgehad, waarbij de selectie- commissie Benny GIEGHASE en Robert TRIPS respectievelijk als eerste en tweede kandidaat heeft gerangschikt en de verzoeker en een vierde kandidaat “niet geslaagd” heeft verklaard. 1.
  5. Met een brief van 11 december 2007 dient de verzoeker bij de gouverneur van de provincie Limburg en de Minister van Binnenlandse Zaken een klacht in tegen het voormelde gemeenteraadsbesluit. Hij verzoekt hen “de beslissing van de gemeenteraad te schorsen/vernietigen en de wettelijkheid te herstellen”. 1.
  6. De gouverneur van de provincie Limburg antwoordt met een brief van 31 januari 2008 aan de verzoeker dat zijn diensten het administratief onderzoek van verzoekers klacht hebben afgerond. Hij zet uiteen welke de bevindingen van dat IX-5887-2/5 onderzoek zijn en hij besluit dat er geen wettige reden is om het gemeenteraads- besluit waarbij Benny GIEGHASE tot hoofdinspecteur bij de afdeling recherche werd benoemd te schorsen. Deze verwerping van verzoekers klacht maakt het enige voorwerp uit van het voorliggende beroep tot nietigverklaring. Over de ontvankelijkheid van het beroep 2.
  7. De verwerende partij werpt in haar memorie van antwoord onder meer een exceptie op betreffende het ontbreken van het rechtens vereiste belang in hoofde van de verzoeker. Zij laat gelden dat de verzoeker geen rechtstreeks belang heeft bij de vernietiging van de bestreden beslissing, omdat hij zich uitsluitend richt tegen de beslissing van de gouverneur waarbij zijn klacht werd verworpen en hij nalaat het gemeenteraadsbesluit van 27 november 2007 houdende de benoeming van Benny GIEGHASE tot hoofdinspecteur bij de afdeling recherche aan te vechten. 2.
  8. De verzoeker repliceert in zijn memorie van wederantwoord dat de nietigverklaring van de beslissing van de gouverneur zou leiden tot de schorsing van het voormelde gemeenteraadsbesluit en dat een dergelijke schorsing de gemeenteraad ertoe zou brengen de benoemingsprocedure voor hoofdinspecteur bij de afdeling recherche te hernemen zonder twee keer dezelfde fout te begaan. Als enige kandidaat met het vereiste brevet zou hij dan een grote kans maken om te worden benoemd. 2.
  9. De verzoeker vraagt in zijn verzoekschrift alleen de nietig- verklaring van de “de verwerping van [zijn] klacht door de Heer Gouverneur in [diens] brief van 31 januari 2008”. De grieven die de verzoeker in zijn verzoek- schrift uiteenzet, daargelaten of ze als middelen kunnen worden beschouwd zoals bedoeld in artikel 2, § 1, 3/, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, hebben bovendien uitsluitend betrekking op de argumenten die de gouverneur in zijn brief van 31 januari 2008 heeft uiteengezet om tot de verwerping van verzoekers klacht te besluiten. In zijn repliek op de voormelde door de verwerende partij opgeworpen exceptie, laat de verzoeker voorts slechts gelden dat hij wel IX-5887-3/5 degelijk belang heeft bij de nietigverklaring van de beslissing van de gouverneur. Hij toont niet aan en beweert zelfs niet dat zijn verzoekschrift geacht moet worden mede tegen het voormelde gemeenteraadsbesluit te zijn gericht. Derhalve moet worden besloten dat de verzoeker uitsluitend de verwerping van zijn klacht door de gouverneur tot voorwerp van het voorliggende beroep tot nietigverklaring maakt. Wanneer de gouverneur die belast is met de uitoefening van het algemeen administratief schorsingstoezicht, naar aanleiding van een klacht die bij hem is ingediend tegen een beslissing van een aan zijn toezicht onderworpen bestuur, tot het inzicht komt dat er geen reden is om ten aanzien van die beslissing gebruik te maken van zijn facultatieve schorsingsbevoegdheid, dan neemt hij geen administratieve beslissing die rechtsgevolgen heeft voor de klachtindiener, ook niet wanneer hij zijn standpunt dienaangaande per brief aan de betrokkene mededeelt. De gewilde onthouding van de gouverneur om een beslissing van een aan zijn toezicht onderworpen bestuur te schorsen, is geen beslissing in de zin van artikel 14, § 1, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State. Ambtshalve dient dan ook te worden opgeworpen dat het voorliggende beroep tot nietigverklaring geen voor vernietiging vatbare admini- stratieve rechtshandeling als voorwerp heeft. Het beroep is om die reden niet ontvankelijk. Het kan op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrecht- spraak van de Raad van State met korte debatten definitief worden beslecht. OM DIE REDENEN BESLIST DE Wnd. VOORZITTER : Artikel
  10. Het beroep wordt verworpen. IX-5887-4/5 Artikel
  11. De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoeker. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 7 november 2008, door : de HH. B. THYS, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. B. THYS. IX-5887-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.187.801 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.