← België

Arrest 187862 - Milieuvergunningen - 13/11/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 13 november 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.187.862 Rolnummer: A. 125923/VII-27752 Zaak: Arrest 187862 - Milieuvergunningen - 13/11/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-12-01 Raadplegingen: 61 - laatst gezien 2026-06-29 08:52 Fiche Arrest nr 187.862 van 13 november 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Milieuvergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 187.862 van 13 november 2008 in de zaak A. 125.923/VII-27.

  1. In zake :
  2. de BVBA LODART,
  3. Jozef VERHAERT, die woonplaats kiezen bij advocaat A. CRAEYBECKX, kantoor houdende te ANTWERPEN, Uitbreidingstraat 80 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat B. STAELENS, kantoor houdende te BRUGGE, Stockhouderskasteel, Gerard Davidstraat 46, bus
  4. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE VIIe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat de BVBA LODART en Jozef VERHAERT op 23 augustus 2002 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van de Vlaamse minister van Leefmilieu en Landbouw van 21 juni 2002 waarbij aan Jozef VERHAERT, thans de BVBA LODART, de vergunning wordt geweigerd om het veeteeltbedrijf, gelegen aan de Dorpsstraat 131 te Stabroek, uit te breiden; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur-afdelingshoofd M. LEFEVER; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan de partijen en gezien de regelmatig gewisselde laatste memories; Gelet op de beschikking van 11 maart 2008 waarbij wordt bepaald dat de zaak met toepassing van artikel 90, § 1, derde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, door één lid van de kamer wordt behandeld; VII-27.752-1/4 Gelet op de beschikking van 23 september 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 30 oktober 2008; Gehoord het verslag van staatsraad A. VANDENDRIESSCHE; Gehoord de opmerkingen van advocaat P.-J. STAELENS die, loco advocaat B. STAELENS verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelings- hoofd M. LEFEVER; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT : De ontvankelijkheid
  5. Uit het dossier van de zaak blijkt dat de auditeur-verslaggever bij de raadsman van de verzoekende partijen geïnformeerd heeft naar hun actueel belang, aangezien hem gebleken was dat de exploitatie te Stabroek gestaakt was. De betrokken raadsman heeft daarop geantwoord dat hij zijn cliënten daarover zou raadplegen, maar daar is verder geen gevolg meer aan gegeven. De betrokken raadsman, bij wie woonplaats gekozen was, heeft vervolgens ook niet geantwoord op de brief van 3 mei 2007 van de auditeur, waarin een verslag in het vooruitzicht werd gesteld waarin geconcludeerd zou worden tot de ontstentenis van het vereiste actueel belang.
  6. Na de kennisneming van het auditoraatsverslag, waarin besloten werd tot de ontstentenis van belang, hebben de verzoekende partijen wel een laatste memorie ingediend, waarin zij enerzijds "bevestigen" dat de BVBA LODART "thans nog steeds het landbouwbedrijf te Stabroek uitbaat" en waarin zij anderzijds hun actueel belang bepleiten, door te wijzen op hun bedoeling om het annulatiearrest aan te wenden in andere procedures.
  7. Door niet te antwoorden op de vragen om inlichtingen van de auditeur-verslaggever hebben de verzoekende partijen het bewijs geleverd dat zij geen belangstelling meer hadden voor de normale afwikkeling van hun beroep. Ten VII-27.752-2/4 aanzien van de ontvankelijkheid van het beroep betekent dit dat hun actueel belang teloorgegaan is.
  8. In hun laatste memorie verantwoorden de verzoekende partijen hun stilzitten niet. De argumenten die zij daar aanhalen om hun actueel belang te staven hadden zij ongetwijfeld in hun briefwisseling met de auditeur-verslaggever kunnen doen gelden. In die omstandigheden kan het indienen van een laatste memorie geenszins de gevolgen goedmaken die voortvloeien uit het verzuim om mee te werken met de rechter. Overigens zijn de verzoekende partijen ook niet op de openbare terechtzitting verschenen, noch waren zij er vertegenwoordigd door hun raadsman.
  9. Ambtshalve wordt vastgesteld dat het beroep bij gebrek aan actueel belang niet langer ontvankelijk is, OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  10. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  11. De kosten van het beroep, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. VII-27.752-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op dertien november tweeduizend en acht, door : de H. A. VANDENDRIESSCHE, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, Mevr. E. IMPENS, griffier. De griffier, De voorzitter, E. IMPENS. A. VANDENDRIESSCHE. VII-27.752-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.187.862 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.