← België

Arrest 187958 - Openbaar ambt van Gemeenschappen en Gewesten - Aanwerving en loopbaan - 17/11/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 17 november 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.187.958 Rolnummer: A. 123249/IX-3411 Zaak: Arrest 187958 - Openbaar ambt van Gemeenschappen en Gewesten - Aanwerving en loopbaan - 17/11/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-11-28 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-06-29 08:53 Fiche Arrest nr 187.958 van 17 november 2008 Openbaar ambt - Openbaar ambt van Gemeenschappen en Gewesten - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Vernietiging bekendmaking Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 187.958 van 17 november 2008 in de zaak A. 123.249/IX-

  1. In zake : Remi ZEEUWS, wonende te HULDENBERG, Nijvelsebaan 31A tegen : het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, vertegenwoordigd door de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, dat woonplaats kiest bij advocaat J. BOURTEMBOURG, kantoor houdende te BRUSSEL, Zwitserlandstraat
  2. --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, IXe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Remi ZEEUWS op 1 juli 2002 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juli 1998 waarbij Philippe DEHAUT wordt benoemd tot bestuurssecretaris in het Franstalig kader van het ministerie van het Brussels Hoofdstedelijke Gewest en van “de eventuele vervolgakten”; Gelet op het arrest nr. 160.268 van 19 juni 2006 waarbij, onder meer, de debatten in de voorliggende zaak worden heropend en het door de auditeur- generaal aangewezen lid van het auditoraat gelast wordt met een aanvullend onderzoek; Gezien het aanvullend verslag opgemaakt door eerste auditeur- afdelingshoofd M. LEFEVER; Gelet op de beschikking van 11 oktober 2006 die de neerlegging ter griffie van het aanvullend verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memorie van de verzoekende partij; IX-3411-1/8 Gelet op de beschikking van 29 juli 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 1 september 2008; Gehoord het verslag van kamervoorzitter P. LEMMENS; Gehoord de opmerkingen van de verzoeker, en van advocaat F. VANDEVOORDE, die loco advocaat J. BOURTEMBOURG, verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelings- hoofd M. LEFEVER; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : Feiten 1.
  3. Bij besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 7 november 1997 wordt de verzoeker toegelaten tot de stage als bestuurssecretaris binnen het Nederlandse taalkader van het ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, met uitwerking op 1 oktober
  4. Bij besluit van de Brusselse Hoofdstede- lijke Regering van 1 december 1998 wordt hij in vast verband benoemd, met uitwerking op 1 oktober
  5. 1.
  6. Bij besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juli 1998 wordt Philippe Dehaut in vast verband benoemd in de hoedanigheid van bestuurssecretaris binnen het Franse taalkader van het genoemde ministerie, met uitwerking op 1 mei
  7. Dit besluit van 3 juli 1998 vormt het voorwerp van het beroep in de voorliggende zaak. 2.
  8. In 2001 zijn zowel de verzoeker als Philippe Dehaut kandidaat voor een betrekking van eerste attaché rang A2 bij de directie Onderzoek en IX-3411-2/8 Innovatie van het bestuur Economie en Werkgelegenheid van het ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Nadat de directieraad op 21 november 2001 eenparig besloten heeft om Philippe Dehaut definitief als eerste kandidaat te rangschikken en de verzoeker, ex aequo met een andere persoon, als tweede kandidaat, besluit de Brusselse Hoofdstedelijke Regering op 21 december 2001 om Philippe Dehaut te benoemen tot de graad van eerste attaché expert van hoog niveau (rang A2) bij de directie Onderzoek en Innovatie van het Bestuur Economie en Werkgelegenheid, met ingang van 21 december
  9. Op 24 juni 2004 besluit de Brusselse Hoofdstedelijke Regering om Philippe Dehaut vanaf 1 juli 2004 van rechtswege over te hevelen, in de graad van eerste attaché, expert van hoog niveau, van de Directie Onderzoek en Innovatie van het ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest naar het Instituut ter bevordering van het Wetenschappelijk Onderzoek en de Innovatie van Brussel. 2.
  10. Tegen de genoemde rangschikking van de kandidaten door de directieraad, van 21 november 2001, het genoemde besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 december 2001 en het genoemde besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 24 juni 2004 heeft de verzoeker een beroep tot nietigverklaring ingesteld, dat is ingeschreven onder nummer A. 116.651/IX-
  11. Het is naar aanleiding van de raadpleging van het administratief dossier in die zaak dat de verzoeker kennis krijgt van de tekst van het thans bestreden besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juli
  12. Het is dan dat hij het voorliggende beroep tegen dat besluit instelt. De zaak A. 116.651/IX-3212 is in 2004 samengevoegd met de voorliggende zaak. Bij arrest nr. 160.268 van 19 juni 2006 doet de Raad van State in de twee zaken uitspraak. In de zaak A. 116.651/IX-3212 vernietigt hij de drie hiervóór genoemde handelingen. In de voorliggende zaak werpt hij ambtshalve de vraag op of het beroep tijdig is ingesteld, en beveelt hij daaromtrent een aanvullend onderzoek. IX-3411-3/8 2.
  13. In het Belgisch Staatsblad van 3 november 2006 wordt bekendgemaakt dat de bevordering van Philippe Dehaut in de graad van eerste attaché bij besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 28 september 2006 wordt “gannuleerd vanaf 1 juli 2006 naar aanleiding van het arrest van de Raad van State van 30 juni 2006 (sic)”. In zijn (tweede) laatste memorie in de voorliggende zaak voert de verzoeker aan dat uit die bekendmaking blijkt dat Philippe Dehaut op 30 juni 2006 bekleed was met de graad van eerste attaché, en dat hij dus na zijn benoeming tot bestuurssecretaris in die graad bevorderd moet zijn. De verzoeker vraagt om de vernietiging van het bestreden besluit van 3 juli 1998 uit te breiden tot de nagekomen bevordering. Ontvankelijkheid 3.
  14. In het tussenarrest nr. 160.268 van 19 juni 2006 heeft de Raad van State overwogen dat het grote tijdsverloop tussen het tijdstip waarop het thans bestreden besluit is genomen (3 juli 1998) en het tijdstip waarop het voorliggende beroep is ingesteld (1 juli 2002) tot een nader onderzoek naar de tijdigheid van het beroep noopt. De Raad heeft in dat verband vastgesteld dat de verzoeker in het kader van zijn op 21 november 2001 bij de directieraad ingediende bezwaar tegen diens voorlopige rangschikking van de kandidaten voor de betrekking van eerste attaché rang A2 bij de directie Onderzoek en Innovatie, inzage heeft gehad van het volledige bevorderingsdossier, en dat dit dossier onder meer een “fiche” per kandidaat bevatte waarop in duidelijke bewoordingen de toenmalige functie van de kandidaat was vermeld. Voor de verzoeker werd aangegeven dat hij attaché was bij het bestuur Economie en Werkgelegenheid, Algemene Directie, met anciënniteit vanaf 1 oktober 1997, terwijl voor Philippe Dehaut stond vermeld dat hij attaché was bij de directie Onderzoek en Innovatie, met anciënniteit vanaf 1 mei
  15. De Raad van State leidde hieruit af dat de verzoeker op 21 november 2001 met zekerheid wist dat Philippe Dehaut bekleed was met de graad van attaché. Het is in die context dat de Raad van State de vraag opwierp van de ontvankelijkheid ratione temporis van het op 1 juli 2002 ingestelde annulatieberoep. IX-3411-4/8 3.
  16. Artikel 4, derde lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling administratie (thans de afdeling bestuursrechtspraak) van de Raad van State luidt als volgt: “De beroepen (...) verjaren zestig dagen nadat de bestreden akten, reglementen of beslissingen werden bekendgemaakt of betekend. Indien ze noch bekendgemaakt, noch betekend dienen te worden, gaat de termijn in met de dag waarop de verzoeker er kennis van heeft gehad.” Het bestreden besluit is niet van die aard dat het aan de verzoeker betekend moest worden. Artikel 39 van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen bepaalt onder meer dat de besluiten van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering in het Belgisch Staatsblad worden bekendgemaakt, de Nederlandse en de Franse tekst tegenover elkaar; wanneer zij geen belang hebben voor de algemeenheid van de burgers, mogen zij bij uittreksel of in de vorm van een gewone vermelding worden bekendgemaakt, en wanneer hun bekendmaking geen openbaar nut heeft, mag deze achterwege worden gelaten. Hieruit vloeit voort dat de besluiten die geen belang hebben voor de algemeenheid van de burgers maar waarvan de bekendmaking een openbaar nut heeft, bij uittreksel moeten worden bekendgemaakt of het voorwerp moeten uitmaken van een vermelding in het Belgisch Staatsblad. De bijzondere wet zelf bepaalt niet wat onder “openbaar nut” moet worden verstaan. Op het ogenblik dat het bestreden besluit werd genomen, was het een vast gebruik dat besluiten waarbij ambtenaren van niveau 1 in het Ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest benoemd werden, bij uittreksel in het Belgisch Staatsblad werden bekendgemaakt. Dit gebruik wijst erop dat de bekendmaking van zulke besluiten naar het oordeel van het bestuur een karakter van openbaar nut vertoont. Het bestuur miskent hierdoor het begrip “openbaar nut” niet. De in artikel 4, derde lid, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 bepaalde termijn om het annulatieberoep tegen de besluiten tot benoeming van ambtenaren van niveau 1 in te stellen, gaat derhalve in met de bekendmaking van de betrokken benoeming of aanwijzing in het Belgisch Staatsblad, ongeacht of bijkomend in een andere wijze van bekendmaking is voorzien en ongeacht of de verzoeker van de benoeming of aanwijzing reeds eerder kennis gekregen heeft. IX-3411-5/8 3.
  17. Het bestreden besluit is niet bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad, ook al gaat het om een benoeming tot bestuurssecretaris, een ambt van niveau
  18. De termijn om tegen dat besluit beroep in te stellen, is dan ook nog niet beginnen lopen. Weliswaar wist de verzoeker reeds op 21 november 2001 met zekerheid dat Philippe Dehaut bekleed was met de graad van attaché, een graad die in de plaats gekomen is van de graad van bestuurssecretaris. Die datum is te dezen echter zonder belang voor de beoordeling van de ontvankelijkheid ratione temporis van het beroep, daar niet de feitelijke kennis, maar slechts de bekendmaking van het bestreden besluit de termijn doet ingaan. Het beroep is bijgevolg ontvankelijk ratione temporis. Ten gronde 4.
  19. In een eerste middel voert de verzoeker aan dat het bestreden benoemingsbesluit onwettig is omdat het enkel in het Frans is gesteld. Volgens hem is dit in strijd met de wetten op het gebruik der talen in bestuurszaken, gecoördineerd op 18 juli 1966, en met de wet van 16 juni 1989 houdende diverse institutionele hervormingen. In zijn (eerste) laatste memorie roept de verzoeker in dat het benoemingsbesluit om de genoemde reden bovendien in strijd is met artikel 39 van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen. 4.
  20. De regeling voor het gebruik der talen bij het opmaken van besluiten van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering is vervat in het reeds genoemde artikel 39 van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen. Naar luid van het eerste lid van die bepaling worden de besluiten van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering “opgesteld in het Nederlands en in het Frans”. Er wordt niet voorzien in enige uitzondering op die regel. Met toepassing van die bepaling diende het bestreden besluit in het Nederlands en het Frans te zijn opgesteld. Het administratief dossier bevat echter enkel een in het Frans gesteld besluit. IX-3411-6/8 In zoverre in het middel de schending wordt aangevoerd van artikel 39 van de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Brusselse instellingen, is het gegrond. Verzoek tot uitbreiding van de vernietiging
  21. In zijn (tweede) laatste memorie vraagt de verzoeker om de vernietiging uit te breiden, bij wege van gevolgtrekking, tot de latere bevordering van Philippe Dehaut. Zoals hiervóór vermeld, heeft de Raad van State het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 21 december 2001, waarbij Philippe Dehaut wordt bevorderd tot eerste attaché, vernietigd bij arrest nr. 160.268 van 19 juni
  22. Het is kennelijk ter uitvoering van dat arrest dat de Brusselse Hoofdstedelijke Regering op 28 september 2006 het besluit genomen heeft om aan de gevolgen van de bedoelde bevordering een einde te stellen. Anders dan de verzoeker meent, kan uit de bekendmaking in het Belgisch Staatsblad van 3 november 2006 niet worden afgeleid dat er, naast de reeds vernietigde bevordering van 21 december 2001, nog een andere bevordering geweest zou zijn. Het verzoek tot uitbreiding van de vernietiging is dan ook zonder voorwerp. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  23. Vernietigd wordt het besluit van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering van 3 juli 1998 waarbij Philippe DEHAUT wordt benoemd tot bestuurssecretaris in het Franstalig kader van het ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Artikel
  24. Dit arrest zal bij uittreksel bekendgemaakt worden in het Belgisch Staatsblad. IX-3411-7/8 Artikel
  25. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 17 november 2008, door de IXe kamer, die was samengesteld uit : de HH. P. LEMMENS, kamervoorzitter, A. VANDENDRIESSCHE, staatsraad D. MOONS, staatsraad, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. P. LEMMENS. IX-3411-8/8 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.187.958 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.