id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 november 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.188.274 Rolnummer: Zaak: Arrest 188274 - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen - 27/11/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-12-09 Raadplegingen: 60 - laatst gezien 2026-06-29 08:57 Fiche Arrest nr 188.274 van 27 november 2008 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Stedenbouw en ruimtelijke ordening - Reglementen Beslissing : Vernietiging Samenvoeging bekendmaking Afstand Verwerping overige Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 188.274 van 27 november 2008 in de zaken A. 83.176/X-8830 (I) 83.229/X-8841 (II). In zake : I + II. de n.v. IMMOASS, die woonplaats kiest bij advocaat D. VAN HEUVEN, kantoor houdende te 8500 KORTRIJK, President Kennedypark 6/24 tegen : I + II. het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat V. TOLLENAERE, kantoor houdende te 9000 GENT, Koning Albertlaan 128. D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat de n.v. IMMOASS op 26 maart 1999 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van de Vlaamse regering van 28 oktober 1998 houdende de definitieve vaststelling van een gedeelte van het gewestplan Gentse- en Kanaalzone op het grondgebied van de gemeenten Assenede, Destelbergen, De Pinte, Evergem, Gent, Laarne, Lochristi, Lovendegem, Melle, Merelbeke, Moerbeke, Nevele, Sint-Martens-Latem, Wachtebeke, Wetteren en Zelzate en van het advies van de streekcommissie voor advies van ruimtelijke ordening van 12 juni 1998, in hoofdorde in zoverre deze betrekking heeft op de percelen gelegen te Assenede, kadastraal gekend sectie F, nrs. 599, 600, 289, 291 en 295, in ondergeschikte orde in zijn geheel; (A. 83.176) Gezien het verzoekschrift dat de n.v. IMMOASS op 29 maart 1999 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van de Vlaamse regering van 28 oktober 1998 houdende de definitieve vaststelling van een gedeelte van het gewestplan Gentse- en Kanaalzone op het grondgebied van de gemeenten Assenede, Destelbergen, De Pinte, Evergem, Gent, Laarne, Lochristi, Lovendegem, Melle, Merelbeke, Moerbeke, Nevele, Sint-Martens-Latem, Wachtebeke, Wetteren en Zelzate en van het advies van de streekcommissie voor X-8830 - 8841-1/12 advies van ruimtelijke ordening van 12 juni 1998, in hoofdorde in zoverre deze betrekking heeft op de percelen gelegen te Assenede, kadastraal gekend sectie F, nrs. 599, 600, 289, 291, 295, 202, 203 en 205, in ondergeschikte orde in zijn geheel; (A. 83.229) Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord in beide zaken; Gezien het verslag in beide zaken opgemaakt door auditeur P. BARRA; Gelet op de beschikkingen van 9 september 2004 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van de dossiers gelasten; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memorie van de verzoekende partij in beide zaken; Gelet op de beschikkingen van 18 augustus 2008 en 20 augustus 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 26 september 2008; Gehoord het verslag van staatsraad J. VAN NIEUWENHOVE in beide zaken; Gehoord de opmerkingen van advocaat D. VAN HEUVEN, die verschijnt voor de verzoekende partij, en van advocaat W. LAMMENS, die loco advocaat V. TOLLENAERE verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur P. BARRA in beide zaken; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; X-8830 - 8841-2/12 OVERWEEGT WAT VOLGT : 1. Rechtspleging 1.1. De zaken G.A. 83.176/X-8830 en G.A. 83.229/X-8841 zijn dermate met elkaar verbonden dat het wenselijk is dat ze worden samengevoegd. 1.2. Het voorwerp van het beroep tot nietigverklaring is in beide zaken hetzelfde, maar in de tweede zaak wordt het beroep uitgebreid tot drie bijkomende percelen. Er mag dan ook worden aangenomen dat de verzoekende partij impliciet afstand heeft gedaan van het beroep in de eerste zaak, wat door de raadsman van de verzoekende partij op de openbare terechtzitting niet werd tegengesproken. 2. Feiten 2.1. De verzoekende partij is eigenaar van een aantal percelen grond gelegen te Assenede, kadastraal gekend Sectie F, nrs. 599, 600, 289, 291, 295, 202, 203 en 205. Deze gronden worden gebruikt voor akkerbouw en zijn verspreid gelegen rond de Rode Geul en de Grote Geul in het Krekengebied rond Assenede. Deze percelen zijn gelegen binnen het beheersingsgebied van het gewestplan Gentse- en Kanaalzone, vastgesteld bij koninklijk besluit van 14 september 1977 en hebben de bestemming valleigebied, waarvan de aanvullende bestemmingsvoorschriften in dat gewestplan worden geregeld. 2.2. Bij besluit van 13 mei 1997 beslist de Vlaamse regering tot de voorlopige vaststelling van het ontwerpplan tot gedeeltelijke wijziging van het gewestplan Gentse- en Kanaalzone op het grondgebied van onder meer de gemeente Assenede. Dit ontwerp voorziet in een nieuwe bestemming, namelijk natuurreservaat of natuurgebied met wetenschappelijk waarde, waarvan de bestemmingsvoorschriften worden geregeld in artikel 13.4.3.2 van het koninklijk besluit van 28 december 1972 betreffende de inrichting en de toepassing van de ontwerp-gewestplannen en de gewestplannen. In de overwegingen in de aanhef van het besluit wordt vermeld dat de voorgestelde bestemmingswijzigingen voor het buitengebied onder meer in het Krekengebied (waartoe de gronden behoren) alleen betrekking hebben op elementen die structuurbepalend zijn op Vlaams niveau. De voorstellen beogen de X-8830 - 8841-3/12 vrijwaring van de natuurfunctie en de landbouwfunctie ter versterking van de structuur van het buitengebied. Zij dragen ook bij tot het aanbrengen van goed gestructureerde gehelen voor de natuurfunctie, de bosfunctie en de landbouwfunctie, en dragen op die wijze bij tot het tegengaan van de versnippering van de natuurlijke en de agrarische structuur. In bijlage 40 bij het besluit is een toelichtingsnota opgenomen, waarvan het deel B handelt over het buitengebied. Onder de rubriek “Krekengebied”, deel “Kreken en verspreid voorkomende bosjes en graslanden” wordt het volgende vermeld: “Kreken in het Krekengebied hebben een grote ecologische waarde op Vlaams niveau en zijn belangrijke onderdelen van de natuurlijke structuur. Voor kreken (en omgeving) wordt een bestemmingswijziging naar natuurgebied voorgesteld wanneer de kreken (en omgeving) voldoen aan het geheel van de volgende criteria: - de natuurfunctie is er bovengeschikt aan de andere functies of het is gewenst dat de natuurfunctie er bovengeschikt wordt; - de natuur komt er als hoofdgebruiker voor of het is gewenst dat de natuur er als hoofdgebruiker voorkomt; - zijn biologisch waardevol of zeer waardevol of hebben een hoge toekomstwaarde (de toekomstwaarde kan er toenemen door aangepast natuurbeheer); - zijn van voldoende omvang of vormen een onderdeel van een samenhangend netwerk van elementen van de natuurlijke structuur; - zijn vrij van vergunde bebouwing. Verder wordt gestreefd naar de realisatie van een aaneengesloten geheel van punt-, lijn- en vlamvormige natuurelementen. De bestemming natuurgebied voor verspreid voorkomende bosjes en graslanden is echter onmogelijk op het schaalniveau van het gewestplan. Momenteel vormen de gemeentelijke plannen van aanleg het meest geschikte schaalniveau. Voor een aantal verspreid voorkomende bosjes en graslanden wordt een bestemmingswijziging naar natuurgebied voorgesteld wanneer ze voldoen aan het geheel van de volgende criteria: - de natuurfunctie is er bovengeschikt aan de andere functies of het is gewenst dat de natuurfunctie er bovengeschikt wordt; - de natuur komt er als hoofdgebruiker voor of het is gewenst dat de natuur er als hoofdgebruiker voorkomt; - zijn biologisch waardevol of zeer waardevol of hebben een hoge toekomstwaarde (de toekomstwaarde kan er toenemen door aangepast natuurbeheer); - zijn van voldoende omvang of vormen een onderdeel van een samenhangend netwerk van elementen van de natuurlijke structuur; - zijn vrij van vergunde bebouwing”. Verder in hetzelfde deel wordt vermeld: “B.5. Assenede - uitbreiding Rode Geul/ Grote Geul (kaartblad 14/2 - bijlage 5) Wijziging van valleigebied naar reservaatgebied (15,5ha) omwille van X-8830 - 8841-4/12 - mogelijkheden voor natuurontwikkeling op weiland dat een ruimtelijk geheel vormt met het bestaande reservaatgebied. - aanwezigheid van biologisch waardevol bos dat een ruimtelijk geheel vormt met bestaande reservaatgebied. De begrenzing volgt hier tevens het EG-vogelrichtlijngebied”. 2.3. Van 12 november 1997 tot 10 januari 1998 wordt een openbaar onderzoek gehouden. De verzoekende partij dient geen bezwaarschrift in. 2.4. Op 16 december 1997 dient de Boerenbond Oost-Vlaanderen een bezwaarschrift in, dat onder meer betrekking heeft op “het voorstel tot wijziging van 15,5 ha valleigebied naar Reservaatgebied zijnde de uitbreiding van de Rode Geul/Grote Geul (B5)” en waarin verscheidene bezwaren worden aangebracht met betrekking tot de bestemmingswijziging. 2.5. Op 29 januari 1998 brengt de gemeenteraad van Assenede een ongunstig advies uit. Hij stelt dat vanuit het oogpunt van waterbeheersing de overgang tot natuurgebied op middellange termijn dreigt te leiden tot een andere beheersingswijze van het waterpeil. Hierdoor zouden veelvouden (honderden hectares) van de oppervlakte van de feitelijke natuurgebieden die door of langs het betrokken gebied afwateren, met een te hoge grondwaterstand worden geconfronteerd, met ernstige inkomensverliezen voor de landbouwers als gevolg. Voorts merkt de gemeenteraad op dat hij geen bezwaar heeft tegen de voorgestelde uitbreidingen die bebost zijn, als weiland in gebruik zijn en daadwerkelijk aansluiten bij het grote natuurgebied. Hij stelt tevens dat de eutrofiëringsproblemen in de Rode en de Grote Geul veel meer in relatie staan met de waterbodemkwaliteit veroorzaakt door grote hoeveelheden organisch bezinksel van afvallende bladeren van de aan de krekenboorden staande knotwilgen, die juist bijdragen tot het specifiek waardevol landschappelijk element van dit gebied, dan aan een mogelijke uitloging van meststoffen. Ten slotte dient naar het oordeel van de gemeenteraad eveneens te worden bezien wat de toevoeging van enkele hectaren voor landbouw in gebruik zijnde grond aan meerwaarde verschaft. 2.6. Op 5 maart 1998 geeft de bestendige deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen een deels gunstig, deels ongunstig advies over de bestemmingswijziging in het betrokken gebied. De bestendige deputatie stelt hierin het volgende: X-8830 - 8841-5/12 “De voorgestelde wijzigingen aan de Rode Geul betreffen uitbreidingen ten oosten van het bestaande natuurreservaat, dat nu, door de gewestplanwijziging, zal begrensd worden door de dijk. Het gaat voor een deel om beboste dijken, maar ook om aanpalende weiden en akkers. Onmiddellijk tegen het reservaat aan liggen vier aangifteplichtige bedrijven en ook aan de overkant van de dijk is een landbouwbedrijf gelegen. Voor twee aangifteplichtige bedrijven komt de grens van het reservaat nagenoeg tot aan de bedrijfszetel, waardoor ook de percelen vlakbij de bedrijfszetel (minder dan 50
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.