← België

Arrest 188470 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 04/12/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 04 december 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.188.470 Rolnummer: A. 189654/IX-6072 Zaak: Arrest 188470 - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan - 04/12/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-12-11 Raadplegingen: 63 - laatst gezien 2026-06-29 08:59 Fiche Arrest nr 188.470 van 4 december 2008 Openbaar ambt - Federaal openbaar ambt - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 188.470 van 4 december 2008 in de zaak A. 189.654/IX-

  1. In zake : Roger MEEUS, die woonplaats kiest te RETIE, Molenstraat 33/001 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Ambtenarenzaken. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Roger MEEUS op 25 augustus 2008 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 26 juni 2008 van het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid waarbij aan verzoeker wordt meegedeeld niet geslaagd te zijn voor de certifiëringstest “Vaststelling en gebruik van vastgoedwaarden” (code FI08NL); Gezien het verslag opgesteld door adjunct-auditeur M. CELIS, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 14 oktober 2008, waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 24 november 2008; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van staatsraad D. MOONS; Gehoord de opmerkingen van de verzoeker, en van adviseur- generaal J. MOMMENS, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van eerste auditeur-afdelings- hoofd M. LEFEVER; IX-6072-1/4 Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT :
  2. Feiten 1.
  3. Uit het verzoekschrift en de stukken gevoegd bij het verzoekschrift blijkt dat verzoeker op 12 januari 2008 heeft deelgenomen aan de gecertificeerde opleiding “Vaststelling en gebruik van vastgoedwaarden” (code FI08), ingericht door het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid. 1.
  4. Deze opleiding werd afgesloten met een test, die heeft plaatsgevonden op 12 januari
  5. 1.
  6. Met een beslissing van 26 juni 2008 van het Opleidingsinstituut van de Federale Overheid wordt aan verzoeker meegedeeld niet geslaagd te zijn voor de certifiëringstest “Vaststelling en gebruik van vastgoedwaarden” (code FI08NL). Dit is de bestreden beslissing.
  7. Ten gronde 2.
  8. In het verzoekschrift vat de verzoeker de feiten samen en stelt vast dat de vraag nummer 45 uit de certifiëringstest ten onrechte werd geschrapt. 2.
  9. Artikel 2, §1, 3/, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vereist dat het verzoekschrift tot nietigverklaring “een uiteenzetting van de feiten en de middelen” bevat. De uiteenzetting van een rechtsmiddel vereist dat zowel de rechtsregel of het rechtsbeginsel wordt aangeduid dat volgens de verzoeker werd geschonden, als de wijze waarop die rechtsregel of dat rechtsbeginsel door de bestreden beslissing werd geschonden. Hoewel een rechtsmiddel bestaat uit de voldoende en duidelijke omschrijving van de geschonden geachte rechtsregel of rechtsbeginsel, is niet vereist dat in het verzoekschrift de wetsbepalingen worden weergegeven die zouden zijn geschonden. Het is wel vereist IX-6072-2/4 dat summier doch duidelijk de beweerde onregelmatigheid van de bestreden beslissing wordt aangegeven, opdat een middel ontvankelijk zou zijn. 2.
  10. De verzoeker beperkt zich in zijn uiteenzetting in zijn verzoekschrift tot nietigverklaring tot de weergave van een aantal feitelijke gegevens en tot het formuleren van bedenkingen bij de bestreden beslissing. Hij duidt echter niet aan welke rechtsregel of welk rechtsbeginsel hij geschonden acht. Aangezien de verzoeker geen rechtsregel en/of rechtsbeginsel aanduidt die volgens hem door de bestreden beslissing werd geschonden, is het beroep tot nietigverklaring onontvankelijk wegens gebrek aan de uiteenzetting van een rechtsmiddel. Dat laatste maakt de verzoeker niet goed door zijn brief van 5 november 2008, waarin hij twee middelen formuleert, omdat dat schrijven buiten de initiële beroepstermijn werd verstuurd. 2.
  11. Het beroep tot nietigverklaring is niet ontvankelijk. OM DIE REDENEN BESLIST DE Wnd. VOORZITTER : Artikel
  12. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  13. De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoeker. IX-6072-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 4 december 2008, door : de H. D. MOONS, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. D. MOONS. IX-6072-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.188.470 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.