← België

Arrêt / Arrest 188682 - Personnel des greffes et parquets / Personeel van de griffies en parketten - 09/12/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 december 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.188.682 Rolnummer: A. 140839/V-1681 Zaak: Arrêt / Arrest 188682 - Personnel des greffes et parquets / Personeel van de griffies en parketten - 09/12/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-12-16 Raadplegingen: 84 - laatst gezien 2026-06-29 09:27 Versie(s): Versie FR Fiche Arrest nr 188.682 van 9 december 2008 Justitie - Personeel van de griffies en parketten Beslissing : Afstand van geding Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 188.682 van 9 december 2008 A. 140.839/V-1681 In zake : Jean DE BRABANTER, die woonplaats kiest bij Mr. Claude VERHEYLEWEGHEN, advocaat, Noorderlaan 30 1731 Zellik, tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door

  1. de Minister van Justitie,
  2. de Minister van Werk,
  3. de Minister van Pensioenen, die woonplaats kiezen bij Mrs. Peter LUYPAERS en Hans-Kristof CAREME, advocaten, Industrieweg 4, bus 1 3001 Heverlee. Tussenkomende partij : Jean-Marie MICHIELS, die woonplaats kiest bij Mr. Dirk LINDEMANS, advocaat, Keizerslaan 3 1000 Brussel. ----------------------------------------------------------------------------------------------------- -- DE RAAD VAN STATE, Ve KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Jean DE BRABANTER op 26 augustus 2003 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het koninklijk besluit van 6 januari 2003 waarbij Jean-Marie MICHIELS benoemd wordt tot hoofdgriffier bij het arbeidshof te Brussel; Gezien het arrest nr. 132.279 van 10 juni 2004 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dat arrest aan de partijen; V-1681n -1/4 Gelet op het verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend op 13 juli 2004 door de verzoekende partij; Gezien het op 3 augustus 2004 ingediende verzoekschrift waarbij Jean-Marie MICHIELS vraagt om als tussenkomende partij te mogen optreden; Gelet op de beschikking van 22 september 2004 die de tussenkomende partij tot de debatten toelaat; Gezien de regelmatig gewisselde memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien de memorie tot tussenkomst; Gezien het verslag opgesteld door eerste auditeur-afdelingshoofd M. LEFEVER; Gelet op de beschikking van 22 mei 2007, die de neerlegging ter griffie van het verslag en het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de partijen; Gelet op de kennisgeving door de hoofdgriffier, op 10 januari 2008, van de mededeling bedoeld in artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT: Naar luid van artikel 21, zesde lid, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State geldt ten aanzien van de verzoekende partij een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, na de kennisneming van het verslag van de auditeur waarin de verwerping of de onontvankelijkheid van het beroep wordt voorgesteld, geen verzoek tot voortzetting van de procedure indient binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de betekening van het verslag. V-1681n -2/4 In het auditoraatsverslag is te dezen de onontvankelijkheid van het beroep voorgesteld. De verzoekende partij heeft geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. De hoofdgriffier heeft de verzoekende partij medegedeeld, met toepassing van artikel 14quater, § 1, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, dat de kamer de afstand van het geding zou uitspreken, tenzij de verzoekende partij binnen een termijn van vijftien dagen zou vragen om te worden gehoord. De verzoekende partij heeft niet gevraagd om te worden gehoord. Het vermoeden van afstand van geding is te dezen van toepassing. OM DIE REDENEN B E S L I S T DE RAAD VAN STATE: Artikel
  4. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  5. De kosten van de vordering tot schorsing en het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. V-1681n -3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting van de Ve kamer, op negen december tweeduizend en acht, door : de HH. P. LEMMENS, kamervoorzitter D. MOONS, staatsraad, J. JAUMOTTE, staatsraad, W. GEURTS, griffier. De griffier, De voorzitter, W. GEURTS. P. LEMMENS. V-1681n -4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.188.682 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2004:ARR.132.279 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

Explication IA à partir du texte officiel de la loi. Indicatif, ne remplace pas un conseil juridique.