← België

Cassatiebeschikking 2784 - Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen - 04/06/2008

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Beschikking van 04 juni 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ORD.2.784 Rolnummer: A. 187935/-0 Zaak: Cassatiebeschikking 2784 - Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen - 04/06/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-06-16 Raadplegingen: 53 - laatst gezien 2026-06-29 08:09 Fiche Beschikking nr 2.784 van 4 juni 2008 Vreemdelingen - Commissariaat-generaal voor de Vluchtelingen en de Staatlozen Beslissing : Niet toegelaten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Afdeling administratie Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. BESCHIKKING BETREFFENDE DE TOELAATBAARHEID IN ADMINISTRATIEVE CASSATIE nr. 2784 van 4 juni 2008 in de zaak A. 187.

  1. In zake : XXXXX, die woonplaats kiest bij advocaat P. LYDAKIS, kantoor houdende te 4020 LUIK, Quai de la Dérivation 53/52 tegen : de commissaris-generaal voor de vluchtelingen en de staatlozen. -------------------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXXXX, van Bengaalse nationaliteit, op 14 april 2008 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het arrest nr. 8515 van 11 maart 2008 van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen; Gelet op het administratief dossier, aangekomen ter griffie op 16 mei 2008; Gelet op artikel 20 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, zoals gewijzigd door artikel 8 van de wet van 15 september 2006 tot hervorming van de Raad van State en tot oprichting van een Raad voor Vreemdelingenbetwistingen; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat artikel 1 van de internationaal verdrag betreffende de status van vluchtelingen, ondertekend te Genève op 28 juli 1951 geen rechtstreekse werking in het Belgische recht heeft; dat het middel in die mate kennelijk niet-ontvankelijk is; Overwegende dat artikel 26 van het koninklijk besluit van 21 december 2006 houdende de rechtspleging voor de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen, luidt als volgt: “Zo er grond toe bestaat bij eenzelfde arrest uitspraak te doen over verscheidene zaken die bij verschillende kamers aanhangig zijn, kan de eerste voorzitter, hetzij ambtshalve, hetzij op verzoek van de partijen, bij beschikking de kamer aanwijzen die van de zaken zal kennis nemen. Deze beschikking wordt door de griffie aan de partijen betekend. 187.935-1/2 Geldt het zaken die bij dezelfde kamer aanhangig zijn, kan de samenvoeging er van door de voorzitter van deze kamer bevolen worden.” dat het niet aan de Raad van State toekomt om de opportuniteit van dergelijke beslissing te beoordelen; dat het enige middel ook in die mate niet-ontvankelijk is; Overwegende dat het middel er voor het overige toe strekt de appreciatie van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen over te doen, terwijl de Raad van State als administratieve cassatierechter niet bevoegd is om in de beoordeling van de feiten te treden; dat het enige middel ook in die mate kennelijk niet-ontvankelijk is, BESLUIT: Artikel
  2. Het beroep is niet toelaatbaar. Artikel
  3. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vier juni tweeduizend en acht, door : de HH. C. ADAMS, wnd. kamervoorzitter, staatsraad, J. CASNEUF, griffier. De griffier, De voorzitter, J. CASNEUF. C. ADAMS. 187.935-2/2 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ORD.2.784 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.