id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Beschikking van 07 november 2008 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2008:ORD.3.516 Rolnummer: A. 190040/-0 Zaak: Cassatiebeschikking 3516 - Dienst Vreemdelingenzaken - 07/11/2008 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2008-11-18 Raadplegingen: 50 - laatst gezien 2026-06-29 08:51 Fiche Beschikking nr 3.516 van 7 november 2008 Vreemdelingen - Dienst Vreemdelingenzaken Beslissing : Niet toegelaten Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Afdeling administratie Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. BESCHIKKING BETREFFENDE DE TOELAATBAARHEID IN ADMINISTRATIEVE CASSATIE nr. 3516 van 7 november 2008 in de zaak A. 190.040 In zake : XXXXX, die woonplaats kiest bij Advocaat Z. CHIHAOUI, kantoor houdende te 1060 BRUSSEL, Berckmansstraat 83 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de Minister van Migratie- en asielbeleid. ---------------------------------------------------------------------------------------------------------------- -- DE VOORZITTER VAN DE XIVe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat XXXXX, van Iraakse nationaliteit, op 17 oktober 2008 heeft ingediend om de vernietiging te vorderen van het arrest nr. 17.050 van 11 oktober 2008 van de Raad voor Vreemdelingenbetwistingen; Gelet op de ontvangst, op 23 oktober 2008, van het dossier van de zaak; Gelet op artikel 20 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, zoals gewijzigd door artikel 8 van de wet van 15 september 2006 tot hervorming van de Raad van State en tot oprichting van een Raad voor Vreemdelingenbetwistingen; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; Overwegende dat de drie aangevoerde middelen volledig steunen op artikel 13 van het EVRM; dat artikel 13 van het EVRM stelt dat eenieder wiens rechten, welke in het Verdrag zijn vermeld, geschonden zijn, recht heeft op een daadwerkelijke rechtshulp voor een nationale instantie; dat deze bepaling geen onafhankelijk bestaan heeft, maar slechts kan ingeroepen worden in samenhang met de verdragsbepaling waarvan de schending wordt ingeroepen; dat verzoeker er niet in slaagt te overtuigen dat één van zijn door het Verdrag gewaarborgde rechten door de bestreden beslissing geschonden wordt; dat de drie middelen kennelijk onontvankelijk zijn, 190.040-1/2 BESLUIT: Artikel 1. Het beroep is niet toelaatbaar. Artikel 2. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus, na beraad, te Brussel uitgesproken op zeven november tweeduizend en acht, door : de HH. A. BEIRLAEN, kamervoorzitter, C. VERHAERT, griffier. De griffier, De voorzitter, C. VERHAERT. A. BEIRLAEN. 190.040-2/2 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2008:ORD.3.516 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.