id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 08 januari 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.189.334 Rolnummer: A. 151435/XII-4143 Zaak: Arrest 189334 - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan - 08/01/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-01-15 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-06-29 12:53 Fiche Arrest nr 189.334 van 8 januari 2009 Openbaar ambt - Personeel van het onderwijs - Aanwerving en loopbaan Beslissing : Vernietiging Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 189.334 van 8 januari 2009 in de zaak A. 151.435/XII-
- In zake : Marc DE MEERLEER, die woonplaats kiest bij advocaat F. Moeykens, kantoor houdende te Brugge (Sint-Kruis), Puienbroeklaan 33 tegen : het GEMEENSCHAPSONDERWIJS, vertegenwoordigd door de Scholengroep 25 Brugge-Oostkust, dat woonplaats kiest bij advocaat M. Stommels, kantoor houdende te Antwerpen, Amerikalei 220, bus
- --------------------------------------------------------------------------------------------------- D E R A A D V A N S T A T E, XIIe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Marc De Meerleer op 4 mei 2004 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van 8 maart 2004 van de raad van bestuur van de scholengroep 25, Brugge-Oostkust, van het Gemeenschapsonderwijs, waarbij de beslissing van 1 maart 2004 van de algemeen directeur van de scholengroep, houdende zijn preventieve schorsing met ingang van 2 maart 2004, wordt bevestigd; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door adjunct-auditeur J. Neuts; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memories; Gelet op de beschikking van 15 oktober 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 18 november 2008; Gehoord het verslag van staatsraad G. van Haegendoren; XII-4143-1/5 Gehoord de opmerkingen van advocaat F. Moeykens, die verschijnt voor verzoeker, en van advocaat J. Fransen, die loco advocaat M. Stommels verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het andersluidend advies van adjunct-auditeur J. Neuts bij beslissing van 31 oktober 2008 van de auditeur-generaal gemachtigd om ter openbare terechtzitting advies te verlenen; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de gecoördineerde wetten op de Raad van State, OVERWEEGT WAT VOLGT : De gegevens van de zaak 1.
- Verzoeker is ten tijde van de bestreden beslissing waarnemend directeur van de middenschool te Assebroek en dit sinds 1 oktober
- Hij was er voordien geruime tijd leraar. 1.
- Op 27 februari 2004 - het is dan krokusvakantie - worden bij de algemeen directeur van de scholengroep twee klachten ingediend, enerzijds door een leerkracht X. wegens vermeend obsessief gedrag en ongewenste intimiteiten van verzoeker jegens deze leerkracht en anderzijds door nog een andere leerkracht Y. wegens vermeend pestgedrag van verzoeker. 1.
- Op maandag 1 maart 2004 - de eerste schooldag na de krokusva- kantie - beslist de algemeen directeur om verzoeker bij hoogdringendheid en met ingang van 2 maart 2004 preventief te schorsen. Hij kondigt in zijn beslissing aan met betrekking tot deze beweerde feiten een onderzoek te zullen aanvragen bij de centrale administratie van het gemeenschapsonderwijs en nodigt verzoeker tevens uit voor een hoorzitting bij de raad van bestuur van de scholengroep op 8 maart
- Deze beslissing wordt hem, tegen ontvangstbewijs, dezelfde dag nog ter kennis gebracht. XII-4143-2/5 Eveneens dezelfde dag bekrachtigt de raad van bestuur van de scholengroep deze beslissing van de algemeen directeur om verzoeker preventief te schorsen. Deze beslissing van de raad van bestuur wordt aan verzoeker betekend met een aangetekend schrijven van 5 maart
- 1.
- Op 8 maart 2004 wordt verzoeker gehoord door de raad van bestuur. Diezelfde dag nog beslist de raad van bestuur “de beslissing van de heer [V.], algemeen directeur, tot [verzoekers] preventieve schorsing (m.i.v. 2 maart 2004) te bevestigen”. Dit is de thans bestreden beslissing. 1.
- De onderzoekscel van het gemeenschapsonderwijs bezoekt dan de middenschool te Assebroek om alle betrokkenen en getuigen te horen, wat resulteert in een omvangrijk onderzoeksrapport van 2 juni
- Samengevat, komen de onderzoekers tot de bevinding dat de ene klacht (obsessief gedrag en ongewenste intimiteiten) “grotendeels op niets” gebaseerd is en de andere klacht (pestgedrag) zelfs onterecht is. Desalniettemin wordt in dat rapport ook vastgesteld dat verzoeker zijn “ambtelijk fungeren” heeft laten bepalen door zijn persoonlijke relatie met die ene leerkracht/klaagster X. en dat hij daardoor zijn positie binnen de middenschool te Assebroek onmogelijk heeft gemaakt. Het vervolg hiervan is dat, later, de raad van bestuur van de scholengroep zal beslissen, eensdeels, om verzoeker te verwijderen uit het ambt van waarnemend directeur van de middenschool te Assebroek en, anderdeels, om hem over te plaatsen in het belang van de dienst. Beide beslissingen worden door verzoeker bestreden met annulatieberoepen die gekend zijn onder de rolnummers A.154.703/XII-4229, resp. A.154.702/XII-
- 1.
- Op 4 oktober 2004 wordt verzoeker de tuchtstraf van de blaam opgelegd. Hij tekent hiertegen administratief beroep aan, maar dit wordt onontvan- kelijk verklaard. Een verder annulatieberoep wordt niet meer ingesteld. XII-4143-3/5 De ontvankelijkheid van het beroep
- Zoals de Raad van State al meer uitvoerig heeft uiteengezet in, bij voorbeeld, zijn arrest Verlinden, nr. 140.650 van 15 januari 2005, stelt een preventieve schorsing waarbij een personeelslid van het Gemeenschapsonderwijs bij wege van voorlopige maatregel tijdelijk uit de dienst wordt verwijderd, een latere, definitieve beslissing in het vooruitzicht en dit ongeacht of de schorsing al dan niet kadert in een tuchtprocedure. Te dezen stelt de Raad van State vast dat de preventieve schorsing hoe dan ook niet is gevolgd door een ordemaatregel of een tuchtstraf met een terugwerkende kracht die aldus de effecten die de tijdelijke verwijdering van verzoeker uit zijn ambt in het verleden heeft gehad, zou hebben opgeslorpt.
- Aldus is de preventieve schorsing in ieder geval vervallen, zodat het beroep zonder voorwerp is. Verzoeker vormt evenwel nog steeds het voorwerp van het formele besluit waarbij hij bij ordemaatregel preventief wordt geschorst. In het belang van de duidelijkheid in het rechtsverkeer past het de bestreden beslissing uitdrukkelijk te vernietigen. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- Vernietigd wordt de beslissing van 8 maart 2004 van de raad van bestuur van de scholengroep 25 van het Gemeenschapsonderwijs, waarbij de beslissing van 1 maart 2004 van de algemeen directeur van de scholengroep, houdende de preventieve schorsing van Marc De Meerleer met ingang van 2 maart 2004, wordt bevestigd. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verwerende partij. XII-4143-4/5 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op acht januari 2009, door de XIIe kamer, die was samengesteld uit : de HH. D. VERBIEST, kamervoorzitter, J. LUST, staatsraad, G. VAN HAEGENDOREN, staatsraad, Mevr. S. DOMS, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DOMS. D. VERBIEST. XII-4143-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.189.334 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.