← België

Arrest 189451 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 14/01/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 14 januari 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.189.451 Rolnummer: A. 73101/X-7218 Zaak: Arrest 189451 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 14/01/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-01-26 Raadplegingen: 62 - laatst gezien 2026-06-29 13:39 Fiche Arrest nr 189.451 van 14 januari 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 189.451 van 14 januari 2009 in de zaak A. 73.101/X-

  1. In zake :
  2. Theo HENSELS,
  3. Rita CABUS, die woonplaats kiezen bij advocaat J. STIJNS, kantoor houdende te 3001 HEVERLEE, Philipssite 5, 2de verdieping tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat P. DECLERCQ, kantoor houdende te 3000 LEUVEN, J.P. Minckelersstraat
  4. D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Theo HENSELS en Rita CABUS op 17 januari 1997 hebben ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 7 november 1996 van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Vervoer en Ruimtelijke Ordening houdende weigering van de vergunning voor het regulariseren van paardenstallen op een perceel gelegen te Tielt-Winge, Wingerstraat, kadastraal bekend sectie B, nr. 234; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door adjunct-auditeur A. EYLENBOSCH; Gelet op de beschikking van 21 december 2001 die de neerlegging ter griffie van het verslag en van het dossier gelast; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen en gezien de laatste memorie van de verzoekende partijen; Gelet op de beschikking van 3 november 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 21 november 2008; X-7218-1/4 Gehoord het verslag van staatsraad J. CLEMENT; Gehoord de opmerkingen van advocaat T. CORNELISSEN, die loco advocaat J. STIJNS verschijnt voor de verzoekende partijen, en van advocaat G. HAVET, die loco advocaat P. DECLERCQ verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur A. EYLENBOSCH; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT : Op 14 juni 1994 vragen de verzoekende partijen bij het gemeentebestuur van Tielt-Winge een bouwvergunning aan voor de regularisatie van paardenstallen op een perceel gelegen te Tielt-Winge, Wingerstraat, kadastraal bekend sectie B, nr. 234/w. Het bij koninklijk besluit van 7 november 1978 vastgestelde gewestplan Aarschot-Diest bestemt het betrokken perceel tot landschappelijk waardevol agrarisch gebied. Het perceel is niet gelegen binnen een gebied waarvoor een goedgekeurd bijzonder plan van aanleg bestaat. Het is evenmin gelegen binnen het gebied van een behoorlijk vergunde, niet vervallen verkaveling. Op 6 september 1994 geeft de gemachtigde ambtenaar een ongunstig advies over de aanvraag. Op 15 september 1994 weigert het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Tielt-Winge de gevraagde regularisatievergunning. Op 16 januari 1996 verwerpt de bestendige deputatie van de provincieraad van Vlaams-Brabant het beroep van de verzoekende partijen tegen de voormelde weigeringsbeslissing. Met het bestreden besluit verwerpt de Vlaamse minister van Openbare Werken, Vervoer en Ruimtelijke Ordening het beroep van de verzoekende partijen tegen de voormelde beslissing van de bestendige deputatie. Met een arrest van 15 maart 1999 beveelt het Hof van Beroep te Brussel het herstel van de plaats in de vorige staat door het afbreken van de betrokken paardenstallen. In hun antwoord op het schrijven van de Raad van State met het verzoek hun actueel belang te willen toelichten, verklaren de verzoekende partijen X-7218-2/4 inmiddels gevolg te hebben gegeven aan de bevolen herstelmaatregel middels afbraak van de betrokken stallingen. De verzoekende partijen voeren aan dat zij desondanks nog een actueel belang hebben bij de gevraagde vernietiging omdat zij in de mogelijkheid zullen worden gesteld om “alsnog een regularisatievergunning te bekomen waarbij de vergunningsverlenende overheid dient te oordelen alsof de paardenstallen nog niet zijn gebouwd” en omdat de vernietiging door de Raad van State het bekomen van een schadevergoeding voor de burgerlijke rechter aanzienlijk zal vergemakkelijken. Ambtshalve dient te worden onderzocht of de verzoekende partijen doen blijken van het rechtens vereiste actueel belang. Het blijkt dat werd overgegaan tot de afbraak van de paardenstallen waarvoor de verzoekende partijen een regularisatievergunning hadden aangevraagd, vergunning die met het thans bestreden besluit werd geweigerd. Het wezen zelf van een vergunning voor de regularisatie van niet- vergunde bouwwerken, houdt de aanwezigheid in van een niet-vergund bouwwerk. Aangezien in casu de bouwwerken zijn afgebroken, wordt ambtshalve vastgesteld dat de verzoekende partijen niet meer doen blijken van het vereiste actueel belang om de vernietiging van het bestreden besluit te verkrijgen. De argumentatie dat een vernietiging door de Raad van State het bekomen van een schadevergoeding voor de burgerlijke rechter aanzienlijk zal vergemakkelijken, is geen belang dat is verbonden aan de nietigverklaring en derhalve aan het doen verdwijnen van de bestreden akte uit de rechtsorde, maar een belang dat er uitsluitend in bestaat één of meerdere middelen gegrond te horen verklaren. Een dusdanig belang is een onrechtstreeks belang dat niet volstaat om tot de ontvankelijkheid van het beroep tot nietigverklaring te besluiten. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  5. Het beroep wordt verworpen. Artikel
  6. De kosten van het beroep, bepaald op 198,32 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. X-7218-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op veertien januari 2009, door de Xe kamer, die was samengesteld uit : de HH. R. STEVENS, kamervoorzitter, J. CLEMENT, staatsraad, S. DE TAEYE, staatsraad, Mevr. T. TEMMERMAN, griffier. De griffier, De voorzitter, T. TEMMERMAN. R. STEVENS. X-7218-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.189.451 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.