id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 26 januari 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.189.779 Rolnummer: A. 187650/X-13707 Zaak: Arrest 189779 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 26/01/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-02-05 Raadplegingen: 65 - laatst gezien 2026-06-29 15:08 Fiche Arrest nr 189.779 van 26 januari 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 189.779 van 26 januari 2009 in de zaak A. 187.650/X-13.
- In zake :
- Mustapha EL AMRANI,
- Katrien CANDAELE, die woonplaats kiezen bij advocaat K. VAN WYNSBERGE, kantoor houdende te 3000 LEUVEN, Diestsevest 113 tegen : de deputatie van de provincieraad van VLAAMS-BRABANT, die woonplaats kiest bij advocaat M. VAN DIEVOET, kantoor houdende te 1000 BRUSSEL, Boomstraat 14, bus
- DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het enig verzoekschrift dat Mustapha EL AMRANI en Katrien CANDAELE op 25 maart 2008 hebben ingediend en waarin zij de schorsing van de tenuitvoerlegging vorderen van het besluit van 17 januari 2008 van de deputatie van de provincieraad van Vlaams-Brabant waarbij hun beroep tegen de beslissing van 7 mei 2007 van het college van burgemeester en schepenen van Grimbergen houdende weigering van de stedenbouwkundige vergunning voor het regulariseren van 5 schuthokken voor paarden en runderen, een serre, 2 looppisten voor paarden, 2 paardenboxen, een berging met keuken en eetplaats en een verplaatsbare container op een perceel gelegen te Grimbergen, Grote Heirbaan, kadastraal bekend sectie F, nrs. 26, 28, 29/b en 29/a, niet wordt ingewilligd; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur T. DE WAELE; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 6 juni 2008 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 20 juni 2008; X-13.707-1/4 Gehoord het verslag van kamervoorzitter R. STEVENS; Gehoord de opmerkingen van advocaat K. VAN WYNSBERGE, die verschijnt voor de verzoekende partijen, en van advocaat M. van DIEVOET, die verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur T. DE WAELE; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
- Ontvankelijkheid De verwerende partij betwist de ontvankelijkheid van de vordering. Er bestaat vooralsnog geen noodzaak om over de opgeworpen exceptie uitspraak te doen. Een onderzoek van en een uitspraak over deze exceptie dringt zich immers slechts op indien zou blijken dat de grondvoorwaarden voor schorsing vervuld zijn, hetgeen te dezen, zoals hierna zal blijken, niet het geval is.
- Grondvoorwaarden voor schorsing - Moeilijk te herstellen ernstig nadeel 2.
- Krachtens artikel 17, § 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen. 2.
- De verzoekende partijen formuleren het moeilijk te herstellen ernstig nadeel als volgt: “Verzoekende partijen zijn de mening toegedaan dat de tenuitvoerlegging van de thans bestreden beslissing haar een moeilijk te herstellen ernstig nadeel berokkent. De wettelijke criteria waaraan het moeilijk te herstellen ernstig nadeel dient te beantwoorden zijn de volgende: - De onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing moet het moeilijk te herstellen ernstig nadeel kunnen berokkenen; X-13.707-2/4 - Er moet een rechtstreeks causaal verband zijn met een akte of reglement; - Het nadeel moet moeilijk te herstellen zijn; - Het nadeel moet ernstig zijn; In casu berokkent de bestreden beslissing onmiskenbaar moeilijk te herstellen ernstig nadeel aan de verzoekende partijen. Door de weigering van de stedenbouwkundige vergunning wordt de verdere uitbating van de paardenhouderij juridisch onmogelijk. Immers, de gebouwen waarin de paarden van verzoekers zijn ondergebracht worden heden volledig als onvergund beschouwd. Het voorgaande houdt in dat verzoekers overeenkomstig art. 146 van het decreet van 18 mei 1999 houdende de organisatie van de ruimtelijke ordening strafbaar zijn bij het verdere gebruik. Tevens houdt het voorgaande in dat de staking van het gebruik zou kunnen worden bevolen. De thans bestreden beslissing houdt zodoende de rechtstreekse juridische oorzaak in aan verzoekers om hun activiteiten in de paardenhouderij ter plaatse stop te zetten. Gelet op het voorgaande zijn verzoekers verplicht een nieuwe locatie te zoeken voor het onderbrengen van hun paarden, hetgeen gelet op het strikte stedenbouwkundig beleid inzake vergunningen voor paardenhouderijen, geen sinecure is. Verzoekers hebben immers geen onmiddellijk beschikbaar alternatief om hun paarden te stallen. Uiteraard betekent het voorgaande een moeilijk te herstellen ernstig nadeel voor verzoekers. Ook aan deze schorsingsvoorwaarde is in casu voldaan”. 2.
- Het aangevoerde nadeel mag niet te wijten zijn aan het eigengereid handelen van de verzoeker. Zoals de verwerende partij terecht betoogt, is in casu het aangevoerde nadeel het gevolg van het onwettig handelen van de verzoekende partijen, met name het zonder de vereiste stedenbouwkundige vergunning uitvoeren van de betrokken werken. Het nadeel vloeit dus niet voort uit de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing. 2.
- Er is niet voldaan aan een van de bij artikel 17, § 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State opgelegde voorwaarden om de schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit te kunnen bevelen. Deze vaststelling volstaat om de vordering af te wijzen. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- De vordering tot schorsing wordt verworpen. X-13.707-3/4 Artikel
- De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zesentwintig januari 2009, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. T. TEMMERMAN, griffier. De griffier, De voorzitter, T. TEMMERMAN. R. STEVENS. X-13.707-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.189.779 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2010:ARR.201.677 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div