id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 09 februari 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.190.271 Rolnummer: A. 190221/IX-6107 Zaak: Arrest 190271 - Varia (justitie) - 09/02/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-04-03 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-06-29 17:02 Fiche Arrest nr 190.271 van 9 februari 2009 Justitie - Varia (justitie) Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 190.271 van 9 februari 2009 in de zaak A. 190.221/IX-
- In zake : Morteza RAMAZANI, die woonplaats kiest te SINT-TRUIDEN, Opvangcentrum, Montenakenweg 145 tegen : de Belgische Staat, vertegenwoordigd door de minister van Justitie. --------------------------------------------------------------------------------------------------- DE Wnd. VOORZITTER VAN DE IXe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Morteza RAMAZANI op 3 november 2008 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van de beslissing van de Federale Overheidsdienst Justitie, Dienst Voogdij, van 28 augustus 2008, “waarbij werd vastgesteld dat verzoeker niet voldoet aan de voorwaarden zoals bedoeld in artikel 5 van Titel XIII, Hoofdstuk 6 Voogdij over niet-begeleide minderjarige vreemdelingen van de programmawet van 24 december 2002”. Gezien het verslag opgesteld door auditeur R. VAN DEN EECKHOUT, op grond van artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuurs- rechtspraak van de Raad van State; Gelet op de beschikking van 9 december 2008, houdende bevel tot neerlegging van het verslag en waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 2 februari 2009; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gehoord het verslag van staatsraad D. MOONS; Gehoord de opmerkingen van advocaat M. PRESTI , die verschijnt voor de verzoeker, en van attaché A. BILLOOYE, die verschijnt voor de verwerende partij; IX-6107-1/4 Gehoord het eensluidend advies van auditeur R. VAN DEN EECKHOUT; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, OVERWEEGT WAT VOLGT : Ontvankelijkheid van het beroep.
- Ambtshalve wordt een exceptie van laattijdigheid van het beroep opgeworpen. In zijn verzoekschrift schrijft verzoeker tot driemaal toe dat de bestreden beslissing van 28 augustus 2008 hem op 1 september 2008 werd ter kennis gebracht. Desbetreffend wordt verwezen naar de bladzijden twee en vier van het verzoekschrift.
- Op maandag 3 november 2008 verstuurt verzoeker per aange- tekende zending zijn verzoekschrift tot nietigverklaring naar de Raad van State. Vrijdag 31 oktober 2008 was de laatste nuttige dag om het verzoekschrift in te dienen binnen de beroepstermijn van zestig dagen.
- Bijgevolg is het beroep tot nietigverklaring niet ontvankelijk en is er aanleiding om artikel 93 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State toe te passen.
- Ten overvloede stelt de Raad van State vast dat het enig middel van verzoeker, afgeleid uit machtsoverschrijding en de schending van de motiveringsplicht als algemeen beginsel van behoorlijk bestuur, niet voldoet aan het voorschrift van artikel 2, § 1, 3/, van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, omdat de uiteenzetting van een middel vereist dat zowel de rechtsregel IX-6107-2/4 als het rechtsbeginsel wordt aangeduid dat zou zijn geschonden en de wijze waarop die rechtsregel of het rechtsbeginsel door de bestreden beslissing werd geschonden. Verzoeker beperkt zich tot een theoretische uiteenzetting van de vereisten die de wet van 29 juli 1991 betreffende de uitdrukkelijke motivering van de bestuurshandelingen aan dergelijke beslissing van de overheid oplegt, en besluit dat de bestreden beslissing, waarvan hij de motivering citeert niet behoorlijk naar recht is gemotiveerd. Hij betrekt deze theoretische uiteenzetting evenwel niet concreet op de bestreden beslissing en legt niet uit hoe de aangevoerde rechtsregels door de verwerende partij bij het nemen van de bestreden beslissing werden geschonden. Verzoeker kan het niet aan de Raad van State overlaten om uit zijn uiteenzetting een middel te distilleren. Ook om dit motief is het beroep tot nietigverklaring niet ontvankelijk. OM DIE REDENEN BESLIST DE Wnd. VOORZITTER : Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van het beroep tot nietigverklaring, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. IX-6107-3/4 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op 9 februari 2009, door : de H. D. MOONS, staatsraad, wnd. kamervoorzitter, Mevr. V. WAUTERS, griffier. De griffier, De voorzitter, V. WAUTERS. D. MOONS. IX-6107-4/4 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.190.271 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div
🔗 Vers la source officielle
AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.