id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 10 februari 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.190.316 Rolnummer: A. 74654/X-7494 Zaak: Arrest 190316 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 10/02/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-02-18 Raadplegingen: 58 - laatst gezien 2026-06-29 17:17 Fiche Arrest nr 190.316 van 10 februari 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 190.316 van 10 februari 2009 in de zaak A. 74.654/X-
- In zake : Toon GOETGEBUER, wonende te 9030 MARIAKERKE, Wilgetronkstraat 2 tegen : het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat V. TOLLENAERE, kantoor houdende te 9000 GENT, Koning Albertlaan
- D E R A A D V A N S T A T E, Xe K A M E R, Gezien het verzoekschrift dat Toon GOETGEBUER op 6 maart 1997 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van het besluit van 23 december 1996 van de Vlaamse minister van Openbare Werken, Vervoer en Ruimtelijke Ordening houdende verwerping van zijn beroep tegen het besluit van 2 mei 1996 van de bestendige deputatie van de provincieraad van Oost-Vlaanderen waarbij hem de vergunning is geweigerd voor het regulariseren van een open schuilhok opgericht op een perceel gelegen te Gent (Mariakerke), op de hoek van de Oranjeboomstraat en de Driesdreef, kadastraal bekend sectie A, nr. 1129/a; Gelet op het arrest nr. 164.946 van 20 november 2006 waarbij de debatten worden heropend; Gezien het verzoekschrift tot voortzetting, op 5 september 2002 ingediend door de verzoeker; Gezien de laatste memorie van de verzoeker; Gelet op de beschikking van 5 januari 2009 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 23 januari 2008; Gehoord het verslag van staatsraad S. DE TAEYE; X-7494-1/6 Gehoord de opmerkingen van T. GOETGEBUER die in persoon verschijnt, en van advocaat W. LAMMENS, die loco advocaat V. TOLLENAERE verschijnt voor de verwerende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur A. EYLENBOSCH; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
- De feiten 1.
- Op 7 juni 1995 (datum van het ontvangstbewijs) dient de verzoeker bij het stadsbestuur van Gent een bouwaanvraag in strekkende tot “regularisatie bouwen van een open schuilhok voor paarden” op een perceel gelegen te Gent (Mariakerke), op de hoek van de Oranjeboomstraat en de Driesdreef, kadastraal bekend sectie A, nr. 1129/a. 1.
- Overeenkomstig de bestemmingsvoorschriften van het bij koninklijk besluit van 14 september 1977 vastgestelde gewestplan Gentse en Kanaalzone is het betrokken perceel gelegen in natuurgebied. Bij besluit van de Vlaamse regering van 19 september 1995 werd het gewestplan gewijzigd en het betrokken perceel tot natuurreservaat bestemd. Het voormelde besluit werd opnieuw ingetrokken bij besluit van de Vlaamse regering van 13 mei
- 1.
- Het perceel was ten tijde van het nemen van het bestreden besluit tevens gelegen binnen de grenzen van een ontwerp bijzonder plan van aanleg nr. 102 D “Bourgoyen”, dat voorziet in de onteigening van verzoekers perceel ter uitbreiding van het Stedelijk Natuurreservaat Bourgoyen-Ossemeersen. Het perceel is volgens dit ontwerp-plan gelegen in een zone voor natuurreservaat waar enkel observatiehutten met een oppervlakte van 20 m² zijn toegelaten. 1.
- Op 19 september 1995 brengt de Afdeling Natuur het volgende ongunstig advies over de aanvraag uit : X-7494-2/6 “Ongunstig. Vermits het gebied in de gewestplanwijziging het statuut natuurgebied of natuurreservaat krijgt is het niet aan te raden schuilhokken te plaatsen. De begrazing past niet in het beheer dat voor de bestemming van het gebied noodzakelijk is. Daarbij gaat het om een kleine oppervlakte en hebben paarden niet direct behoefte aan een schuilhok indien stalling bij de eigenaar voorzien is. Het schuilhok kan en mag niet als stal dienen”. 1.
- Op 27 oktober 1995 brengt ook de gemachtigde ambtenaar een ongunstig advies uit : “ONGUNSTIG om volgende reden : Mijn Bestuur sluit zich aan bij het ongunstig advies van de Afdeling Natuur d.d. 19.09.1995 (kopie in bijlage)”. 1.
- Bij besluit van 1 februari 1996 weigert het college van burgemeester en schepenen van de stad Gent de bouwvergunning om de volgende reden : “Het oprichten van een open schuilhok voor paarden is op het betreffende perceel onaanvaardbaar. Het betreffend perceel weiland kreeg op de wijziging van het gewestplan ‘Gentse en Kanaalzone’, goedgekeurd bij besluit van de Vlaamse Regering dd. 19/09/1995, de bestemming van natuurreservaat. Deze gebieden moeten in hun staat bewaard worden wegens hun wetenschappelijk of pedagogische waarde. In deze gebieden zijn enkel de handelingen en werken toegestaan welke nodig zijn voor de actieve of passieve bescherming van het gebied. Daaronder wordt verstaan de beheerswerken nodig voor het behoud, de bescherming en het herstel van de natuurreservaten. De begrazing past niet in het beheer dat voor de bestemming van het gebied noodzakelijk is. Daarbij gaat het om een kleine oppervlakte en hebben de paarden niet direct behoefte aan een schuilhok indien stalling bij de eigenaar voorzien is. Het schuilhok kan en mag niet als stal dienen.(...)”. 1.
- Het administratief beroep van de verzoeker tegen de voormelde beslissing wordt door de bestendige deputatie van de provincieraad van Oost- Vlaanderen verworpen bij beslissing van 2 mei 1996 en dit om de volgende redenen: “(...) dat echter zowel de bevoegde ambtenaar van de dienst Leefmilieu en Natuurontwikkeling van de stad Gent (advies dd. 26 oktober 1995) als van de afdeling Natuur van de administratie Milieu-, Natuur-, Land- en Waterbeheer van de Vlaamse Gemeenschap (advies dd. 19 september 1995) geoordeeld hebben dat begrazing niet past in het beheer van het gebied; dat de constructie in de winter tevens als stalling werd gebruikt, hetgeen strijdig is met de richtlijnen omtrent schuilhokken, zoals bepaald in de omzendbrief R.O. 95/4; X-7494-3/6 dat volgens het ontwerp-B.P.A. nr. 102 D-Bourgoyen en bijhorend onteigeningsplan de desbetreffende weide voorzien is om onteigend te worden ter uitbreiding van het Stedelijk Natuurreservaat Bourgoyen-Ossemeersen; Overwegende dat door het oprichten van de bouwwerken zonder de voorafgaande schriftelijke en uitdrukkelijke vergunning van het schepencollege een bouwovertreding werd begaan; dat deze overtreding ingevolge art. 65 en volgende van de stedenbouwwet dient gesanctioneerd te worden; dat dienaangaande op 15 december 1995 proces-verbaal werd opgemaakt; dat het college van burgemeester en schepenen op 1 februari 1996 beslist heeft om in toepassing van art. 65, § 1, a van de stedenbouwwet bij de bevoegde rechtbank te vorderen om het perceel in de oorspronkelijke staat te herstellen door de zonder vergunning uitgevoerde constructie af te breken; dat het niet opportuun is door het thans verlenen van een vergunning dit wettelijke beteugelingssysteem te doorkruisen; dat uit hetgeen voorafgaat dient geconcludeerd te worden dat onderhavig beroep niet vatbaar is voor inwilliging”. 1.
- Verzoekers administratief beroep bij de Vlaamse regering tegen de voormelde beslissing wordt verworpen door de Vlaamse minister van Openbare Werken, Vervoer en Ruimtelijke Ordening bij besluit van 23 december
- Met huidig annulatieberoep vordert de verzoeker de vernietiging van dit besluit en vraagt hij “het verwijderbare schuilhok toe te laten, tenminste zolang dit perceel in particulier bezit blijft”.
- De ontvankelijkheid van het beroep 2.
- De eerste exceptie 2.1.
- De aangevoerde eerste exceptie In een eerste exceptie werpt de verwerende partij de onontvankelijkheid van het beroep op ten aanzien van de vraag van de verzoeker om “het verwijderbare schuilhok toe te laten, tenminste zolang dit perceel in particulier bezit blijft”. Zij betoogt dat de Raad van State enkel bevoegd is om administratieve beslissingen te vernietigen en hij geen toelatingen of vergunningen kan verlenen. 2.1.
- Beoordeling De Raad van State is niet bevoegd om in de plaats van de overheid toelatingen of vergunningen te verlenen. De exceptie is gegrond. X-7494-4/6 2.
- De tweede exceptie 2.2.
- De aangevoerde tweede exceptie In een tweede exceptie werpt de verwerende partij de onontvankelijkheid van het beroep op om reden dat “de verzoeker zich voordoet als de houder van een bouwrecht doch het bewijs hiervan niet voorlegt”. Bovendien heeft de verzoeker de gewestplanwijziging van 19 september 1995 niet aangevochten. 2.2.
- Beoordeling Een rechtsvordering waarmee wordt beoogd een voordeel dat werd geweigerd alsnog te verkrijgen, kan in beginsel alleen worden ingesteld door diegene die op dat voordeel aanspraak kan maken. De verzoeker is geen eigenaar maar huurder van het kwestieuze goed en toont niet aan hierop enig zakelijk recht te kunnen doen gelden. Hij kan geen vordering instellen die er op gericht is een aanspraak die hem niet toebehoort, in casu het verkrijgen van een vergunning tot regularisatie van een door hem opgerichte constructie, gerealiseerd te zien. De verzoeker beschikt bijgevolg niet over de vereiste hoedanigheid om het beroep tot vernietiging in te stellen. De exceptie is in de aangegeven mate gegrond. 2.
- Om de hoger vermelde redenen is het beroep onontvankelijk. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- Het beroep wordt verworpen. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 99,16 euro, komen ten laste van de verzoeker. X-7494-5/6 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op tien februari 2009, door de Xe kamer, die was samengesteld uit : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, J. CLEMENT, staatsraad, S. DE TAEYE, staatsraad, Mevr. S. DE CLERCQ, griffier. De griffier, De voorzitter, S. DE CLERCQ. R. STEVENS. X-7494-6/6 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.190.316 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2006:ARR.164.946 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div