← België

Arrest 190475 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 16/02/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 16 februari 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.190.475 Rolnummer: A. 190452/X-13967 Zaak: Arrest 190475 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 16/02/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-02-26 Raadplegingen: 56 - laatst gezien 2026-06-29 17:57 Fiche Arrest nr 190.475 van 16 februari 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Tussenkomst geweigerd Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 190.475 van 16 februari 2009 in de zaak A. 190.452/X-13.

  1. In zake :
  2. Martine HAEGEMAN,
  3. Claude LEJEUNE,
  4. Joëlle HAEGEMAN,
  5. Patricia HAEGEMAN,
  6. Stéphane HAEGEMAN, die woonplaats kiezen bij advocaten J.-J. VAN RAEMDONCK en J. GHYSELS, kantoor houdende te 1170 BRUSSEL, Terhulpsesteenweg 187 tegen : de gemeente MIDDELKERKE, die woonplaats kiest bij advocaat G. AMPE, kantoor houdende te 8400 OOSTENDE, Kerkstraat 8, bus
  7. verzoekende partij in tussenkomst : de tijdelijke vereniging VIKING, die woonplaats kiest bij advocaat P. VAN MELKEBEKE, kantoor houdende te 9700 OUDENAARDE, Einestraat
  8. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het enig verzoekschrift dat Martine HAEGEMAN, Claude LEJEUNE, Joëlle HAEGEMAN, Patricia HAEGEMAN en Stéphane HAEGEMAN op 24 november 2008 hebben ingediend, en waarin zij de schorsing van de tenuitvoerlegging vorderen van:
  9. het besluit van 16 september 2008 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Middelkerke waarbij aan de tijdelijke vereniging VIKING de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het bouwen van een appartementsgebouw “Residentie De Surfers” aan de Koning Ridderdijk 73/74 te Westende-Middelkerke, op percelen kadastraal bekend sectie A, nrs. 3/b26, 3/c18, 3/c26, 3/d18, 3/e18, 3/f21, 3/h28, 3/l26, 3/r19 en 3/y42, en, X-13.967-1/5
  10. het besluit van 16 september 2008 waarbij aan de tijdelijke vereniging VIKING de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het uitbreiden van hetzelfde appartementsgebouw aan de Oceaanlaan 5 te Westende-Middelkerke, op percelen kadastraal bekend sectie A, nrs. 3/e23 en 3/t19; Gezien de nota van de verwerende partij; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur T. DE WAELE; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 14 januari 2009 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 30 januari 2009; Gehoord het verslag van kamervoorzitter R. STEVENS; Gehoord de opmerkingen van advocaat J. GHYSELS, die verschijnt voor de verzoekende partijen, van advocaat V. CHRISTIAENS, die loco advocaat G. AMPE verschijnt voor de verwerende partij, en van advocaat T. CORNELISSEN, die loco advocaat P. VAN MELKEBEKE verschijnt voor de tussenkomende partij; Gehoord het eensluidend advies van auditeur T. DEWAELE; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
  11. Rechtspleging Het verzoek tot tussenkomst, ingediend door een vereniging zonder rechtspersoonlijkheid, is niet ontvankelijk. X-13.967-2/5
  12. Ontvankelijkheid De verwerende partij betwist de ontvankelijkheid van de vordering. Er bestaat vooralsnog geen noodzaak om over de opgeworpen exceptie uitspraak te doen. Een onderzoek van en een uitspraak over deze exceptie dringt zich immers slechts op indien zou blijken dat de grondvoorwaarden voor schorsing vervuld zijn, hetgeen te dezen, zoals hierna zal blijken, niet het geval is.
  13. De grondvoorwaarden tot schorsing Krachtens artikel 17, § 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen;
  14. Het moeilijk te herstellen ernstig nadeel 4.
  15. Wat de tweede schorsingsvoorwaarde betreft wordt vastgesteld dat luidens artikel 8, eerste lid, 3/ van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, het enig verzoekschrift “een uiteenzetting (bevat) van de feiten die van aard zijn aan te tonen dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte de verzoekende partij een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen, waarbij alle stukken worden gevoegd die het risico op dergelijk nadeel aantonen”. Uit deze bepaling volgt dat een verzoeker in zijn verzoekschrift duidelijk en concreet dient aan te geven waarin precies het moeilijk te herstellen ernstig nadeel is gelegen dat hij ingevolge de onmiddellijke tenuitvoerlegging van het bestreden besluit ondergaat of dreigt te ondergaan. De verzoeker mag zich daarbij niet beperken tot vaagheden en algemeenheden, maar dient integendeel zeer concrete en precieze gegevens aan te brengen waaruit blijkt dat hij persoonlijk een moeilijk te herstellen ernstig nadeel ondergaat of dreigt te ondergaan. Bij het beoordelen van deze schorsingsvoorwaarde kan alleen rekening worden gehouden met wat ter zake in het verzoekschrift werd aangevoerd en met de bij dat verzoekschrift gevoegde stukken. X-13.967-3/5 4.
  16. De verzoekende partijen voeren in essentie aan dat het vergunde gebouw ongeveer 25 meter hoog zal zijn en de omgeving zal domineren, en dat zij verkeershinder, vermindering van licht, problemen van inkijk en visuele hinder zullen moeten ondergaan. Er dient evenwel met de verwerende partij te worden vastgesteld dat de verzoekende partijen de genoemde hinderaspecten in geen enkel opzicht concreet betrekken op hun persoonlijke toestand en op de ligging van hun eigendommen, waarvan zij alleen beweren dat zij die regelmatig betrekken. Aldus is de Raad van State niet in de mogelijkheid om na te gaan of de aangevoerde vormen van hinder te dezen aanwezig zijn en een moeilijk te herstellen ernstig nadeel uitmaken. 4.
  17. De tweede constitutieve schorsingsvoorwaarde is derhalve niet vervuld. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  18. Het verzoek tot tussenkomst van de tijdelijke vereniging VIKING in het administratief kort geding wordt afgewezen. Artikel
  19. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
  20. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de tussenkomst wordt uitgesteld. X-13.967-4/5 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zestien februari 2009, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. G. SCHEVENEELS, griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. R. STEVENS. X-13.967-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.190.475 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2011:ARR.215.027 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.