← België

Arrest 190476 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 16/02/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 16 februari 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.190.476 Rolnummer: A. 190161/X-13944 Zaak: Arrest 190476 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 16/02/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-03-03 Raadplegingen: 59 - laatst gezien 2026-06-29 17:57 Fiche Arrest nr 190.476 van 16 februari 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Inwilliging tussenkomst Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 190.476 van 16 februari 2009 in de zaak A. 190.161/X-13.

  1. In zake :
  2. André CLAERHOUT,
  3. Lode CLAERHOUT,
  4. Ann-Sofie CLAERHOUT, die woonplaats kiezen bij advocaat K. ROELANDT, kantoor houdende te 1050 BRUSSEL, Louizalaan 209 A tegen :
  5. de gemeente OOSTROZEBEKE, die woonplaats kiest bij advocaten D. VAN HEUVEN en J. BELEYN, kantoor houdende te 8500 KORTRIJK, President Kennedypark 6/24,
  6. het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat Y. FRANCOIS, kantoor houdende te 8790 WAREGEM, Eertbruggestraat
  7. tussenkomende partijen :
  8. de n.v. SPANO,
  9. de n.v. ASPIRAVI,
  10. de n.v. A & S ENERGIE, die woonplaats kiezen bij advocaten K. LEUS en W. GOOSSENS, kantoor houdende te 1050 BRUSSEL, Louizalaan
  11. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het enig verzoekschrift dat André CLAERHOUT, Lode CLAERHOUT en Ann-Sofie CLAERHOUT op 29 oktober 2008 hebben ingediend, en waarin zij de schorsing van de tenuitvoerlegging vorderen van het besluit van 25 oktober 2006 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente Oostrozebeke waarbij aan de n.v. SPANO en de n.v. ASPIRAVI, de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend voor het bouwen van een bio-WKK- installatie, onderverdeeld in 3 loten: lot 1: energiecentrale, lot 2: houtvoorbehandeling en lot 3: infrastructuurwerken, op een perceel gelegen X-13.944-1/5 te Oostrozebeke, Ingelmunstersteenweg, kadastraal bekend sectie D, nrs. 180/b, 204/d, 204/l, 204/p, 204/r en 204/s; Gezien de nota’s van de verwerende partijen; Gezien het verslag opgemaakt door auditeur T. DE WAELE; Gelet op de kennisgeving van het verslag aan partijen; Gelet op de beschikking van 14 januari 2009 waarbij de terechtzitting bepaald wordt op 30 januari 2009; Gehoord het verslag van kamervoorzitter R. STEVENS; Gehoord de opmerkingen van advocaat K. ROELANDT, die verschijnt voor de verzoekende partijen, van advocaat D. VAN HEUVEN, die verschijnt voor de eerste verwerende partij, van advocaat T. RYCKALTS, die loco advocaat Y. FRANCOIS verschijnt voor de tweede verwerende partij en van advocaat S. VAN HOECKE, die loco advocaten K. LEUS en W. GOOSSENS verschijnt voor de tussenkomende partijen; Gehoord het eensluidend advies van auditeur T. DE WAELE; Gelet op de artikelen 17 en 18 en titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT :
  12. Rechtspleging Met een verzoekschrift van 19 november 2008 hebben de n.v. SPANO, de n.v. ASPIRAVI en de n.v. A & S ENERGIE gevraagd om in het administratief kort geding te mogen tussenkomen. Er is grond om het verzoek in te willigen. X-13.944-2/5
  13. Ontvankelijkheid De verwerende partijen en de tussenkomende partijen betwisten de ontvankelijkheid van de vordering. Er bestaat vooralsnog geen noodzaak om over de opgeworpen excepties uitspraak te doen. Een onderzoek van en een uitspraak over deze excepties dringt zich immers slechts op indien zou blijken dat de grondvoorwaarden voor schorsing vervuld zijn, hetgeen te dezen, zoals hierna zal blijken, niet het geval is.
  14. De grondvoorwaarden tot schorsing Krachtens artikel 17, § 2 van de gecoördineerde wetten op de Raad van State kan slechts tot schorsing van de tenuitvoerlegging worden besloten onder de dubbele voorwaarde dat ernstige middelen worden aangevoerd die de vernietiging van de aangevochten beslissing kunnen verantwoorden en dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen.
  15. Het moeilijk te herstellen ernstig nadeel 4.
  16. Wat de tweede schorsingsvoorwaarde betreft wordt vastgesteld dat luidens artikel 8, eerste lid, 3/ van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State, het enig verzoekschrift “een uiteenzetting (bevat) van de feiten die van aard zijn aan te tonen dat de onmiddellijke tenuitvoerlegging van de bestreden akte de verzoekende partij een moeilijk te herstellen ernstig nadeel kan berokkenen, waarbij alle stukken worden gevoegd die het risico op dergelijk nadeel aantonen”. Uit deze bepaling volgt dat een verzoeker in zijn verzoekschrift duidelijk en concreet dient aan te geven waarin precies het moeilijk te herstellen ernstig nadeel is gelegen dat hij ingevolge de onmiddellijke tenuitvoerlegging van het bestreden besluit ondergaat of dreigt te ondergaan. De verzoeker mag zich daarbij niet beperken tot vaagheden en algemeenheden, maar dient integendeel zeer concrete en precieze gegevens aan te brengen waaruit blijkt dat hij persoonlijk een moeilijk te herstellen ernstig nadeel ondergaat of dreigt te ondergaan. Bij het beoordelen van deze schorsingsvoorwaarde kan alleen rekening worden gehouden met wat ter zake in het verzoekschrift werd aangevoerd en met de bij dat verzoekschrift gevoegde stukken. X-13.944-3/5 4.2.
  17. De verzoekende partijen voeren in essentie aan dat zij “in de onmiddellijk(e) omgeving van de bouwplaats” wonen en dat de bouw van de warmtekrachtcentrale “van ca. 60 meter hoogte” hen visuele hinder zal berokkenen. Zij stellen ook mede-eigenaar te zijn van percelen gelegen “net naast de plaats” waar de centrale zal worden gebouwd en dat zij nu “vanaf hun eigendommen een wijds uitzicht hebben over het bestaande weiland tot aan het kanaal”. 4.2.
  18. De verzoekende partijen wonen op minstens vijfhonderd meter afstand van de kwestieuze site. Waar zij mogelijk visuele hinder dreigen te ondervinden van het bestreden bouwwerk, maken zij, gelet op die afstand, niet aannemelijk dat die hinder dermate groot is dat dit een moeilijk te herstellen ernstig nadeel in de zin van de Raad van State-wet uitmaakt. In zoverre zij zich beroepen op hun hoedanigheid van eigenaar - niet-bewoners van aanpalende percelen, maken zij te dezen ook geen moeilijk te herstellen ernstig nadeel aannemelijk, temeer zij tijdens het openbaar onderzoek geen bezwaren hebben geformuleerd, en de bedoelde percelen nu ook reeds uitkijken op de industriële site “SPANO”. 4.2.
  19. De tweede constitutieve schorsingsvoorwaarde is derhalve niet vervuld. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  20. Het verzoek tot tussenkomst van de n.v. SPANO, de n.v. ASPIRAVI en de n.v. A & S ENERGIE in het administratief kort geding wordt ingewilligd. Artikel
  21. De vordering tot schorsing wordt verworpen. Artikel
  22. De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de vordering tot schorsing wordt uitgesteld. X-13.944-4/5 De uitspraak over de bijdrage in de betaling van de kosten van de tussenkomsten wordt uitgesteld. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zestien februari 2009, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. G. SCHEVENEELS, griffier. De griffier, De voorzitter, G. SCHEVENEELS. R. STEVENS. X-13.944-5/5 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.190.476 Gerelateerde publicatie(s) gevolgd door: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.193.464 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.