id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 27 februari 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.190.959 Rolnummer: A. 187555/X-13701 Zaak: Arrest 190959 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 27/02/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-03-17 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-29 20:06 Fiche Arrest nr 190.959 van 27 februari 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Verwerping Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK. nr. 190.959 van 27 februari 2009 in de zaak A. 187.555/X-13.
- In zake : Yolande ENGELBOSCH, die woonplaats kiest bij advocaat J. PEETERS, kantoor houdende te 3400 LANDEN, Brugstraat 17 tegen :
- de stad LANDEN, die woonplaats kiest bij advocaten P. LUYPAERS en H.-K. CAREME, kantoor houdende te 3001 HEVERLEE, Industrieweg 4, bus 1,
- het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Yolande ENGELBOSCH op 19 maart 2008 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “de beslissing van het College van Burgemeester en Schepenen van de stad Landen, gedateerd op 08 januari 2008 (...), waarbij het College van Burgemeester en Schepenen, onder de hoofding ‘Wijziging van de verkavelingsvergunning’, in het beschikkend gedeelte van de bestreden beslissing aan de aanvrager, met name de heer Ludo GILEN, (...) vergunning gaf onder de verplichting ‘... 1/
(1)de volgende voorwaarden vermeld in het advies van de gemachtigde ambtenaar na te leven ...’”; Gelet op de kennisgeving van de memorie van antwoord van de eerste verwerende partij aan de verzoekende partij op 1 juli 2008; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij op 1 juli 2008 van het feit dat de tweede verwerende partij verzuimd heeft een memorie van antwoord in te dienen; Gelet op de kennisgeving aan de partijen, op grond van artikel 14bis, § 1 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling X-13.701-1/3 van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State, dat de kamer uitspraak zal doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT : Bij het versturen van een afschrift van de memorie van antwoord van de eerste verwerenden partij aan de verzoekende partij heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van artikel 21, tweede lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1 van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De verzoekende partij heeft binnen de termijn van zestig dagen, bepaald in artikel 7 van voormeld besluit van de Regent, geen memorie van weder- antwoord aan de griffie toegestuurd. Krachtens voornoemd artikel 21, tweede lid dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde nietigverklaring te verkrijgen, ontbreekt. Op grond van artikel 14bis, § 1 van voornoemd besluit van de Regent, zal de kamer uitspraak doen onder aanvoering van het ontbreken van het vereiste belang, tenzij een van de partijen binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord; Bij het kennis geven aan de verzoekende partij van het verzuim van het indienen van een memorie van antwoord van de tweede verwerende partij heeft de hoofdgriffier melding gemaakt van artikel 21, tweede lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14bis, § 1 van voornoemd besluit van de Regent. De verzoekende partij heeft binnen de termijn van zestig dagen, bepaald in artikel 8, samengelezen met artikel 7 van voornoemd besluit van de Regent, geen toelichtende memorie aan de griffie laten geworden. Krachtens voormeld artikel 21, tweede lid dient te worden vastgesteld dat het vereiste belang om de gevorderde nietigverklaring te verkrijgen, ontbreekt. X-13.701-2/3 Geen van de partijen heeft gevraagd om te worden gehoord. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel 1. Het beroep wordt verworpen. Artikel 2. De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op zevenentwintig februari 2009, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-13.701-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.190.959 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div