id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 04 maart 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.191.091 Rolnummer: A. 175765/X-12980 Zaak: Arrest 191091 - Wegenwezen - 04/03/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-03-13 Raadplegingen: 54 - laatst gezien 2026-06-29 20:42 Fiche Arrest nr 191.091 van 4 maart 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Wegenwezen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK.nr. 191.091 van 4 maart 2009 in de zaak A. 175.765/X-12.
- In zake : Marc VANDEPERRE, die woonplaats kiest bij advocaten C. GEUKENS, G. JENNEN en E. WOUTERS, kantoor houdende te 2490 BALEN, Lindestraat 2 tegen : de gemeente MOL. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het verzoekschrift dat Marc VANDEPERRE op 10 augustus 2006 heeft ingediend om de nietigverklaring te vorderen van “de beslissing van de gemeenteraad van Mol van 19 juni 2006 betreffende de aanpassing rooilijnplan van een gedeelte van buurtweg nr. 21 in Mol-Achterbos, sectie C”; Gezien de memories van antwoord en van wederantwoord; Gezien het verslag opgemaakt door eerste auditeur E. LANCKSWEERDT; Gelet op de kennisgeving van dat verslag aan de verzoekende partij op 13 oktober 2008; Gezien de laatste memorie van de verwerende partij; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partij, op grond van artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; X-12.980-1/3 OVERWEEGT WAT VOLGT : In het auditoraatsverslag is de verwerping van het beroep voorgesteld. De hoofdgriffier heeft bij de kennisgeving van het auditoraatsverslag aan de verzoeker melding gemaakt van artikel 21, zesde lid van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 14quater van het besluit van de Regent van 23 augustus 1948 tot regeling van de rechtspleging voor de afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State. De verzoeker heeft binnen de termijn van dertig dagen, bepaald in het voornoemde artikel 21, zesde lid geen verzoek tot voortzetting van de procedure ingediend. Krachtens die wetsbepaling geldt te zijnen aanzien een vermoeden van afstand van het geding. Op grond van artikel 14quater van het voornoemde besluit van de Regent zal de kamer de afstand van geding uitspreken, tenzij de verzoeker binnen een termijn van vijftien dagen vraagt om te worden gehoord. De verzoeker heeft niet gevraagd om te worden gehoord. OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
- De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
- De kosten van het beroep, bepaald op 175 euro, komen ten laste van de verzoekende partij. X-12.980-2/3 Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op vier maart 2009, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. T. TEMMERMAN, griffier. De griffier, De voorzitter, T. TEMMERMAN. R. STEVENS. X-12.980-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.191.091 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div