← België

Arrest 191673 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 19/03/2009

id="page_main" x-ms-format-detection="none"> Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab Raad van State Vonnis/arrest van 19 maart 2009 ECLI nr: ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.191.673 Rolnummer: A. 184797/X-13386 Zaak: Arrest 191673 - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen - 19/03/2009 Rechtsgebied: Bestuursrecht Invoerdatum: 2009-03-26 Raadplegingen: 57 - laatst gezien 2026-06-29 23:13 Fiche Arrest nr 191.673 van 19 maart 2009 Ruimtelijke ordening, stedenbouw, leefmilieu en aanverwante aangelegenheden - Bouwvergunningen en gemengde vergunningen Beslissing : Afstand Thesaurus CAS: RAAD VAN STATE UTU-thesaurus: PUBLIEK EN ADMINISTRATIEF RECHT - RAAD VAN STATE - Arresten (Raad van State) Tekst van de beslissing RAAD VAN STATE, AFDELING BESTUURSRECHTSPRAAK.nr. 191.673 van 19 maart 2009 in de zaak A. 184.797/X-13.

  1. In zake :
  2. Kris DEMEY,
  3. Hans BAUWENS, die woonplaats kiezen bij advocaat F. CORYN, kantoor houdende te 9000 GENT, Casinoplein 19 tegen :
  4. de gemeente AALTER, die woonplaats kiest bij advocaten B. ROELANDTS en P.-J. DEFOORT, kantoor houdende te 9000 GENT, Kasteellaan 141,
  5. het Vlaamse Gewest, vertegenwoordigd door de Vlaamse regering, dat woonplaats kiest bij advocaat V. TOLLENAERE, kantoor houdende te 9000 GENT, Koning Albertlaan
  6. tussenkomende partij : de b.v.b.a. CAMELIA, die woonplaats kiest bij advocaat W. DE CUYPER, kantoor houdende te 9100 SINT-NIKLAAS, Vijfstraten
  7. DE VOORZITTER VAN DE Xe KAMER, Gezien het enig verzoekschrift dat Kris DEMEY en Hans BAUWENS op 14 augustus 2007 hebben ingediend, en waarin zij de nietigverklaring vorderen van het besluit van 11 juni 2007 van het college van burgemeester en schepenen van de gemeente AALTER waarbij aan de b.v.b.a. CAMELIA de stedenbouwkundige vergunning wordt verleend tot het bouwen van twee nertsenstallen en een mestopslagplaats, het aanleggen van betonverhardingen en een voedersilo en het afbreken van een sleufsilo te Aalter, Malsemstraat 18, kadastraal bekend sectie B, nrs. 761/h en 755; X-13.386-1/3 Gelet op het arrest nr. 184.842 van 26 juni 2008 waarbij de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van de bestreden beslissing wordt verworpen; Gelet op de kennisgeving van dat arrest aan de verzoekende partijen op 14 juli 2008; Gelet op de kennisgeving aan de verzoekende partijen, op grond van artikel 15ter, § 1 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kort geding voor de Raad van State; Gelet op titel VI, hoofdstuk II, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; OVERWEEGT WAT VOLGT : De hoofdgriffier heeft bij de kennisgeving van het arrest houdende verwerping van de vordering tot schorsing van de tenuitvoerlegging van het bestreden besluit, aan de verzoekende partijen melding gemaakt van artikel 17, § 4ter van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, en van artikel 15ter, § 1 van het koninklijk besluit van 5 december 1991 tot bepaling van de rechtspleging in kortgeding voor de Raad van State. Naar luid van voornoemd artikel 17, § 4ter geldt ten aanzien van de verzoekende partijen een vermoeden van afstand van geding wanneer zij, nadat de vordering tot schorsing van een akte of een reglement is afgewezen, geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging indienen binnen een termijn van dertig dagen die ingaat met de kennisgeving van het arrest. De verzoekende partijen hebben geen verzoek tot voortzetting van de rechtspleging ingediend binnen de termijn van dertig dagen na kennisgeving van het arrest. Op grond van voornoemd artikel 15ter, § 1 zal de kamer de afstand van geding uitspreken, tenzij zij binnen een termijn van vijftien dagen vragen om te worden gehoord. De verzoekende partijen hebben niet gevraagd om te worden gehoord. X-13.386-2/3 OM DIE REDENEN BESLIST DE RAAD VAN STATE : Artikel
  8. De afstand van het geding wordt vastgesteld. Artikel
  9. De kosten van de vordering tot schorsing, bepaald op 350 euro, komen ten laste van de verzoekende partijen, elk voor de helft. De kosten van de tussenkomst, bepaald op 125 euro, komen ten laste van de tussenkomende partij. Aldus te Brussel uitgesproken in openbare terechtzitting, op negentien maart 2009, door : de H. R. STEVENS, kamervoorzitter, Mevr. A. TRUYENS, griffier. De griffier, De voorzitter, A. TRUYENS. R. STEVENS. X-13.386-3/3 PDF document ECLI:BE:RVSCE:2009:ARR.191.673 Gerelateerde publicatie(s) voorafgegaan door: ECLI:BE:RVSCE:2008:ARR.184.842 Print deze pagina Afdrukformaat S M L XL Nieuwe JUPORTAL-zoekopdracht Sluit Tab <div

🔗 Vers la source officielle

AI-uitleg op basis van de officiële wettekst. Indicatief, vervangt geen juridisch advies.